Categoriearchief: In de media

Open brief naar Telegraaf – Houdt de druggebruiker de drugsmaffia in stand?

Open brief naar Telegraaf – Houdt de druggebruiker de drugsmaffia in stand?

Inleiding:

In een groot interview in de Telegraaf met de nieuwe fractievoorzitter van de Amsterdamse CU (Christen Unie) kwam voor de zoveelste keer de populaire doctrine naar voren als zouden druggebruikers verantwoordelijk zijn voor het in stand houden van de drugsmaffia.
Met onderstaande open brief naar de Telegraaf reageer ik op die doctrine met de hoop dat het geplaatst wordt.

Open brief

Druggebruikers maken zich schuldig aan het in stand houden van de drugsmaffia, een steeds vaker gehoorde opvatting onder vooral die voor een hardere bestrijding van drugs pleiten. Bij nader inzien en deze belachelijke opvatting strikt hanterend is het niet de druggebruiker maar de Amerikaanse whiskyliefhebber waar de schuld ligt!  Want in weerwil van het alcoholverbod in de jaren 20 in de USA dronk hij vrolijk verder zodat de maffia de plaats overnam van de legale alcoholindustrie. Het was vervolgens diezelfde maffia die in de jaren 70 de internationale heroïnehandel ging controleren met vanaf die tijd al die andere drugs die door welke regering dan ook verboden werden. En aan deze trend komt maar geen eind nu zelfs wetten in de maak zijn om drugs te verbieden die er nog geeneens zijn! En hoe de maffia daar weer op zal reageren zou met bovenstaande terugblik een open deur moeten zijn! Ook voor diegene met die beschuldigende vinger richting de druggebruiker!

August de Loor

Al meer dan 50 jaar werkzaam voor een effectief drugsbeleid

Descending the Mountain, een film met een visie! Gaat dat zien!

Beste Lezer

Een aanrader, de film: DESCENDING THE MOUNTAIN

Een ode van wat de paddo voor de nieuwsgierige mens aan kennis en inzicht schenkt. De film  Descending the Mountain is een zoektocht naar dat er meer is tussen hemel en aarde, en dat is veel! En die ode wordt niet overgebracht door wereldvreemde zweverige types maar door zeer integere personen van een verbond tussen een Zwitserse wetenschapper en een sjamaan. Gaat dat zien!                                                                                                                                                            En terugblikkend! Deze film maakt ook tragische duidelijk op welke bekrompen, bevoogdende en angstgronden een CDA minister in 2008 het gebruik van Paddo,s in Nederland verbood! 

Doorbraak: Verenigde Naties erkennen medicinale waarde cannabis in historische stemming

Een historische overwinning voor cannabisactivisten wereldwijd: vandaag stemde de drugscommissie van de Verenigde Naties, de CND, met een meerderheid van 27 tegen 25, voor erkenning van de medicinale waarde van cannabis en het schrappen van cannabis van Lijst IV van het Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen uit 1961.

Activisten
De stemming is de climax van twee jaar diplomatiek debat over de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) over de classificatie van cannabis in de VN drugsverdragen. De WHO aanbevelingen zijn gebaseerd op drie jaar wetenschappelijk onderzoek naar cannabis. Het moeilijkste en meest frustrerende werk is gedaan door activisten die al decennia protesteren tegen de draconische en contraproductieve drugsverdragen van de VN.

Joep Oomen
Al in 2003 vond een grote internationale demonstratie plaats, pal voor het VN gebouw in Wenen waar de Commission on Narcotic Drugs (CND) elk voorjaar vergadert. Destijds hield de politie de demonstranten en activisten nog op afstand. Maar in later jaren wisten zij door te dringen tot in de wandelgangen, om de afgevaardigden direct aan te spreken op hun verantwoordelijkheid en te informeren over de ellende die de war on drugs overal ter wereld aanricht. Tot zijn plotselinge dood in 2016 speelde Joep Oomen, medeoprichter van ENCOD en het VOC, een sleutelrol in dit proces.

Een andere activist die niet ongenoemd kan blijven is Kenzi Riboulet Zemouli, die de afgelopen jaren vrijwel onophoudelijk bezig is geweest met het WHO advies over cannabis en de stemming daarover bij de VN. Een aantal citaten uit het persbericht van Faaat, waarvan Kenzi de drijvende kracht is, over de stemming van vandaag:

‘Vandaag hebben de Verenigde Naties de gedurfde stap genomen om cannabis te schrappen van lijst IV van het drugsverdrag van 1961, zes decennia na de plaatsing van cannabis op deze lijst, de therapeutische waarde van deze eeuwenoude medicinale plant te erkennen en deze niet langer te beschouwen als “een middel met een grote kans op misbruik en nadelige effecten”. De stemming volgde op een onafhankelijke wetenschappelijke beoordeling door vooraanstaande experts uit de hele wereld, bijeengeroepen door de WHO in 2017-2018, waarbij bewijsmateriaal en getuigenissen uit alle hoeken van de wereld werden beoordeeld.’

‘De stap is zelfs nog belangrijker als je bedenkt dat cannabis op Lijst IV is geplaatst zonder ooit aan een wetenschappelijke beoordeling te zijn onderworpen. De classificering van cannabis op Lijst IV is een overblijfsel van de meest extreme internationale drugswetten, een erfenis van de moraal van de jaren vijftig en representatief voor lang in diskrediet geraakte waardensystemen die verbonden zijn met racisme, onverdraagzaamheid, gebrek aan respect voor inheemse volkeren en culturen, kenmerkend voor het koloniale tijdperk.’

