Auteursarchief: August de Loor

Onbegrip over plan Halsema voor buitenlanderverbod coffeeshops

Onderstaande reactie van de Amsterdamse Coffeeshopbond, de BCD. auteur Derrick Bergkamp (VOC)

 

Het nieuws dat de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema buitenlandse toeristen wil gaan weren uit de coffeeshops haalde wereldwijd de media en leidde in Nederland vooral tot onbegrip en kritiek. ‘Als je het probleem wil aanpakken, dan moet je de groei van de budgetvluchten op Schiphol inperken, het aantal hotelkamers terug brengen en iets doen aan de vakantieverhuur.’

Halsema (GroenLinks) stuurde haar plannen op 8 januari naar de gemeenteraad [1]. Opmerkelijk: de burgemeester verwijst expliciet naar de beleidsvoornemens over coffeeshops van het minderheidskabinet Rutte I van VVD, CDA en gedoogpartner PVV, uit 2010. Citaat uit de brief van Halsema van 8 januari:

‘In 2010 hebben de Ministers van VWS en J&V zich uitgesproken voor een kleinschalige en lokale cannabismarkt, het voorkomen van cannabisgebruik onder jongeren en het terugdringen van drugstoerisme. Het Amsterdamse bestuur heeft zich daar expliciet bij aangesloten en door de introductie van blowverboden, door sluiting van coffeeshops en de invoering van een afstandscriterium tussen coffeeshops en scholen getracht de markt te verkleinen en beheersbaar te maken.’

Wet van vraag en aanbod

Het aantal Amsterdamse coffeeshops is sinds de eeuwwisseling 2000 gedecimeerd door het stadsbestuur: van 283 naar 166. Halsema: Dit heeft niet verhinderd dat de vraag naar cannabis (met name door de groei van het toerisme) is gegroeid.’ Het doet de vraag rijzen of de burgemeester enig inzicht heeft in de economische wet van vraag en aanbod. Het besluit doet ook de vraag rijzen of het college van B&W zich enige rekenschap heeft gegeven van de ervaringen met het I-criterium in de rest van Nederland.

Overal waar het i-criterium is gehandhaafd heeft dat direct geleid tot meer overlast van straatdealers en andere illegale aanbieders. Het i-criterium is boven de rivieren in vrijwel geen enkele coffeeshopgemeente ook maar een dag gehandhaafd. En de meeste gemeenten onder de rivieren die de regel wel hebben gehandhaafd, zijn daar van terug gekomen. Volgens onderzoeksbureau Breuer & Intraval geven niet meer dan zeven van de 102 coffeeshopgemeenten aan dat zij het i-criterium met hoge prioriteit handhaven, oftewel 6,9% [2].

Gerri Eickhof

In de reacties op het plan overheerst onbegrip. Kenmerkend was de persoonlijke noot van NOS verslaggever Gerri Eickhof in zijn reportage over het Halsema plan in het 8 Uur Journaal van 8 januari [3]. Staand voor coffeeshop de Jolly Joker op de Nieuwmarkt zei Eickhof:

‘Ik woon al heel lang in deze buurt en kan me nog levendig herinneren hoe vroeger vrijwel elke toerist onder de veertig werd besprongen door straathandelaren die sissend drugs te koop aanboden. Daar ging veel criminaliteit achter schuil. Het probleem verdween grotendeels toen de coffeeshops werden gereguleerd, met daarbij de uitdrukkelijke bepaling dat ook buitenlanders welkom waren. En critici van het nieuwe plan vrezen nu dat wanneer het wordt doorgezet, dat oude probleem weer terug keert.’

Tim Verlaan, onderzoeker van stadsgeschiedenis en verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, zei in het radioprogramma Met het Oog op Morgen:

‘De gemeente zit al langer met dat slechte imago in de maag. Daarom proberen ze al jaren de ‘kwaliteitstoeristen’ aan te trekken. Maar een kwaliteitstoerist binnenhalen is niet de oplossing voor het probleem. Het gaat niet om de kwáliteit van de toerist, maar om de kwantiteit. Als je die aantallen wil terugbrengen dan moet je iets anders doen dan gewoon zeggen dat mensen niet meer naar een coffeeshop mogen.’

Moralistische symboolpolitiek

Onderzoeker Tim Verlaan maakte nog een ander punt, dat veel vaker viel op te tekenen. Verlaan: ‘Ik weet niet of u zelf weleens een joint rookt? Een tevreden roker is geen onruststoker. Dus ik denk dat je meer last hebt van mensen die teveel drinken dan van mensen die een joint opsteken.’ Zijn conclusie: ‘Ik denk dat dit moralistische symboolpolitiek is die door de burgemeester wordt bedreven. Als je het probleem wil aanpakken, dan moet je de groei van de budgetvluchten op Schiphol inperken, het aantal hotelkamers terug brengen en iets doen aan de vakantieverhuur.’

De kans bestaat natuurlijk dat Halsema als een echte machtspoliticus er voor kiest om zich nu te profileren, terwijl ze weet dat het plan geen meerderheid in de gemeenteraad zal krijgen. Fotograaf, auteur en binnenstadbewoner Hans Aarsman hintte op die mogelijkheid in dezelfde uitzending van Met het Oog op Morgen.

Aarsman: ‘Dat vind ik altijd met dat soort voorstellen, hoewel ik geloof dat zij het ook echt als een voorstel ziet en ook afwacht van hoe kunnen we dat gaan aanpakken? En niet gelijk al het voorstel er doorheen duwt. Maar eigenlijk moet je als je met een voorstel komt al gelijk meenemen: hoe kun je het handhaven, zo’n maatregel? Je kan wel zeggen: die coffeeshops gaan dicht, maar wat gaan mensen dan doen? Die gaan natuurlijk naar de straathandel. Dan krijg je weer situaties zoals in de jaren tachtig. Wanneer je uit het Centraal Station komt, je direct sissend wordt aangesproken of je wiet wil. Dat is nu helemaal weg.’

