Maandelijks archief: oktober 2020

open brief aan de burgemeester van Amsterdam

Geachte burgemeester, beste Femke,

Hieronder de kernpunten van mijn speech van vorige week, 22 oktober voor de Amsterdamse gemeenteraad bij het agendapunt over het I-criterium en mijn pleidooi om daar vanaf te zien.

Wat betreft punt 7 van mijn speech is dit een serieus aanbod met als kanttekening van dat ik zowel als binnenstadbewoner en als drugsdeskundige deuren open krijg die voor anderen gesloten blijven. Het is achter die deuren waar veel suggesties liggen voor het in goede banen leiden van de toestroom aan bezoekers naar onze stad EN hoe de leefbaarheid van de binnenstad verbeterd kan worden zonder dat dit de gastvrijheid van onze stad aantast. Kortom, als jij van jouw kant de deuren opent, dan valt er veel winst te halen! Over hoe dat georganiseerd moet worden is voor nader overleg.

Met vriendelijke groet!

August de Loor

 

Geachte leden van de Raad,

  1. “Massatoerisme”, “laagwaardig toerisme”, “drugstoerisme” Zolang zulke vage, lees containerbegrippen gebezigd worden kan je een beetje doordacht beleid over het verbeteren van het leefklimaat in de Amsterdamse binnenstad wel vergeten.
  2. En nu ik het toch over drugstoerisme heb: In de jaren 70 en 80 werden buitenlandse heroïne junkies als drugstoeristen omschreven. Anno 2020 zijn het bezoekers die in een coffeeshop een jointje roken die nu als drugstoeristen omschreven worden. Kortom, daar waar het Amsterdamse drugsprobleem is afgenomen is de intolerantie toegenomen!
  3. “Amsterdam drugshoofdstad van de wereld”,  “Amsterdam faciliteert de drugshandel”, “Wat betreft drugs kan en mag alles in Amsterdam”! Zolang we onze stad op een dergelijke volstrekt belachelijke manier zo wegzetten is elk voorstel die daar uit voortkomt even belachelijk ( voor meer uitleg, zie P.s.)
  4. En het I- criterium is zo’n voorbeeld van een ondoordacht beleid. De verwijzing van Tops/Tromp, raadsleden van de VVD, CU en menig ander belangrijk persoon/instantie als zou dit criterium succesvol in Maastricht uitpakken is een gotspe ( in moderne taal; fake news) A) Het overgrote deel aan zuidelijke steden hebben het criterium al tijden geleden opgedoekt, met als bijeffect van dat Maastricht kan pochen dat het criterium bij haar wel werkt  B) van dat er veel meer negatieve bijeffecten aan het criterium kleven als algemeen verondersteld wordt plus dat dit criterium al jaren een verkeerd signaal is naar een Europees softdrugs- en coffeeshopbeleid! En tenslotte is Maastricht in zowat al haar facetten van toerisme, ligging als samenstelling aan bevolkingsgroepen op geen enkele manier te vergelijken met Amsterdam.
  5. Het pleidooi op het invoeren van het criterium veronderstelt van dat er in Amsterdam sprake is van een strikte scheiding tussen ingezetenen en niet-ingezetenen. De dagelijkse Amsterdamse werkelijkheid is veel complexer aan menig overlap tussen beide categorieën. Ik raad een ieder aan om eens coffeeshops te bezoeken waar in het algemeen dezelfde diversiteit aan hele, halve, als niet ingezetenen aan bezoekers te vinden zijn als in cafés en dan vooral rond (inter)nationale festiviteiten als Koningsdag, Gay Pride, RAI congressen, ADE, volle Johan Cruyff Arena’s, SAIL, enz. Hoe kan je binnen een dergelijke complexiteit van onze stad met een uitgebreid aanbod aan publieke voorzieningen EEN voorziening uitzonderen waar een deel van mensen niet mag komen? Dat ruikt toch naar iets wat we niet willen ruiken!?
  6. En ook in praktische opzicht is het criterium een gotspe waarvan ik ervan uitga dat U dit middels meerdere notities van mijn hand al weet van hebt ( zie website; augustdeloor.nl)
  7. De toekomst van de Amsterdamse binnenstad verdient een genuanceerde aanpak. Met  mijn 71 jaar wonen en werken in die binnenstad plus 50 jaar werkzaam voor het Amsterdamse drugsbeleid wil ik daar mijn bijdrage bij leveren. Maar dat heeft alleen maar zin als dat vermaledijde criterium van tafel is!