‘De WHO heeft in het verdrag de exclusieve verantwoordelijkheid om deze aanbevelingen te doen: de stemming van vandaag door de regeringen die bijeen waren in de VN gebouwen in Wenen, was vereist om ze om te zetten in internationaal recht. Het schrappen van cannabis van Lijst IV is daarom fenomenaal nieuws voor miljoenen patiënten over de hele wereld en een historische overwinning van de wetenschap op de politiek.’

Het International Drugs Policy Consortium (IDPC), een platform van diverse organisaties op het gebied van drugsbeleid, bracht het nieuws onder de kop ‘VN geeft groen licht voor medicinale cannabis, maar erkent niet dat het verbod een koloniale erfenis is’. Het IDPC plaatst een aantal kritische kanttekeningen:

‘Een groep vooraanstaande drugsbeleidsorganisaties heeft de stap verwelkomd, maar was ook teleurgesteld over het feit dat deze hervorming niet ver genoeg gaat, aangezien cannabis internationaal blijft gecategoriseerd naast drugs als heroïne en cocaïne.’

‘De review betrof een heroverweging van de besluiten over de classificatie van cannabis die in de jaren vijftig werden genomen en gebaseerd waren op de heersende racistische en koloniale attitudes, en niet op wetenschappelijke evaluaties.’

‘Hoewel drugsbeleidsdeskundigen het schrappen van cannabis van Lijst IV verwelkomden, uitten zij hun ernstige bezorgdheid over het feit dat cannabis op lijst I van het Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen uit 1961 zal blijven staan en onder dezelfde strenge regels zal blijven vallen als heroïne en cocaïne. Na de allereerste wetenschappelijke beoordeling van cannabis door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 2018, werd een beperkte re-classificatie van cannabis aanbevolen, maar het verwijderen van Lijst I maakte geen deel uit van het pakket, ondanks de eigen bevinding van de WHO dat cannabis minder schadelijk is dan de meeste andere middelen op die lijst.’

Diepe kloof
‘Deze evaluatie van cannabis onderstreept ook de diepe kloof tussen besluitvorming in internationale organen en het groeiende momentum voor hervorming van het drugsbeleid over de hele wereld. Meer dan vijftig landen over de hele wereld hebben medicinale cannabisprogramma’s aangenomen, terwijl Uruguay, Canada, Mexico, Luxemburg, vijftien Amerikaanse staten en verschillende andere jurisdicties cannabis voor niet-medicinaal gebruik hebben gereguleerd of bezig zijn dat te doen. Door wetenschappelijk bewijs en verandering te negeren, loopt het internationale drugscontrolesysteem het risico steeds verder geïsoleerd en irrelevant te worden.’

Martin Jelsma, directeur van het Drugs and Democracy Program bij het Transnational Institute (TNI), verklaarde over de historische stemming:
‘Vandaag zet de internationale gemeenschap een stap voorwaarts met deze kleine overwinning op het gebied van medicinale cannabis, maar de dekolonisatie en modernisering van de VN-drugsverdragen is nog maar net begonnen. De uitkomst van dit herzieningsproces heeft eens te meer aangetoond dat het Enkelvoudig Verdrag van 1961 achterhaald is en een te bot instrument om zijn mandaat van bescherming van de gezondheid en het welzijn van de mensheid waar te maken. Het toont ook de diepe verdeeldheid en verlamming aan binnen het internationale drugscontrolesysteem. Met weinig tekenen van verzoening tussen de hervormingsgezinde landen en de verdedigers van de status quo van de drugsoorlog, zullen hervormers een weg voorwaarts blijven zoeken die niet afhankelijk is van een consensus in Wenen, zoals blijkt uit de nationale hervormingen die momenteel over de hele wereld aan de gang zijn.’

 

Reactie op I-criterium door een 69-jarige binnenstadbewoonster

Beste Gemeenteraadsleden en mevrouw Halsema,

Mijn naam is xxx xxxx, ik ben een vrouw van 69 en woon binnen de Grachtengordel.
In 1981 heb ik een brief geschreven over het Amsterdamse drugsbeleid,
dat ging in die tijd over heroïne
De brief werd aangekocht door de Gemeente en is in de stad verspreid via Buurthuizen
Ik kreeg toen een tijdelijke aanstelling als Drugsadviseur van de Gemeente Amsterdam.
Het is nu 40 jaar later en ik voel weer diezelfde sterke aandrang om te schrijven
Ook nu worden plannen gemaakt op basis van verkeerde aannames en gebrek aan kennis

Femke Halsema gaf aan dat ze graag reacties kreeg op haar plannen voor de coffeeshops
Dus hierbij mijn commentaar t.a.v. het verbod op wietverkoop aan toeristen en het I -criterium
Ik heb me daarbij alleen gebaseerd op krantenartikelen en interviews met de burgemeester,
zoals elke burger van onze stad dat kan doen, en dus niet op inside-informatie
Ik reageer op grond van de kennis en ervaring die ik in deze branche heb opgedaan.
Mijn bedoeling is om Uw kennis en inzicht in de materie te vergroten
Ook wil ik de impact van de plannen voor toeristen en Amsterdamse burgers verduidelijken.
Ik ga ervan uit dat de inhoud van mijn brief Uw standpunt t.a.v. deze plannen meebepaalt!

Met vriendelijke groeten,
xxxx xxxx

 

 

Amsterdams coffeeshopbeleid: Vage plannen op basis van valse beeldvorming

Op 8 januari j.l. liet Burgemeester Femke Halsema weten dat ze een verbod wil op wietverkoop aan toeristen. Het doel daarvan is: tegengaan van overlast, beschermen van jongeren tegen verslaving en decriminaliseren van de cannabis-ketens. Volgens haar lukt dat alleen als de ‘oververhitte’ cannabismarkt in de stad wordt aangepakt.