Ironisch

Op social media regende het afkeurende reacties. Thomas de Groot, buitengewoon commissielid in de bestuurscommissie van Amsterdam West voor de PiratenPartij maakte in een serie tweets gehakt van het plan van Halsema: ‘Het is ironisch dat Halsema, die zich altijd profileerde als vrijgevochten liberaal, de geschiedenisboeken in gaat als de burgemeester die Amsterdam veranderde in een soort puriteins Maastricht.’

De Groot: ‘Halsema, die er altijd prat op ging op te komen voor de underdog, die nu sexwerkers slachtoffert aan het vastgoedkapitaal, en arme backpackers die een jointje willen ‘niet genoeg kwaliteit’ vindt hebben voor onze chique stad. De binnenstad-lobby, met de reclamebureaus die rijk willen worden aan citymarketing, van elke buurt een ‘quartier’ willen maken, op hun beurt weer gefinancierd door de vastgoedwinnaars, willen onze stad steriliseren, alles wat rommelig en rafelig en niet-wit en arm is weg hebben.’

Duo Tops en Tromp

De Groot wijst ook op de rol van het duo Pieter Tops en Jan Tromp en het rapport dat zij in opdracht van Halsema maakten over drugs in Amsterdam:

‘Een groot deel van de paniek komt van een rapport vol nepnieuws, waar de auteurs rijk van worden omdat alle gemeentes ze binnenhalen om diezelfde paniek te zaaien. Tromp en Tops hebben Halsema iets ingefluisterd, en gestaafd met nepfeiten en leugens. Vraag maar aan FTM-journalist Bart de Koning, die heeft de rapporten van deze twee querulanten volledig gefileerd. Zie bijvoorbeeld ‘Zoeken met een lampje naar bronnen en feiten in ondermijningsrapport’ [https://www.ftm.nl/artikelen/zoeken-met-een-lampje-naar-bronnen-en-feiten-in-ondermijningsrapport. Toch blijft dit nepnieuws-duo overal gemeentes en politiechefs adviseren, want ze verkondigen een aantrekkelijke boodschap. En Het Parool kakelt dat maar na, zonder de FTM te lezen. En Halsema is blijkbaar ook geen abonnee.’

Als het Halsema’s bedoeling was om de internationale media te halen met dit bedorven kliekje van Ivo Opstelten, dan is haar missie geslaagd. Van Frankrijk tot Zuid-Afrika haalde het buitenlanderverbod voor coffeeshops in het ooit vrije Amsterdam het nieuws. Zelfs de New York Times [5] berichtte er over.

In het artikel in de New York Times legt Andre van Houten, eigenaar van coffeeshop Chapiteau, uit dat de coffeeshopbranche de schuld krijgt van het gedrag van Britse, vooral mannelijke, toeristen die met een budgetvlucht naar de stad komen en dronken worden op de Wallen. Van Houten: ‘Wat is hier het probleem, drugs of alcohol? Wij krijgen altijd de schuld van alles dat verkeerd gaat in deze stad.’

Redactie BCD, 11 januari 2021

Noten:
[1]: Brief driehoek aan Raad beheersbare markt, 8 januari 2021
https://www.amsterdam.nl/nieuws/nieuwsoverzicht/coffeeshopbeleid/

[2]: Coffeeshops in Nederland 2018, aantallen coffeeshops en gemeentelijk beleid 1999-2018, Breuer & Intraval
https://www.breuerintraval.nl/publicatie/coffeeshops-in-nederland-2018/

[3]: NOS 8 Uur Journaal, vrijdag 8 januari 2021
https://tvblik.nl/nos-journaal/9-januari-2021

[4]: Amsterdam wil nieuw imago bij toeristen, zónder wiet, Met Het Oog op Morgen, 10 januari 2021
https://www.nporadio1.nl/binnenland/28866-amsterdam-wil-nieuw-imago-bij-…

[5]: In Amsterdam, Getting High at Coffee Shops May Soon Be for Locals Only, New York Times, 8 januari 2021
https://www.nytimes.com/2021/01/08/world/europe/amsterdam-marijuana-coff…

Karaktermoord en beeldvorming

De afgelopen dagen werd ik plat gebeld door journalisten met de vraag of ik kan bevestigen of Hugo de Jonge, onze Coronaminister “aan de coke zit”.
Alvorens ik te kennen gaf aan dergelijke verzoeken geen gehoor te geven vroeg ik door op welke veronderstellingen de journalisten deze bevestiging verlangen.

Hieruit kwam naar voren dat de combinatie van zijn gedrevenheid en zijn flamboyante gedrag (plus zijn uiterlijk tot hippe schoenen aan toe) tot deze verdacht makerij leidt van dat hij dan wel cocaïne zal gebruiken.

En zo wordt op deze diepgewortelde typering over gebruikers van cocaine plus dat de halve ZUIDAS en de halve TWEEDE KAMER aan de cocaïne zou zijn karaktermoord gepleegd op de minister van VWS.

Het moge duidelijk zijn dat de telefoongesprekken zeer kort van duur waren.

August de Loor

Ps Het bizarre hierbij is dat waar ik de minister tegen beschermde hij tot een wereld behoort waar beeldvorming over drug en druggebruik ook een veel voorkomend fenomeen is.

Nieuws van het CBD-front

Nieuwsbrief december 2020

Vlak voor het eind van 2020, een veelheid aan actuele informatie waar je ongetwijfeld interesse in zult hebben.