Met vriendelijk groet en wijsheid in Uw raadswerk!

 August de Loor

Ps) wat betreft aard en omvang van het Amsterdamse drugsprobleem gaan bijna alle hoofdsteden in Europa ons voor om over een groot aantal grote steden in de USA, Afrika, Zuid Amerika en Azië maar te zwijgen. Waar Amsterdam zich in onderscheidt is dat een groot deel van het drug en druggebruik zich openlijk manifesteert zoals gebruikersruimtes voor junkies, heroïneverstrekking, spuitenruilprojecten, drugstestspreekuren, smartshops en ten aanzien van dit dossier; coffeeshops. Het was burgemeester Schelto Patijn die er steeds op wees van dat die zichtbaarheid een uitvloeisel is van het gedoogbeleid waarbij het maatschappelijk zichtbaar houden van een complex fenomeen het beste instrument is voor politiek/bestuurlijke bijsturing. De tragiek is dat die zichtbaarheid de beeldvorming voed als zou in Amsterdam maar alles mogen en kunnen met het slappe-de-andere-kant-opkijkende-stadhuis als politiek schuldige! En die beeldvorming beperkt zich niet tot de kooplui op de Albert Cuyp en andere onderbuiknivo,s in onze stad. Menig vooraanstaande persoonlijkheid laten zich al decennialang in die zin uit ( herinner de stuitende afscheidswoorden van interim burgemeester van Aartsen over het politieke klimaat van het  stadhuis ten aanzien van het Amsterdamse drugsbeleid). Je zou dan verwachten dat een Hoogleraar Bestuurskunde ( de heer Tops) en een senior journalist van de Volkskrant ( de heer Tromp) definitief zouden afrekenen met die beeldvorming. Het omgekeerde is gebeurd met als opmerkelijk gegeven dat tot op de dag van vandaag alle deuren van de lokale en landelijke kranten, radio en tv voor deze onderzoekers open staan. Het gevolg laat zich raden van dat op al deze beeldvorming over onze stad de roep voor een hard optreden steeds luider wordt ( tot zelfs twee progressieve dominees die in het Parool opriepen van dat Amsterdam een voorbeeld moet nemen aan Singapore waar druggebruikers de doodstraf riskeren. Op mijn reactie dat dit laatste ook van toepassing is op homo,s kwam geen reactie!). De roep voor het invoeren van het I-criterium is een logisch vervolg van die beeldvorming!

IGNORE STREETDEALERS-een waarschuwingscampagne waard!

Bij het bij coffeeshops langsgaan voor het afleveren van de IGNORE STREETDEALER posters wordt onderstaande brief voor de eigenaar achter gelaten. De inhoud spreekt voor zich!!

                                            Aan de eigenaar van deze coffeeshop,

                                                     “IGNORE STREETDEALERS”

                                           een waarschuwingscampagne waard!

Beste eigenaar,

Een aantal weken geleden kwam, door het versoepelen van de Corona regels de stad weer langzaam tot leven met meer dagjesmensen, uitgaanders en toeristen op straat. Helaas kwam in het kielzog daarvan ook weer het probleem van straatdealen op gang. Nu sinds verleden week de Coronaregels weer aangescherpt zijn blijkt uit waarnemingen dat het straatdealen niet alleen onverminderd doorgaat maar zich ook meer verspreid over de stad. Hoe leger de straten hoe hoger de pakkans dus hoe verder het straatdealen zich verspreid over de stad met vooral na 8 uur ’s avonds als de coffeeshops dicht zijn. Met hulp van het Adviesburo Drugs is dit voor de BCD aanleiding om de waarschuwingscampagne IGNORE STREETDEALERS van een jaar geleden weer nieuw leven in te blazen. Bij deze het verzoek om bijgevoegde posters op te hangen als bijdrage in het terugdringen van straatdealen. Hartelijk dank voor Uw medewerking!