T.a.v. het 1e doel: Het tegengaan van overlast
Als Amsterdamse, al 50 jaar bewoner van de binnenstad, ben ik erg benieuwd naar de stelling dat ‘binnenstadbewoners zich niet vrij voelen als zij de hele dag overlast hebben’. Femke meent dat die overlast wordt veroorzaakt door ‘grote groepen drugs-toeristen die in de grachten kotsen omdat ze te veel geblowd en gedronken hebben’.
Op deze bewering valt in mijn ogen veel af te dingen:
= Blowers zijn geen drinkers. Wiet verruimt het bewustzijn, alcohol verdooft de geest.
Geen goede combinatie dus: Coffeeshops verkopen geen alcohol, cafés verkopen
geen cannabis.
= Kotsen is meestal een effect van teveel drank, en af en toe van het roken van wiet.
Kotsen op straat of in de gracht komt veel eerder voor rekening van de zuipers, het
is zelden dat blowers daar verantwoordelijk voor zijn.
= De term ‘grote groepen drugstoeristen’ is niet op feiten gebaseerd: Drugsgebruikers
organiseren zich niet in groepen. De groepen toeristen die naar Amsterdam komen
om ‘feest te vieren’ zijn bv. hooligans / voetbalsupporters of vrijgezellenparty’s (m/v).
Die groepen jongeren gaan soms volkomen los op de drank, maar niet op cannabis.
(Mensen die blowen worden juist introspectief, ze keren naar binnen)
= Als binnenstadbewoner ervaar ik vooral overlast van bierfietsen, van schreeuwende
en beschonken toeristen. Ik ga er vanuit dat het over die groepen feestvierders gaat
als Femke overlast beschrijft, niet over coffeeshop-bezoekers.
= Een rij van mensen die wiet willen kopen bij een coffeeshop wordt misschien als
overlast ervaren, al is die nooit zo lang als de rij voor de Heineken Experience of
Paradiso. Dit kan ontstaan bij coffeeshops die opeens populair zijn, bv. door goede
recensies of bezoek van bekende sterren. Dan zie je dat men rustig wacht en dat
het shop-personeel streng oplet dat de buurt geen last heeft.
Als Femke geen andere vormen van overlast weet te benoemen, dan lijkt haar missie om overlast van wiet-rokers tegen te gaan ongegrond, en daarom dus overbodig.

De Cijfers die door Femke Halsema worden aangehaald zijn verwarrend:
* Uit onderzoek op de Wallen geeft 57 % van de ondervraagde toeristen aan dat de coffeeshops ook een reden zijn om naar Amsterdam te komen. Dat roept veel vragen op, wat betekent het eigenlijk? Iets meer dan de helft, is dat veel of weinig?
Waarom op de Wallen? Omdat daar veel coffeeshops zijn? Waarom niet bij het van Goghmuseum? (Blowers willen graag de geest verruimen, ook via kunst / cultuur).
En die overige 43% op de Wallen, waar komen die dan voor? Dames? Drank?
* De cijfers stellen ook vast dat bijna 80% van de toeristen die coffeeshops bezoeken in eigen land ook blowen. Ze komen hier niet primair om wiet te kopen, maar omdat het ‘zo gezellig is om samen te roken in de coffeeshop, in een café-achtige sfeer’.

Dat ze thuis ook wiet roken bevestigt dat blowers geen kotsende drugstoeristen zijn. – Ik neem tenminste aan dat ze thuis ook niet op straat of in de gracht (?) kotsen –
Het is wel vreemd dat blowen in de coffeeshop zo populair is, terwijl veel shops in Amsterdam al jaren slechts een afhaalfunctie hebben, maar één of enkele loketten.
De shops waar je nog wel kan zitten en roken hebben meestal weinig plaatsen. Juist het ruimtegebrek binnen kan ertoe leiden dat zich een rij wachtenden op straat vormt.
Maar als toeristen niet voor de aankoop van wiet, maar vooral voor de gezelligheid van het samen roken komen, wat is dan het nut van een verbod op wietverkoop?
Om ‘drugstoeristen’ te weren, zou Femke dus niet de aanschaf van cannabis, maar het samen gebruiken moeten verbieden. Als het onderzoek klopt vervalt daarmee de motivatie om naar Amsterdam te komen, want thuis kunnen ze ook wiet roken.
N.B.: Historisch gezien zijn de coffeeshops juist opgericht om cannabisgebruikers een plek te geven om te roken, zodat ze dat niet op straat hoefden te doen. Het feit dat er weinig gebruik van de rookruimtes werd gemaakt was een van de redenen dat veel coffeeshops op loketten zijn overgegaan, alleen afhalen dus.