Maar allereerst een paar bemoedigende woorden. Het gaat maar door met Corona en nu weer een Lockdown tot 19 januari wat ongetwijfeld voor velen weer hard zal zijn aangekomen in zowel het persoonlijke als in het zakelijke leven.

Maar laat er nou ingrijpende besluiten genomen zijn en dat in positieve zin.
Eindelijk heeft de VN het aangedurfd om de al sinds 1961 rigide wetgeving aangaande cannabis open te breken. Wereldwijd kan hierdoor het reguleren van de medische/therapeutische toepassing van cannabis verder en versneld toegepast worden (met, hopelijk, als volgende fase, de legalisering van het recreatief gebruik).
En ook in Europa is een megastap gezet door CBD niet meer als een drug te beschouwen maar als een voedingsmiddel.

In 2021 is de belangrijkste uitdaging voor het CAN ( belangenvereniging van de branche en andere betrokkenen bij CBD en Cannabinoiden) om ervoor te zorgen dat deze besluiten worden omgezet in een duurzaam Nederlands (en uiteindelijk Europees) cannabinoïdenbeleid. Hiervoor zal de komende maanden de samenwerking van het CAN met andere organisaties in binnen- en buitenland versterkt worden, overleg is aangevraagd met de ministeries en NVWA, en de pijlen worden gericht op de campagnes van de politieke partijen voor de verkiezingen in maart 2021 ( de voorwaarde voor een zo goed mogelijk resultaat is een, in aard en omvang, gezonde vereniging. Het CAN is ook dit jaar weer gegroeid in aantal leden, dus wie zich aangesproken voelt, wordt lid!)

Ontwikkelingen in de EU

Afgelopen week hebben de Verenigde Naties en de Europese Commissie gestemd over de aanbevelingen die de WHO heeft gedaan mbt CBD en cannabis

Aan de ene kant is er nu overeenstemming over de legale status van de stof Cannabidiol. Cannabidiol, of deze wel of niet uit hennep is geïsoleerd, valt niet onder de bepalingen van de internationale verdragen en dus ook niet onder de Opiumwet. Het is dus geen ‘drug’ en mag in voeding en voedingssupplementen worden verwerkt. Maar dan is er wel een Novel Food autorisatie nodig! Meer daarover lees je hieronder.
Volgens deze redenering zou CBD-isolaat ook in cosmetica mogen verwerkt. Zodra de entry voor Cannabidiol in de Cosing database is aangepast zullen we je daarover informeren.
Aan de andere kant blijven CBD producten met een THC gehalte lager dan 0,2% (dus ook alle CBD producten met minder dan 0,05% THC) wel onder de bepalingen van de internationale verdragen vallen en dus onder de Opiumwet. Voor deze producten kan er geen Novel Food autorisatie worden aangevraagd en blijft het Nederlandse gedoogbeleid gelden, alsook de verschillende nationale maxima voor THC.

Samenvatting cannabidiol:
CBD-isolaat mag in voeding en voedingssupplementen, mits er voor de gebruikte kwaliteit een NF autorisatie is.
CBD-isolaat mag in cosmetica worden verwerkt.
Synthetische CBD mag in voeding en voedingssupplementen, mits er voor de gebruikte kwaliteit een NF autorisatie is.
Synthetische CBD mag in cosmetica worden verwerkt.

Samenvatting hennepextracten:
Hennepextracten zonder THC (breed spectrum) mogen in voeding en voedingssupplementen, mits er voor de gebruikte kwaliteit een NF autorisatie is.
Hennepextracten met THC (full spectrum) mogen in voeding en voedingssupplementen worden verwerkt die gedoogd worden onder de Opiumwet.
NB 1: Let op de verschillende toegestane THC limieten in het te vermarkten land.
NB 2: CBD-olie valt in Nederland nog steeds onder de definitie van Hennepolie (lijst 1) in de Opiumwet.
NB 3: De productie van hennepextracten mag niet in Nederland plaatsvinden. Daarvoor is een opiumontheffing nodig. Pas als de concentratie THC onder de 0,05% ligt, wordt het extract of het eindproduct gedoogd.

CAN Keurmerk voor CBD

Met het risico van dat ik in herhaling val blijf ik op het belang van het Keurmerk wijzen. Terugkijkend op hoe CBD zich de afgelopen jaren aan al die negatieve toedichtingen en het (drugs) stigma heeft moeten ontworstelen om tot een volwaardig en serieus genomen product te worden is het niet meer dan logisch dat dit bezegeld wordt met een Keurmerk. Ieder zichzelf respecterend bedrijf die zich met CBD bezig houdt zou hier in mijn ogen voor moeten kiezen om daarmee naar zowel de collega-ondernemers als de consument duidelijk te maken dat het product aan alle eisen van kwaliteit en etikettering voldoet.

Daarnaast moet het Keurmerk ook als een logische vervolgstap gezien worden op de recente besluitvorming binnen zowel de VN als de EU. En om bij die laatste te beginnen is het Keurmerk de kroon op het feit dat CBD nu niet meer als een drug maar als een voedingsmiddel beschouwd wordt.

Het CAN heeft de afgelopen jaren het Keurmerk ingezet als instrument om die positieve beleidswijziging via Nederland in de EU m.b.t. CBD te realiseren. En nu dat gerealiseerd is, is de daadwerkelijke invoering van het Keurmerk op elk CBD product de volgende stap in de verdere ontwikkeling naar een wereldwijd, duurzaam bij wet verankerd, CBD beleid. Binnen die mondiale ontwikkeling kan ieder afzonderlijk lid van het CAN een bijdrage leveren met het voeren van een Keurmerk op zijn of haar product. Het is die uitdaging waar het CAN de komende jaren voor staat!