 

Simone van Breda (voorzitter BCD)
August de Loor (Stichting Adviesburo Drugs)

Voor meer informatie: 06 222 50 820

 

 

Corona en het I-criterium, een onderzoek onder bezoekers van coffeeshops

 

Open brief aan de burgemeester van Amsterdam, beste Femke

DE BEREIDHEID VAN DE BEZOEKERS VAN COFFEESHOPS OM ZICH TE LATEN REGISTREREN

Een analyse in het perspectief van zowel het bestrijden van het coronavirus als het voorkomen van dat in Amsterdam het I-Criterium ingevoerd wordt.

Inleiding.

Als uitvloeisel van de richtlijnen in het bestrijden van het coronavirus mogen coffeeshops, analoog aan de andere horecagelegenheden, sinds 1 juli weer bezoekers toelaten in het horecagedeelte. Dit was voor een van jouw stadhuismedewerkers aanleiding het Adviesburo te verzoeken om na te gaan in hoeverre bezoekers van coffeeshops bereid zijn zich te laten registreren ( registratie ten dienste van brononderzoek bij geconstateerde positieve test op het coronavirus als instrument in het bestrijden van datzelfde virus).

Het resultaat van de afgelopen weken bezoeken van tientallen coffeeshops binnen en buiten het centrum plus gesprekken met personeel en bezoekers kom ik tot de conclusie dat, ondanks dat vele coffeeshops de moeite nemen om de registratie zo efficiënt mogelijk te laten plaatsvinden, de bereidheid onder de bezoekers gering is. Bij navraag valt op dat die geringe bereidheid niet tot nauwelijks iets van doen heeft met onderschatting van het besmettingsrisico van het coronavirus. Met soms zeer uiteenlopende opvattingen geven de bezoekers aan dit probleem serieus te nemen wat trouwens ook waarneembaar is van dat zij zich conformeren aan de corona preventie instructies van de coffeeshop. Uit de gesprekken met bezoekers en personeel heeft de weerstand tegen registratie veeleer te maken met privacy en dat specifiek in relatie tot het brononderzoek. Men snapt de noodzaak van brononderzoek maar is bevreesd van dat de informatie “doorlekt” naar derden omschreven als; “dan komt mijn baas, schoolhoofd of tante of oom of opa of oma of buurman of wie dan ook die ik eventueel besmet heb erachter van dat ik een coffeeshopbezoeker ben , kortom een liefhebber van cannabis. En dat is en blijft nog steeds een gevoelig onderwerp waar ik mijn vingers niet aan wil branden!”.

De geringe bereidheid voor het registreren van het bezoeken van coffeeshops heeft nog meer, meer algemene oorzaken zoals dat het laten registreren van het nuttigen van een genotsmiddel sowieso gevoelig ligt. Het door mij en mijn medewerkers de afgelopen weken langs gaan bij cafés bevestigde die gevoeligheid van dat ook daar nauwelijks sprake is van registratie, incluis een geringe bereidheid onder café bezoekers om zich te laten registreren. Bij bezoekers van coffeeshops komt daar nog de “mistige” wettelijke status van cannabis bij met daarbovenop de nog steeds diepgewortelde vooroordelen over dit middel en haar consumenten ( zie citaat hierboven). Op mijn vraag of die geringe bereidheid tot registratie zich ook voordoet bij het bezoeken van restaurants, winkels en andere publieke aangelegenheden wordt verbaasd gereageerd van dat diezelfde coffeeshopbezoeker daar geen enkele moeite mee heeft. Ergo een extra bevestiging hoe gevoelig de registratie binnen coffeeshops ligt.

Tot zover mijn belangrijkste constateringen van een aantal weken veldverkenning in de Amsterdamse coffeeshops met de vraag, lees uitdaging hoe de bereidheid onder bezoekers van coffeeshops verhoogd kan worden om, in de strijd tegen het virus, zich te laten registreren.