T.a.v. het 2e doel: Beschermen van jongeren tegen verslaving
Femke’s verhaal bevat geen onderbouwing van haar plan om jongeren tegen verslaving te beschermen door wiet-verkoop aan toeristen te verbieden.
Het klinkt lekker, maar de praktijk wijst uit dat het omgekeerde waar is.
Het optuigen van coffeeshops was altijd bedoeld om jongeren niet in contact te laten komen met hard drugs, om deze markten te scheiden. En met scherp toezicht en regelmatige controle van de politie wordt die regel al meer dan 50 jaar gehandhaafd.
Als Femke’s plannen doorgaan hebben gebruikers juist méér kans om in aanraking te komen met criminaliteit en verslaving. Als je gedwongen bent om op illegale wijze wiet te kopen, ontmoet je al snel verkopers die ook (en vooral) hard drugs verkopen.
Dat geldt voor toeristen, maar ook voor Amsterdammers, ‘Ingezetenen’ dus, die weigeren zich te legitimeren of als gebruiker te laten registreren (het I-criterium).
(Veel lokale cannabisgebruikers hebben nl. geen enkele behoefte om als zodanig bekend te staan. Voor je carrière is dat geen aanbeveling, noch voor je relaties.)
In dat geval ben je – als toerist en als gebruiker – aangewezen op de zwarte markt.
Daarbij wordt niet de straatverkoop bedoeld, die tijden zijn achterhaald.
Er bestaat namelijk al lang een wijdvertakt, verfijnd en gespecialiseerd netwerk om drugs te betrekken. Het gaat dan om hard drugs als coke, XTC, speed, GHB, etc.
Je belt een nummer, bestelt een drug, zegt hoeveel je wilt, en binnen een half uur staat de Thuisbezorger voor je deur of op een afgesproken plek. Cannabis is nu nog geen courante handel, dat haal je in de Coffeeshop. Maar als je geen wietpas krijgt of niet geregistreerd wilt worden (denk bv. aan de Burgemeesterstweeling, die wordt dit jaar 18!) dan bel je de dealer. En dan zijn opeens alle drugs binnen handbereik. Spannender dan de coffeeshop, en heel gezellig en gezamenlijk.
Zowel voor de toerist die geen wiet meer mag kopen, als voor de Amsterdammer die geen registratie wil, zijn de verboden middelen, criminaliteit en verslaving, opeens niet meer zo ver weg. Maar het toezicht en de sociale controle die de coffeeshop biedt is dan juist wél heel ver weg …….

T.a.v. het 3e doel: Het decriminaliseren van de cannabis-ketens
In 2010 had Amsterdam 223 coffeeshops, in 2020 waren dat er nog 166. Sommige
shops zijn gestopt, anderen moesten sluiten omdat ze te dicht bij scholen stonden. Van deze coffeeshops vormen een aantal een ‘keten’. The Bulldog en Greenhouse zijn de grootste met 5 shops, en er zijn nog een aantal andere eigenaren met 4 of 3 coffeeshops. Femke Halsema wil ketenvorming onder coffeeshops beperken om
Monopolieposities te voorkomen en complexe en niet-transparante ondernemings- en financieringsconstructies tegen te gaan
= De coffeeshops in Amsterdam bestaan al 50 jaar zonder dat iemand zich hier ooit druk over heeft gemaakt. Monopolieposities zijn nooit ontstaan, ketens bestaat uit 5 shops hoogstens. En coffeeshops zijn gedwongen om niet-transparant en complex te opereren in hun constructies. Dat geldt zolang cannabis niet wordt gelegaliseerd.
= Supermarkten, drankwinkels, toeristenwinkels, etc. bestaan wel uit grote ketens. Daarbij is sprake van tientallen of meer winkels in Amsterdam. Bepaalde ketens hebben een monopoliepositie, wat in die branches blijkbaar geen probleem is.
= Al 50 jaar mag er slechts een voorraad van 500 gram cannabis (wiet en/of hasj) in de coffeeshop aanwezig zijn, wat makkelijk in een klein AH tasje past. Om te kunnen verkopen moet er dus voortdurend worden aangevoerd. Volgens Femke worden koeriers die hiervoor zorgen regelmatig beroofd, “vaak jonge jongens die door de georganiseerde misdaad geript en gemanipuleerd worden”. Zij stelt voor dat een shop meer ‘stash’ mag hebben, bv. een paar kilo, een normale AH zak. Dit is het enige concrete plan wat zij noemt om de cannabis-ketens te decriminaliseren.
Maar: Wat heeft dit plan te maken met wel of geen keten-vorming in de wiethandel?
(En zolang die stash nog steeds in het geheim aangevoerd moet worden: Gaat de georganiseerde misdaad juist niet meer interesse tonen als de buit groter wordt?)

Samenvatting:
Femke Halsema komt met een plan om wiet-verkoop aan toeristen te verbieden.
Zij nodigt iedereen uit om haar plan kritisch te lezen en te becommentariëren.
Als binnenstad-bewoonster met enige kennis van zaken is dit mijn mening:
– Het plan is niet of slecht onderbouwd: Toeristen die coffeeshops bezoeken worden verwisseld met groepen toeristen die overlast bezorgen; overlast wordt niet beter gedefinieerd dan ‘in de gracht kotsen’.
– Er worden discutabele cijfers aangehaald om dit plan te ondersteunen, terwijl ze het juist onderuit halen. Genoemde cijfers tonen aan dat toeristen niet voor de wiet komen, maar voor de gezelligheid van het samen roken. Maar zelfs als de wiet-verkoop aan toeristen in coffeeshops wordt verboden, kunnen ze nog steeds gezellig samen roken, in het park of in het hotel bijvoorbeeld.
– Het plan wil verslaving voorkomen, maar het heft de jarenlange scheiding van hard en soft drugs op. Cannabisgebruikers (toeristen én ingezetenen) worden gedwongen zich op een markt te begeven waar ook hard drugs te krijgen zijn.
– Het plan wil cannabis-ketens decriminaliseren, maar die ketens bestaan niet. De grootste keten bestaat uit slechts 5 van de 166 Amsterdamse shops.
Dit idee lijkt ingegeven uit angst: de overheid wil meer zicht en controle op de coffeeshops. Maar omdat de overheid weigert cannabisgebruik te legaliseren, zorgt zij zelf voor de illegaliteit waarin de shops moeten manoeuvreren.