December 2020

August de Loor

voorzitter vereniging CAN

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het ont-drug-gen van de Amsterdamse binnenstad; ” als een olifant door de porseleinkast”.

Vanuit de doctrine van dat wat betreft drugs in Amsterdam maar alles kan en mag en deze stad de drugshoofdstad van de wereld zou zijn komt er vanuit het stadhuis een beleid op gang om hier paal en perk aan te stellen. Het moge duidelijk zijn van dat op deze volstrekt onlogische redenering ( zie voor meer uitleg vele eerdere artikelen over Amsterdam op deze website) een weinig genuanceerd beleid verwacht kan worden zoals verleden week van het sluiten van een alternatieve toeristen/headshop winkel in de Damstraat. Het waren de velerlei producten tot die die ook maar enigszins in relatie met drug en druggebruik gebracht konden worden wat voor de burgemeester aanleiding was om de winkel te sluiten.

Met onderstaande mail attendeer ik de burgemeester erop er een meer genuanceerd beleid op na te houden. “GEEN OLIFANT DOOR EEN PORCELEINKAST”

 

Geachte burgemeester, beste Femke, 

Het is de veelheid aan druggerelateerde producten die The Old Man winkel in de Damstraat verkocht wat jou aanleiding gaf om deze winkel (tijdelijk) te sluiten.

Echter op een aspect van deze beslissing wil ik jou attenderen.

Het is namelijk ook de verkoop van drugssneltestjes wat jou deed besluiten om de winkel dicht te gooien. Maar laten deze testkits nou een zeer belangrijke rol spelen in het nationale drugs Harm Reduction beleid van dat consumenten op een zeer simpele manier kunnen nagaan in hoeverre hun aangeschafte drug versneden is.

Bij dit Harm Reduction beleid spelen deze sneltestkits een aanvullende rol in het landelijke netwerk van drugtestspreekuren van het Trimbos Instituut met in Amsterdam de testspreekuren van de Jellinek en de GGD.

Deze aanvulling gaat zover dat de afgelopen decennia menigmaal is samengewerkt tussen de drugspreventie-instellingen en de distributeur van de sneltestkits ten tijde van het rouleren van partijen XTC of andere drugs met een direct gezondheidsrisico voor de consument.

En waar helemaal intensief samengewerkt werd was ten tijde van de witte heroïne waarschuwingscampagne In het voorkomen van nog meer dodelijke slachtoffers werden in no-time 2000 sneltestsetjes verspreid in de Amsterdamse smartshops. Met deze speciaal ontwikkelde testsetjes kon op een eenvoudige manier de witte heroïne aangetoond worden en de toeristen gewaarschuwd voor de witte heroïne dealer.

Kortom, het verbieden van de verkoop van sneltestkits via de zogenaamde smartshops komt het landelijke en Amsterdamse drugspreventiebeleid niet ten goede.

Derhalve is mijn advies om voor het verder ontwikkelen van beleid (zoals ook die t.a.v. de toekomst van de Amsterdamse binnenstad) overleg te starten met de VLOS, de belangenvereniging van smartproducten.

met vriendelijke groet,

August de Loor

 

 

 

 

Een goed nieuw jaar toegewenst,

 

Met vriendelijke groet,

August de Loor

Voor een pilletje naar de X-shop

Voor een pilletje naar de X-shop

ThumbnailMinder gezondheidsschade, minder consumptie per gebruiker, minder criminaliteit, minder milieuschade. Dat is het resultaat van hun optimale model voor het Nederlandse xtc-beleid, aldus een denktank van 18 experts op het gebied van verslaving, criminaliteit en drugsbeleid, die onder meer verbonden zijn aan de Universiteit van Maastricht, de Nationale Politie en het Transnational Institute.

Regulering productie en verkoop
Een gecombineerde aanpak, waarbij de productie en de verkoop van xtc wordt gereguleerd, de kwaliteit van xtc wordt bewaakt, de misdaad harder wordt aangepakt en het gebruik beter wordt gemonitord moet leiden tot dat resultaat, aldus de Denktank MDMA-Beleid (DMB), een initiatief van een groep deskundigen van Jellinek Preventie, de Hogeschool van Amsterdam, het Amsterdam UMC (AMC) en de Open Universiteit.

Beoordeling effecten mogelijke maatregelen
Het rapport van de DMB is vandaag gepubliceerd. Op grond van hun wetenschappelijke kennis en ervaring, en los van een overkoepelende ideologie, hebben de 18 experts de verwachte effecten van 95 mogelijke maatregelen beoordeeld en naar eigen zeggen het optimale model weten te genereren voor het Nederlandse ecstasybeleid. Zij onderzochten welke mogelijke maatregelen een bijdrage kunnen leveren aan het verminderen van de gezondheidsrisico’s en aan het bestrijden van de aan mdma gerelateerde criminaliteit.

Afgewogen eindoordeel
Het effect van 95 mogelijke maatregelen hebben zij gescoord op 27 verschillende uitkomsten, zoals gezondheidsschade, criminaliteit, mate van gebruik, milieuschade en internationale imagoschade. Voorbeelden van deze maatregelen zijn het al dan niet toestaan van reclame, vergunning voor de verkoop, een hardere aanpak van de misdaad, kwaliteitsbewaking van producten, drugsvoorlichting en strafverzwaring voor criminelen. Omdat het belang van de uitkomsten onderling nogal verschilt, zijn weegfactoren toegekend aan de 27 verschillende uitkomsten, zodat een afgewogen eindoordeel ontstaat.