Het eerste waar ik aan denk is dat het stadhuis naar de coffeeshopbranche meer uitleg moet geven van dat de bronmeldingen gevrijwaard zijn/blijven van waar de registratie heeft plaats gevonden. Daarmee haal je de belangrijkste weerstand tegen registratie weg! Hoe dit naar de doelgroep gecommuniceerd moet worden is voor nader beraad en dat uiteraard in overleg met de coffeeshopbranche, c.q. de BCD. En daarbij kan je ook op de hulp van het Adviesburo rekenen.

Maar het allerbelangrijkste wat helpt om de schroom voor registratie weg te nemen is het bestrijden van het stigma ten aanzien van het gebruik van cannabis. Maar is daarvoor niet al decennialang de politiek aan zet? Van wat Minister van Agt van Justitie (CDA!) in 1976  bij de invoering van het scheidingsbeleid tussen softdrugs en harddrugs stelde van dat het nut van deze scheiding het meest tot zijn recht komt als binnen 5 jaar (lees 1981) cannabis gelegaliseerd zou worden. En was het niet burgemeester Patijn die in de jaren 90 daar aan toevoegde van dat niet het gedoogbeleid de schuld heeft aan de oplopende criminalisering maar het ontbreken van een logisch vervolg van het gedogen naar die van het reguleren en legaliseren van cannabis. Eenzelfde genuanceerde oproep door jou is in mijn ogen gewenst en juist nu van dat het ook als een strategische zet dient in de strijd tegen het coronavirus.

I-criterium

En om bij het thema van strategische handelen te blijven moet ook de geringe bereidheid voor registratie gezien worden in het licht van de pleidooien om in Amsterdam het I-criterium in te voeren. Op mijn eerdere bezwaren tegen dit criterium ( zie website; augustdeloor.nl met meerdere artikelen over dit criterium) wil ik daar aan toevoegen van dat er alom over het hoofd gezien wordt dat als niet- ingezetenen niet de coffeeshop in mogen dit betekent dat ook de papieren van ingezetenen gecontroleerd moeten worden.

Gelet op de ervaringen van de afgelopen weken hoe sterk de behoefte aan privacy heerst onder consumenten van cannabis is de angst reëel van dat het I-criterium drempelverhogend zal uitpakken voor alle bezoekers van coffeeshops, ergo dus ook voor ingezetenen waar het criterium niet voor bedoeld is. Dit risico is reëel met name onder bezoekers uit de hogere sectoren van het maatschappelijk bestel ( zie rapport over onderzoek naar de bezoekerspatronen in 11 coffeeshops in de Amsterdamse binnenstad; Adviesburo Drugs januari 2020, een rapport wat aangeeft van dat de bezoekers afkomstig zijn uit alle lagen van de bevolking in leeftijd, etniciteit en sociale klasse). Privacy is een zeer gevoelig fenomeen wat, zo leert de ervaring in vele vormen en onvoorspelbare gedragingen tot uiting komt. Het I-criterium zet dit alles op scherp wat bij het andere gevoelige fenomeen van die van het softdrugs- en coffeeshopbeleid wel het laatste is waar we op zitten te wachten.

Het door welke maatregel dan ook verhogen van de drempel van coffeeshops is in menig opzicht ongewenst. Iedere verhoging van de drempel van coffeeshops speelt het illegale verkoopcircuit van drugs in de kaart, een circuit die de afgelopen 10 jaar zich allang niet meer beperkt tot straatdealen van een enorme toename aan onzichtbare/oncontroleerbare verkoopadressen van zowel soft- als harddrugs van 06-lijnen, darkwebs en andere sociale media. De jongste informatie wijst erop van dat deze verkoopcircuits nu al inspelen op de invoering van het I-criterium door te benadrukken van dat zij volledige anonimiteit garanderen aan de klant zonder zich ook maar enigszins druk te maken of dit nou ingezetenen of niet-ingezetenen zijn.

Amsterdam 30 september 2020

August de Loor