Tot slot: Een van de nare kanten van dit plan is de sensatie-achtige sfeer waarin het wordt gepresenteerd Of de burgemeester het nou zelf bedenkt, teksten citeert, of dat de kranten het ervan maken:
-Dubieuze stellingen worden niet met feiten gestaafd en creëren stemmingmakerij.
-Uitspraken zijn soms onzinnig, bevatten fake-news of kunnen tot hetzes leiden.
Als trotse burger van Amsterdam lees ik bv. de volgende citaten over mijn stad:
= Amsterdam heeft een zelfverkozen status als brandpunt van drank en drugs en
rock-’n-roll. Dit leidt tot ongebreideld drugstoerisme.
= De oververhitte cannabismarkt in de stad moet worden aangepakt!
Veel uitspraken zijn makkelijk te ontzenuwen, met enige kennis van zaken.
Maar ze zijn vaak o zo tendentieus en bevestigen vooral bestaande vooroordelen!

Open brief aan Halsema door een binnenstadbewoner

Amsterdam heeft in de afgelopen maand een ambitieus plan gepresenteerd met de titel; Aanpak binnenstad. Deze zal vorm moeten gaan krijgen in de komende 5 jaar. Naast meer groen, meer woningen en de leefbaarheid verbeteren staan er vooral handreikingen in hoe nu toch het massa toerisme tegen te gaan.
Een van de eerste acties van onze huidige burgermeester van het College van B&W in 2018, was het weghalen van de letters I Amsterdam op het Museumplein. Veelal jonge toeristen vielen letterlijk van de gigantische letters af doordat ze halsbrekende toeren uithaalden bij het maken van hun selfies.
De nu verdwenen reuzeletters (I-Amsterdam) staan wat mij betreft symbool voor een volledig uit de hand gelopen citymarketing. Onbedoeld is onze stad met de ambitie om haar op allerlei mogelijk manieren nog aantrekkelijker te maken, in een spagaat geraakt.

Opvallend in het rapport is de conclusie dat het merendeel, 80%, van dit soort veelal jonge toeristen, maar een motivatie hebben om deze stad te bezoeken en dat is voor het roken van cannabis. Deze jongeren worden dan ook in het rapport gemakshalve gekwalificeerd als ‘minderwaardig toerisme’.
Met het knevelen van bijvoorbeeld de coffeeshops en hostels, zoals voorgesteld in het rapport, als redmiddel tegen massatoerisme gaat men voorbij aan wat er werkelijk speelt.
Amsterdam hoopt na de corona een ander soort toerist aan te trekken:
“We willen graag toeristen die komen voor de rijkdom en schoonheid van culturele instellingen”.

Als inwoner en ook werkend in het Wallengebied wil ik mijn zorg uitspreken, niet zozeer voor wat betreft de initiatieven om deze stad leefbaarder te maken, zowel bewoners als ondernemers onderschrijven de noodzaak, maar door de verkeerde aanname dat jonge toeristen merendeels komen om hier dronken en stoned rond te lopen.
De Wallen zijn al geruime tijd een gordiaanse knoop voor een groot scala aan belanghebbenden, hoogleraren, experts en politici die zo langzamerhand over elkaar heen struikelen met wat zij het beste vinden voor de Wallen.
Schokkend is dat veel niet ingezetenen de boventoon lijken te voeren.
Het doet mij een beetje denken aan die Amerikaanse expat die klaagde dat de Westerkerk hem uit zijn slaap hield. Hij diende een klacht in bij de gemeente met het verzoek of dit klokgeluid uitgezet kon worden.

Massatoerisme heeft het failliet aangetoond van I-Amsterdam. Zij is verworden tot een te hard opgeblazen ballon die uit elkaar is gespat. Niet onvermeld mag overigens blijven dat het geen exclusief probleem is van Amsterdam, het is een mondiaal fenomeen.

Wat wel een probleem is, als men in de gehele binnenstad de logeerkamer in het huis commercieel kan uitbaten, een overschot aan taxi’s het normale verkeer verdringen, bijna iedere vrijstaande winkel verwordt tot een frituur of waffelshop. Niet verwonderlijk dat de burger dan een kort lontje krijgt.
Voeg daar nog aan toe het veel te lang uitblijven van duidelijke gedragsregels en een gebrek aan slagvaardigheid van de wetshandhavers en de Wallen verandert in een chaotisch pretpark. Ironisch genoeg hebben Brexit en de Corona-perikelen eigenhandig het massatoerisme de nek omgedraaid.
Het plan van aanpak bevat hoopvolle verbeteringen. Zeker ook voor het Wallengebied. Maar jonge toeristen wegzetten als minderwaardig toerisme klinkt verre van hoopvol en is zelfs discriminerend.
Niet onbelangrijk is dat jonge toeristen een ‘aanjager’ zijn voor het hoogwaardig toerisme in de nabije toekomst.
Een jointje in The Bulldog nu is een luxe hotelverblijf een paar jaar later.

Jongeren kwalificeren als minderwaardig toerisme is gemakzuchtig en zal afbreuk doen aan het imago, de geloofwaardigheid en de aantrekkingskracht die deze ‘lieve stad’ voor velen heeft. Een andere reële dreiging is dat het de deur nog meer open zal zetten voor mensen die het minder goed voorhebben met deze stad.

Jim Zielinski
Bewoner binnenstad

Het Amsterdamse coffeeshopbeleid, hoe de gevreesde afbraak te stoppen?

 

 

Hieronder een schrijven wat alles te maken heeft met het I-criterium, coffeeshopbeleid, leefbare binnenstad, hoe om te gaan met het massatoerisme enz enz.