Minder criminaliteit
Het advies is om productie en verkoop van xtc te reguleren, de kwaliteit van xtc te bewaken, de misdaad harder aan te pakken en het gebruik beter te monitoren. Toepassing van het optimale model zal dus leiden tot minder gezondheidsschade, minder consumptie per gebruiker, minder criminaliteit en minder milieuschade. Daarbij worden staatsinkomsten gegenereerd. Btw-inkomsten worden geschat op ongeveer twee miljoen euro per jaar plus inkomstenbelasting en eventuele accijnsheffingen. De DMB maakt de kanttekening dat toepassing van het optimale model kan leiden tot een lichte toename van het aantal gebruikers, maar de omvang (aantal pillen per jaar) daalt.

X-shop model
Met het oog op uitvoerbaarheid en politieke haalbaarheid is het optimale model enigszins aangepast tot het zogenaamde ‘X-shop model’, dat vrijwel dezelfde gunstige effecten heeft. Dat model is eigenlijk vergelijkbaar met het model van de gesloten cannabisketen, waarvan de proef binnenkort van start moet gaan. Het X-shop model is vooral bedoeld als eerste aanzet voor nieuw xtc-beleid en kan na maatschappelijke en politieke discussies worden verfijnd. Volgens de denktank kan daarna een implementatietraject worden gestart om van de huidige ongunstige situatie te komen tot een situatie waarmee zowel de gebruiker als de maatschappij optimaal zijn gediend.

Onderhandelingen met buurlanden
‘Het is natuurlijk niet zo dat als wij het enkel in Nederland goed regelen het criminaliteitsprobleem is opgelost’, zegt Floor van Bakkum, een van de initiatiefnemers van de denktank en manager preventie bij Jellinek. ‘Het mooiste zou zijn als een aantal landen samen deze ontwikkeling onderzoeken.’ In zijn aanbevelingen stelt de denktank verkenningen en onderhandelingen met buurstaten voor over invoering van een vergelijkbaar model voor regulering van xtc. Nederland kan dan als productieland de consumenten in buurlanden, nadat zij een vergelijkbare xtc-wetgeving hebben ingevoerd, voorzien van xtc-pillen van goede en gecontroleerde kwaliteit.

Internationale interesse
Nu gaat het grootste deel van de illegale xtc-productie naar het buitenland. Regulering in Nederland houdt dat toch niet tegen? ‘We hebben ook niet de illusie dat we de grote jongens er een slag mee kunnen toebrengen. Daarvoor zijn internationale stappen nodig. Maar de binnenlandse criminaliteit en het probleem van kwetsbare jonge drugsrunners kan er wel door verminderen.’ Volgens Van Bakkum volgt de internationale gemeenschap het onderzoek met interesse en volgt er binnenkort een publicatie in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Psychopharmacology.

Los van morele discussie
De groep experts heeft vrijwillig aan het onderzoek meegewerkt. De exercitie is vooral bedoeld om los van morele normen en waarden zo sec mogelijk naar de verwachte resultaten te kijken, vertelt Van Bakkum. ‘Stel je voert deze beleidsmaatregelen in, wat komt er dan uit? We nodigen mensen uit om zelf met het systeem aan de slag te gaan en te kijken of de scores kloppen als je ze zo objectief mogelijk doorrekent. We hopen de discussie over het drugsbeleid open te breken, uit die loopgraven en uit die morele discussie te komen. De aanpak is tweeledig: reguleren onder strikte voorwaarden en een stevige aanpak van de criminaliteit. Niet iedereen kan dus xtc kopen en we halen een deel van het winstmodel van criminelen onderuit, waardoor je de politie anders kunt inzetten. Dit onderzoek en het ontwikkelde systeem is vooral een aanzet voor de discussie. Mensen kunnen ermee spelen.’

bron:

https://m.binnenlandsbestuur.nl/nieuws/voor-een-pilletje-naar-de-x-shop.249208.lynkx

EU top court rules that CBD is not a narcotic drug

En zo op het eind van het rampjaar 2020 besluit de Europese Commissie om CBD van de lijst van drugs te halen zodat nu in 27 Europese landen van de EU CBD een voedingssupplement is.
Kortom een zeer welkom mooi eind van 2020.

bron:
https://www.politico.eu/article/cjeu-rules-that-cbd-is-not-a-narcotic-drug/

 

Open brief aan de burgemeester van Amsterdam

Geachte burgemeester, beste Femke,

Hieronder de kernpunten van mijn speech van vorige week, 22 oktober voor de Amsterdamse gemeenteraad bij het agendapunt over het I-criterium en mijn pleidooi om daar vanaf te zien.

Wat betreft punt 7 van mijn speech is dit een serieus aanbod met als kanttekening van dat ik zowel als binnenstadbewoner en als drugsdeskundige deuren open krijg die voor anderen gesloten blijven. Het is achter die deuren waar veel suggesties liggen voor het in goede banen leiden van de toestroom aan bezoekers naar onze stad EN hoe de leefbaarheid van de binnenstad verbeterd kan worden zonder dat dit de gastvrijheid van onze stad aantast. Kortom, als jij van jouw kant de deuren opent, dan valt er veel winst te halen! Over hoe dat georganiseerd moet worden is voor nader overleg.

Met vriendelijke groet!

August de Loor

 

Geachte leden van de Raad,

  1. “Massatoerisme”, “laagwaardig toerisme”, “drugstoerisme” Zolang zulke vage, lees containerbegrippen gebezigd worden kan je een beetje doordacht beleid over het verbeteren van het leefklimaat in de Amsterdamse binnenstad wel vergeten.
  2. En nu ik het toch over drugstoerisme heb: In de jaren 70 en 80 werden buitenlandse heroïne junkies als drugstoeristen omschreven. Anno 2020 zijn het bezoekers die in een coffeeshop een jointje roken die nu als drugstoeristen omschreven worden. Kortom, daar waar het Amsterdamse drugsprobleem is afgenomen is de intolerantie toegenomen!
  3. “Amsterdam drugshoofdstad van de wereld”,  “Amsterdam faciliteert de drugshandel”, “Wat betreft drugs kan en mag alles in Amsterdam”! Zolang we onze stad op een dergelijke volstrekt belachelijke manier zo wegzetten is elk voorstel die daar uit voortkomt even belachelijk ( voor meer uitleg, zie P.s.)
  4. En het I- criterium is zo’n voorbeeld van een ondoordacht beleid. De verwijzing van Tops/Tromp, raadsleden van de VVD, CU en menig ander belangrijk persoon/instantie als zou dit criterium succesvol in Maastricht uitpakken is een gotspe ( in moderne taal; fake news) A) Het overgrote deel aan zuidelijke steden hebben het criterium al tijden geleden opgedoekt, met als bijeffect van dat Maastricht kan pochen dat het criterium bij haar wel werkt  B) van dat er veel meer negatieve bijeffecten aan het criterium kleven als algemeen verondersteld wordt plus dat dit criterium al jaren een verkeerd signaal is naar een Europees softdrugs- en coffeeshopbeleid! En tenslotte is Maastricht in zowat al haar facetten van toerisme, ligging als samenstelling aan bevolkingsgroepen op geen enkele manier te vergelijken met Amsterdam.
  5. Het pleidooi op het invoeren van het criterium veronderstelt van dat er in Amsterdam sprake is van een strikte scheiding tussen ingezetenen en niet-ingezetenen. De dagelijkse Amsterdamse werkelijkheid is veel complexer aan menig overlap tussen beide categorieën. Ik raad een ieder aan om eens coffeeshops te bezoeken waar in het algemeen dezelfde diversiteit aan hele, halve, als niet ingezetenen aan bezoekers te vinden zijn als in cafés en dan vooral rond (inter)nationale festiviteiten als Koningsdag, Gay Pride, RAI congressen, ADE, volle Johan Cruyff Arena’s, SAIL, enz. Hoe kan je binnen een dergelijke complexiteit van onze stad met een uitgebreid aanbod aan publieke voorzieningen EEN voorziening uitzonderen waar een deel van mensen niet mag komen? Dat ruikt toch naar iets wat we niet willen ruiken!?
  6. En ook in praktische opzicht is het criterium een gotspe waarvan ik ervan uitga dat U dit middels meerdere notities van mijn hand al weet van hebt ( zie website; augustdeloor.nl)
  7. De toekomst van de Amsterdamse binnenstad verdient een genuanceerde aanpak. Met  mijn 71 jaar wonen en werken in die binnenstad plus 50 jaar werkzaam voor het Amsterdamse drugsbeleid wil ik daar mijn bijdrage bij leveren. Maar dat heeft alleen maar zin als dat vermaledijde criterium van tafel is!

Met vriendelijk groet en wijsheid in Uw raadswerk!

 August de Loor

Ps) wat betreft aard en omvang van het Amsterdamse drugsprobleem gaan bijna alle hoofdsteden in Europa ons voor om over een groot aantal grote steden in de USA, Afrika, Zuid Amerika en Azië maar te zwijgen. Waar Amsterdam zich in onderscheidt is dat een groot deel van het drug en druggebruik zich openlijk manifesteert zoals gebruikersruimtes voor junkies, heroïneverstrekking, spuitenruilprojecten, drugstestspreekuren, smartshops en ten aanzien van dit dossier; coffeeshops. Het was burgemeester Schelto Patijn die er steeds op wees van dat die zichtbaarheid een uitvloeisel is van het gedoogbeleid waarbij het maatschappelijk zichtbaar houden van een complex fenomeen het beste instrument is voor politiek/bestuurlijke bijsturing. De tragiek is dat die zichtbaarheid de beeldvorming voed als zou in Amsterdam maar alles mogen en kunnen met het slappe-de-andere-kant-opkijkende-stadhuis als politiek schuldige! En die beeldvorming beperkt zich niet tot de kooplui op de Albert Cuyp en andere onderbuiknivo,s in onze stad. Menig vooraanstaande persoonlijkheid laten zich al decennialang in die zin uit ( herinner de stuitende afscheidswoorden van interim burgemeester van Aartsen over het politieke klimaat van het  stadhuis ten aanzien van het Amsterdamse drugsbeleid). Je zou dan verwachten dat een Hoogleraar Bestuurskunde ( de heer Tops) en een senior journalist van de Volkskrant ( de heer Tromp) definitief zouden afrekenen met die beeldvorming. Het omgekeerde is gebeurd met als opmerkelijk gegeven dat tot op de dag van vandaag alle deuren van de lokale en landelijke kranten, radio en tv voor deze onderzoekers open staan. Het gevolg laat zich raden van dat op al deze beeldvorming over onze stad de roep voor een hard optreden steeds luider wordt ( tot zelfs twee progressieve dominees die in het Parool opriepen van dat Amsterdam een voorbeeld moet nemen aan Singapore waar druggebruikers de doodstraf riskeren. Op mijn reactie dat dit laatste ook van toepassing is op homo,s kwam geen reactie!). De roep voor het invoeren van het I-criterium is een logisch vervolg van die beeldvorming!

IGNORE STREETDEALERS-een waarschuwingscampagne waard!

Bij het bij coffeeshops langsgaan voor het afleveren van de IGNORE STREETDEALER posters wordt onderstaande brief voor de eigenaar achter gelaten. De inhoud spreekt voor zich!!