Het is geschreven voor de Amsterdamse gemeenteraad met mijn commentaar op het beheersplan van de Driehoek met nieuwe voorstellen voor het Amsterdamse coffeeshopbeleid  (januari 2021) Een kritisch schrijven rechtstreeks uit mijn hart omdat de Driehoek in mijn ogen op een verkeerd spoor zit. Mijn advies is dat dit beheersplan ingetrokken wordt en een multidisciplinaire werkgroep met een volstrekt nieuwe visie aan de slag gaat. Dit betekent niet dat er geen interessante en uitdagende voorstellen in het beheersplan staan. Zeker niet, een aantal zijn zeer de moeite waard maar kunnen alleen maar tot hun recht komen bij een andere filosofie over de toekomst van het Amsterdamse coffeeshopbeleid dan waar het beheersplan zich op baseert. Een filosofie van een stad van tolerantie en gastvrijheid van een beleid waar toeristen en al die andere niet ingezetenen van onze stad de coffeeshops mogen blijven bezoeken. En dat op zo’n manier dat dit een positieve bijdrage levert aan het leefklimaat voor allen die wonen en werken in Amsterdam! Dat is de echte uitdaging waar we voor staan en realiseerbaar moet zijn met een andere kijk dan die in het beheersplan beschreven staat.

August de Loor  71 jaar geboren en getogen binnenstadbewoner, 52 jaar dienstbaar aan het Amsterdamse drugsbeleid en leefklimaat

                                         NAAR EEN BEHEERSBARE CANNABISMARKT IN AMSTERDAM

                               Een kritische commentaar op het beheersplan van de Amsterdamse Driehoek

Het beheersplan beschrijft haar doelstelling als volgt: Het realiseren van een beheersbare Amsterdamse cannabismarkt, waarbij niet alleen aan de voorkant ( bij de consument) maar ook aan de achterkant sprake is van een betere scheiding van de harddrugsmarkt en de softdrugsmarkt.

Deze doelstelling roept op zijn zachts gezegd nogal wat vragen op. Bij een beetje kennis van zaken moet de cannabismarkt namelijk als twee strikt van elkaar gescheiden fenomenen gezien worden; het illegale cannabiscircuit ( van productie, (tussen)handel en illegale verkoopcircuit tot straatdealers aan toe) en het gedoogde circuit van coffeeshops. Met het in de doelstelling  negeren van dit wezenlijk onderscheid van de cannabismarkt wordt de indruk gewekt als zou de Amsterdamse coffeeshopbranche zich aan de voorkant schuldig maken aan de verkoop van harddrugs (de consument) en aan de achterkant in de handel van harddrugs ( de begrippen voorkant en achterkant in de doelstelling versterkt die aantijging; in het illegale circuit is er namelijk niet zoiets als een voor- en achterkant, in coffeeshops wel, de voor- en achterdeur).

Met deze inleiding wil ik niet de indruk wekken van dat ik “spijkers op laag water zoek”! Integendeel, het is in de verdere toelichting van het beheersplan wel degelijk zo dat de suggestie gewekt wordt als zouden coffeeshops zich schuldig maken aan harddrugshandel Maar dit alles blijft uiterst vaag, ontbreken de bronnen tot zelfs onlogische redeneringen aan toe!

Zowel uit harde als “zachte” data uit de landelijke als Amsterdamse monitors blijkt al decennia zich nergens een dergelijke vermenging af te spelen en waar dit zich incidenteel in Amsterdam voordoet staat het HIT team paraat met dito sanctionering door het stadhuis van de desbetreffende coffeeshop. Kortom, mocht dit essentiële toezicht op het Amsterdamse coffeeshopbeleid zo in gebreke zijn gebleken bij de Amsterdamse Driehoek is het de plicht van diezelfde Driehoek om met bewijzen te komen ter verantwoording van hun taak van het gescheiden houden van de drugsmarkten

Het negeren in het beheersplan van het fundamentele verschil tussen het illegale circuit en coffeeshops is een ernstige emissie. Zoals gesteld wordt door dit negeren de coffeeshopbranche onterecht in het verdachtenbankje geplaatst terwijl de coffeeshop juist een effectief middel is in het gescheiden houden van de drugsmarkten.

Tenslotte, met het streven naar een BETERE SCHEIDING DER DRUGSMARKTEN staat het beheersplan op gespannen voet met de doelstelling van het softdrugsbeleid van een ABSOLUTE SCHEIDING DER DRUGSMARKTEN. Kortom, een beheersplan met minder ambitie dan het huidige drugsbeleid!

( hierbij nog een korte naschrift over de veronderstelling van harddrugs verkoop in coffeeshop. De praktijk leert dat mocht een coffeeshop zich schuldig maken aan verkoop van harddrugs aan haar bezoekers dit dan eerder opvalt bij de andere bezoekers dan bij de politie en is een coffeeshop in no-time zijn klanten kwijt (onderzoek naar; de sociaal/culturele functie van 115 Amsterdamse coffeeshops  Adviesburo Drugs 1994). Dit rapport, geschreven voor het stadhuis naar aanleiding van toentertijd dezelfde veronderstelling als nu al zouden coffeeshops zich schuldig maken aan de verkoop van harddrugs tot toen heroïne aan toe. Dit rapport heeft toen op voorspraak van de gemeenteraad (met dank aan het opmerkelijke PvdA raadslid Annemarie Grewel) geleid tot de oprichting van de Multidisciplinaire werkgroep: Toekomst Amsterdamse softdrugsbeleid met voorstellen wat decennialang de toets der kritiek kon doorstaan met toen al de oproep voor het legaliseren van de achterdeur van coffeeshop wat helaas met de opzet van het experiment van deze regering nog zeker 8/9 jaar op zich laat wachten, met de onzekerheid of dat überhaupt nog zal gebeuren)

Het zijn niet coffeeshops maar het illegale circuit waar de vermenging van de handel in soft- en harddrugs zich voordoet met steeds meer nieuwe harde producten ( tot zeer recent het, vanuit gezondheidszorg, zeer zorgelijke nieuwe product van Synthetische Wiet) en steeds meer mogelijkheden aan distributiekanalen voor zowel de  tussenhandel als de verkoop aan consumenten van dit illegale circuit, via internet, websites, 06-lijnen.