                                            Aan de eigenaar van deze coffeeshop,

                                                     “IGNORE STREETDEALERS”

                                           een waarschuwingscampagne waard!

Beste eigenaar,

Een aantal weken geleden kwam, door het versoepelen van de Corona regels de stad weer langzaam tot leven met meer dagjesmensen, uitgaanders en toeristen op straat. Helaas kwam in het kielzog daarvan ook weer het probleem van straatdealen op gang. Nu sinds verleden week de Coronaregels weer aangescherpt zijn blijkt uit waarnemingen dat het straatdealen niet alleen onverminderd doorgaat maar zich ook meer verspreid over de stad. Hoe leger de straten hoe hoger de pakkans dus hoe verder het straatdealen zich verspreid over de stad met vooral na 8 uur ’s avonds als de coffeeshops dicht zijn. Met hulp van het Adviesburo Drugs is dit voor de BCD aanleiding om de waarschuwingscampagne IGNORE STREETDEALERS van een jaar geleden weer nieuw leven in te blazen. Bij deze het verzoek om bijgevoegde posters op te hangen als bijdrage in het terugdringen van straatdealen. Hartelijk dank voor Uw medewerking!

 

Simone van Breda (voorzitter BCD)
August de Loor (Stichting Adviesburo Drugs)

Voor meer informatie: 06 222 50 820

 

 

Corona en het I-criterium, een onderzoek onder bezoekers van coffeeshops

 

Open brief aan de burgemeester van Amsterdam, beste Femke

DE BEREIDHEID VAN DE BEZOEKERS VAN COFFEESHOPS OM ZICH TE LATEN REGISTREREN

Een analyse in het perspectief van zowel het bestrijden van het coronavirus als het voorkomen van dat in Amsterdam het I-Criterium ingevoerd wordt.

Inleiding.

Als uitvloeisel van de richtlijnen in het bestrijden van het coronavirus mogen coffeeshops, analoog aan de andere horecagelegenheden, sinds 1 juli weer bezoekers toelaten in het horecagedeelte. Dit was voor een van jouw stadhuismedewerkers aanleiding het Adviesburo te verzoeken om na te gaan in hoeverre bezoekers van coffeeshops bereid zijn zich te laten registreren ( registratie ten dienste van brononderzoek bij geconstateerde positieve test op het coronavirus als instrument in het bestrijden van datzelfde virus).

Het resultaat van de afgelopen weken bezoeken van tientallen coffeeshops binnen en buiten het centrum plus gesprekken met personeel en bezoekers kom ik tot de conclusie dat, ondanks dat vele coffeeshops de moeite nemen om de registratie zo efficiënt mogelijk te laten plaatsvinden, de bereidheid onder de bezoekers gering is. Bij navraag valt op dat die geringe bereidheid niet tot nauwelijks iets van doen heeft met onderschatting van het besmettingsrisico van het coronavirus. Met soms zeer uiteenlopende opvattingen geven de bezoekers aan dit probleem serieus te nemen wat trouwens ook waarneembaar is van dat zij zich conformeren aan de corona preventie instructies van de coffeeshop. Uit de gesprekken met bezoekers en personeel heeft de weerstand tegen registratie veeleer te maken met privacy en dat specifiek in relatie tot het brononderzoek. Men snapt de noodzaak van brononderzoek maar is bevreesd van dat de informatie “doorlekt” naar derden omschreven als; “dan komt mijn baas, schoolhoofd of tante of oom of opa of oma of buurman of wie dan ook die ik eventueel besmet heb erachter van dat ik een coffeeshopbezoeker ben , kortom een liefhebber van cannabis. En dat is en blijft nog steeds een gevoelig onderwerp waar ik mijn vingers niet aan wil branden!”.

De geringe bereidheid voor het registreren van het bezoeken van coffeeshops heeft nog meer, meer algemene oorzaken zoals dat het laten registreren van het nuttigen van een genotsmiddel sowieso gevoelig ligt. Het door mij en mijn medewerkers de afgelopen weken langs gaan bij cafés bevestigde die gevoeligheid van dat ook daar nauwelijks sprake is van registratie, incluis een geringe bereidheid onder café bezoekers om zich te laten registreren. Bij bezoekers van coffeeshops komt daar nog de “mistige” wettelijke status van cannabis bij met daarbovenop de nog steeds diepgewortelde vooroordelen over dit middel en haar consumenten ( zie citaat hierboven). Op mijn vraag of die geringe bereidheid tot registratie zich ook voordoet bij het bezoeken van restaurants, winkels en andere publieke aangelegenheden wordt verbaasd gereageerd van dat diezelfde coffeeshopbezoeker daar geen enkele moeite mee heeft. Ergo een extra bevestiging hoe gevoelig de registratie binnen coffeeshops ligt.

Tot zover mijn belangrijkste constateringen van een aantal weken veldverkenning in de Amsterdamse coffeeshops met de vraag, lees uitdaging hoe de bereidheid onder bezoekers van coffeeshops verhoogd kan worden om, in de strijd tegen het virus, zich te laten registreren.

Het eerste waar ik aan denk is dat het stadhuis naar de coffeeshopbranche meer uitleg moet geven van dat de bronmeldingen gevrijwaard zijn/blijven van waar de registratie heeft plaats gevonden. Daarmee haal je de belangrijkste weerstand tegen registratie weg! Hoe dit naar de doelgroep gecommuniceerd moet worden is voor nader beraad en dat uiteraard in overleg met de coffeeshopbranche, c.q. de BCD. En daarbij kan je ook op de hulp van het Adviesburo rekenen.

Maar het allerbelangrijkste wat helpt om de schroom voor registratie weg te nemen is het bestrijden van het stigma ten aanzien van het gebruik van cannabis. Maar is daarvoor niet al decennialang de politiek aan zet? Van wat Minister van Agt van Justitie (CDA!) in 1976  bij de invoering van het scheidingsbeleid tussen softdrugs en harddrugs stelde van dat het nut van deze scheiding het meest tot zijn recht komt als binnen 5 jaar (lees 1981) cannabis gelegaliseerd zou worden. En was het niet burgemeester Patijn die in de jaren 90 daar aan toevoegde van dat niet het gedoogbeleid de schuld heeft aan de oplopende criminalisering maar het ontbreken van een logisch vervolg van het gedogen naar die van het reguleren en legaliseren van cannabis. Eenzelfde genuanceerde oproep door jou is in mijn ogen gewenst en juist nu van dat het ook als een strategische zet dient in de strijd tegen het coronavirus.

I-criterium

En om bij het thema van strategische handelen te blijven moet ook de geringe bereidheid voor registratie gezien worden in het licht van de pleidooien om in Amsterdam het I-criterium in te voeren. Op mijn eerdere bezwaren tegen dit criterium ( zie website; augustdeloor.nl met meerdere artikelen over dit criterium) wil ik daar aan toevoegen van dat er alom over het hoofd gezien wordt dat als niet- ingezetenen niet de coffeeshop in mogen dit betekent dat ook de papieren van ingezetenen gecontroleerd moeten worden.

Gelet op de ervaringen van de afgelopen weken hoe sterk de behoefte aan privacy heerst onder consumenten van cannabis is de angst reëel van dat het I-criterium drempelverhogend zal uitpakken voor alle bezoekers van coffeeshops, ergo dus ook voor ingezetenen waar het criterium niet voor bedoeld is. Dit risico is reëel met name onder bezoekers uit de hogere sectoren van het maatschappelijk bestel ( zie rapport over onderzoek naar de bezoekerspatronen in 11 coffeeshops in de Amsterdamse binnenstad; Adviesburo Drugs januari 2020, een rapport wat aangeeft van dat de bezoekers afkomstig zijn uit alle lagen van de bevolking in leeftijd, etniciteit en sociale klasse). Privacy is een zeer gevoelig fenomeen wat, zo leert de ervaring in vele vormen en onvoorspelbare gedragingen tot uiting komt. Het I-criterium zet dit alles op scherp wat bij het andere gevoelige fenomeen van die van het softdrugs- en coffeeshopbeleid wel het laatste is waar we op zitten te wachten.

Het door welke maatregel dan ook verhogen van de drempel van coffeeshops is in menig opzicht ongewenst. Iedere verhoging van de drempel van coffeeshops speelt het illegale verkoopcircuit van drugs in de kaart, een circuit die de afgelopen 10 jaar zich allang niet meer beperkt tot straatdealen van een enorme toename aan onzichtbare/oncontroleerbare verkoopadressen van zowel soft- als harddrugs van 06-lijnen, darkwebs en andere sociale media. De jongste informatie wijst erop van dat deze verkoopcircuits nu al inspelen op de invoering van het I-criterium door te benadrukken van dat zij volledige anonimiteit garanderen aan de klant zonder zich ook maar enigszins druk te maken of dit nou ingezetenen of niet-ingezetenen zijn.

Amsterdam 30 september 2020

August de Loor

 

 

 

 

Nieuwe impuls waarschuwingscampagne IGNORE STREETDEALERS

Na de Lockdown is er weer meer drukte in het publieke domein aan uitgaanders, toeristen, dagjesmensen met in de schaduw van dat ook het gilde van straatdealers weer wakker is geworden met alle ellende van dien.

Samenwerking tussen de VLOS ( belangenvereniging van Smartshopeigenaren) en het Adviesburo Drugs heeft  onderstaande postercampagne opgeleverd om te waarschuwen voor de praktijken van straatdealers. De campagne wordt via de smartshops landelijk uitgerold aangezien dit staatdealprobleem, ondanks de verschillen in aard en omvang, zich in alle steden van Nederland voordoet ( en dan vooral in steden zonder coffeeshops).

En als we het dan toch over coffeeshops hebben spreken wij onze grote bezorgdheid uit in het voornemen van steeds meer steden in het land om het I-criterium voor coffeeshops in te voeren. Waar de afgelopen jaren steeds meer steden in het land met dit criterium gestopt zijn wil bijvoorbeeld Amsterdam dit toch weer invoeren zonder te beseffen van wat zij daarmee over zichzelf afroept ( zie meerdere artikelen op deze website met inhoudelijke bezwaren tegen dit criterium).

De jongste info uit het veld die het Adviesburo binnen heeft gekregen is dat het Amsterdamse straatdealcircuit al inspeelt op een eventuele invoering van het criterium zoals het aanleggen van voorraden van hasj en Wiet, van “foute “XTC tabletten, versneden coke en speed tot inferieure soorten van designerdrugs aan toe! De ervaring leert nou eenmaal dat dealsystemen die vluchtig van aard zijn (zoals het straatdealcircuit waar de klant geen enkele mogelijkheid heeft om de koopwaar te controleren) verantwoordelijk is voor het aanbod van de meest vervuilde middelen. De IGNORE STREETDEALERCAMPAGNE (2014/2015) voor het waarschuwen van een straatdealer die onder de roepnaam van cocaïne witte heroïne verkocht met drie doden en 14 bijna doden als gevolg is daar een meest extreem voorbeeld van.

Kortom, er is alle aanleiding van dat welke gemeente dan ook afziet van het invoeren van het I-criterium.

Namens de VLOS en het Adviesburo Drugs

August de Loor   0622250820