Op basis van de doelstelling van het beheersplan zou je dus mogen verwachten dat 80% van de notitie besteed zou worden met een overzicht van de huidige stand van zaken van dit uitdijende, lees drugsmarkt gemengde, illegale cannabiscircuit met vervolgens voorstellen van hoe op deze ontwikkeling op een slimme, effectieve manier geanticipeerd moet worden ( lees dus niet met de botte lees repressieve bijl). In het beheersplan staat daar niets over en ontbreekt het dus aan het prioriteit stellen van het Nederlandse dus ook Amsterdamse beleid van het gescheiden houden der drugsmarkten. Een fundamenteel onderdeel van deze prioritering is het als de weerga realiseren van een robuust coffeeshopbeleid. In het beheersplan worden daar wel degelijk een aantal voorstellen voor gedaan ( keurmerk, “oprekken” van een aantal gedoogcriteria) wat meer dan waard is om verder uit te werken met de uitdaging om daar de collega grote steden, de VNG en de landelijke overheid in mee te krijgen.

Maar de voorwaarde om daar vanuit Amsterdam mee aan de slag te gaan is dat het denkraam waar het beheersplan op gestoeld is van tafel gaat met daarvoor in de plaats het werken aan een robuust Amsterdams coffeeshopbeleid zoals hoe met de regio het nuloptiebeleid doorbroken kan worden, behoud van de kleinschaligheid en diversiteit in het aanbod van coffeeshops en dat evenwichtig verspreid over de stad ( zoals IJburg, Noord, Zeeburgereiland en meer woon/werk/groeikernen met zowel coffeeshops voor de yuppen- als de multiculti bewoners aldaar) met als positief  bijeffect van dat dit de bezoekersstroom op de binnenstad coffeeshops doet verminderen. Het is echter het raamwerk van het beheersplan wat dit soort voorstellen naar een robuust Amsterdams coffeeshopbeleid in de weg staat.

HET BEHEERSPLAN

In plaats daarvan zorgt het beheersplan tot een verder verschraling van  het Amsterdamse coffeeshopbeleid zoals de min of meer aankondiging van het verder reduceren van het aantal coffeeshops in de stad. Zo wordt menig keer in het beheersplan de Mantra herhaald van dat Amsterdam bijna 30% van het aantal coffeeshops in Nederland heeft met dus als ondertoon van dat daar makkelijk wel een hoop vanaf kan (en ook in haar publieke optreden over het beheersplan laat de burgemeester zich in die zin uit).

Met een concreet voorbeeld wil ik aantonen dat de geschiedenis zich dan weer zal herhalen zoals in 2012  met de uitruil van de Wietpas van het regeerakkoord uit 2010 met de invoering in Amsterdam van de Scholenafstand, zodat alweer meer coffeeshops dicht moesten zoals al eerder was gebeurd met Project 1012. Met dit puur getalsmatig sluiten zag het stadhuis totaal over het hoofd dat een behoorlijk deel van die coffeeshops populaire coffeeshops waren onder Marokkaanse en andere medelanders. En als er iets niet had moeten gebeuren dan was het dit wel met, ook door mij, een hoop inzet om de woede en frustratie onder deze buitengesloten coffeeshopbezoekers te temperen met bij een van de medewerkers van een gesloten coffeeshop de opmerking;  “Wat zou er gebeuren als bij het lukraak van boven sluiten van een groot aantal cafés daar toevallig veel yuppen-, homo- of korps studentencafés  bij zouden zitten, ik denk dat dat niet onopgemerkt geweest zou blijven bij menig stadhuis beleidsmakers, met bij mijn coffeeshop het risico van dat een deel van de bezoekers in het illegale circuit verdwijnen”!).

En laat nou datzelfde regeerakkoord uit 2010 weer opnieuw leidend zijn voor het Amsterdamse coffeeshopbeleid. Het is namelijk dit regeerakkoord wat het beheersplan in haar toelichting benoemd als denkraam van haar voorstellen, een akkoord  afkomstig van een regering wat onder zowel deskundigen als de volksmond aangeduid als een ; van demeestverstokte-anti -coffeeshop -politieke- partijen- van- VVD,CDA en PVV.

Het waarom het beheersplan voor dit regeerakkoord kiest kan alleen maar met dat de Amsterdamse Driehoek mee gaat in wat omschreven kan worden als de ondermijningstheorie. Het is bovengenoemde regering die als eerste deze ondermijningstheorie ( en de ongefundeerde kritiek op de gedoogpolitiek) vertaalde in ingrijpende nieuwe invalshoeken van het landelijke drugsbeleid ( en wat zich tot op de dag vandaag onverminderd voortzet).

Het is de ondermijningstheorie die in de toelichting van het beheersplan meermaals aangehaald worden als zou de coffeeshopbranche een ondermijnende invloed hebben op de legale bovenwereld, sterker nog van dat er aanwijzingen zijn van dat deze branche de harddrugsmarkt steunt, financiert, faciliteert.

Het wapen die het beheersplan voorstelt om de omvang van ondermijning door de Amsterdamse coffeeshopbranche terug te dringen is het I-criterium. Met dit criterium zakt in de theorie van het beheersplan namelijk het inkomen van de branche, ergo dus ook hun mate van ondermijning van de bovenwereld plus komt de Driehoek hiermee tegelijkertijd tegemoet aan de  toegenomen druk uit de publieke opinie van het terugdringen van het zgn. laagwaardige drugstoerisme; TWEE VLIEGEN IN EEN KLAP!

Het moge duidelijk zijn dat ik zeer bezorgd ben over wat dit beheersplan voor gevolgen heeft voor het Amsterdamse coffeeshopbeleid.

Ten aanzien van mijn andere argumenten van deze bezorgdheid verwijs ik naar mijn website augustdeloor.nl  met meerdere artikelen zoals;

  1. Het paard van Troje, een artikel met een overzicht van wat de gevolgen zullen zijn als in Amsterdam het I-Criterium ingevoerd wordt, een overzicht met veel meer gevolgen dan alleen die van een nog meer ondoorzichtig,dus meer ondermijnend straatdealsysteem
  2. En ook een andere notitie over de geringe bereidheid van bezoekers van coffeeshops om zich, ter preventie van het Coronavirus, te registreren als voorbeeld van dat het I-criterium op een fiasco zal uitlopen ( n.b. om de niet-ingezetenen buiten de coffeeshop te houden moeten ook de ingezetenen gecontroleerd worden wat met het nog steeds heersende stigma ten aanzien van het gebruik van cannabis op weinig medewerking van de coffeeshopbezoekers kan rekenen en het personeel van coffeeshops waar toeristen niet komen tot obstructie zal leiden ( was het niet burgemeester Halsema die tijdens een TV  discussie vraagtekens plaatste bij het invoeren van wetten of regels als die niet op voldoende draagvlak kon rekenen bij vooral degenen die uitvoering aan die wet moeten geven?)
  3. En op dezelfde website kunt u nog vele andere artikelen vinden die zowel indirect als direct betrekking hebben over dit onderwerp, zoals zeer kritische commentaren  als zou Amsterdam de drugshoofdstad van de wereld zijn, hier ten aanzien van drugs maar alles kan en mag ( wijlen Burgemeester Schelto Patijn zou, als bepleiter van de gedoogpolitiek, zich in zijn graf omdraaien bij zulke onzin wat al jaren in de media als Mantra over Amsterdam beweerd wordt!), enz, enz.

 

En  kunt u de komende tijd de volgende notities verwachten van:

  1. Een kritisch commentaar op het O.I.S. rapport over dat 57% van de Wallen/Singel toeristen de coffeeshops bezoeken.
  2. Het 30% dogma van als zou er nog maar 20 coffeeshops in Amsterdam over zijn er nog steeds sprake kan zijn van dat dit nog steeds 30% van het aantal in heel Nederland is, ergo dat hoge percentage weer als argument gebruikt kan worden om nog meer coffeeshops in Amsterdam te sluiten
  3. Een kritisch commentaar op het Breuer rapport over met hoeveel coffeeshops Amsterdam kan volstaan in 2020 en 2025.
  4. Een notitie van dat coffeeshops, in tegenstelling tot wat algemeen beweerd wordt, juist een effectief instrument is tegen de ondermijning.
  5. En wat u ook kunt verwachten is via woord en geschrift mijn visie over een toekomstbestendige Amsterdamse binnenstad voor zowel de bewoners, de werkers als de bezoekers

Multidisciplinair overleg

Tenslotte, met het beheersplan breekt de Driehoek met een lange traditie van dat zeer essentiële onderwerpen aangaande het Amsterdamse drugsbeleid dit altijd als eerste gewikt en gewogen wordt middels multidisciplinair overleg. Voorbeelden te over zoals een integraal drugspreventie beleid grootschalig evenementen, bij meerdere zeer zware beleidskeuzes tijdens de in Amsterdam diep ingrijpende heroïne epidemie. En om bij dit softdrugsdossier te blijven; hoe vaak is er niet multidisciplinair overlegd bij essentiële beleidszaken aangaande het coffeeshopbeleid met als eerste de softdrugswerkgroep in 1993 met alle sleutelfiguren aan de onderhandelingstafel wat een Amsterdams coffeeshopbeleid opleverde wat decennialang  de toets der kritiek kon doorstaan.  Het beheersplan is verre van deze overlegtraditie opgesteld en dat wreekt zich op velerlei manieren met als meest schokkende van dat het raamwerk waarop het beheersplan gebouwd is op drijfzand

Karaktermoord en beeldvorming

De afgelopen dagen werd ik plat gebeld door journalisten met de vraag of ik kan bevestigen of Hugo de Jonge, onze Coronaminister “aan de coke zit”.
Alvorens ik te kennen gaf aan dergelijke verzoeken geen gehoor te geven vroeg ik door op welke veronderstellingen de journalisten deze bevestiging verlangen.

Hieruit kwam naar voren dat de combinatie van zijn gedrevenheid en zijn flamboyante gedrag (plus zijn uiterlijk tot hippe schoenen aan toe) tot deze verdacht makerij leidt van dat hij dan wel cocaïne zal gebruiken.

En zo wordt op deze diepgewortelde typering over gebruikers van cocaine plus dat de halve ZUIDAS en de halve TWEEDE KAMER aan de cocaïne zou zijn karaktermoord gepleegd op de minister van VWS.

Het moge duidelijk zijn dat de telefoongesprekken zeer kort van duur waren.

August de Loor

Ps Het bizarre hierbij is dat waar ik de minister tegen beschermde hij tot een wereld behoort waar beeldvorming over drug en druggebruik ook een veel voorkomend fenomeen is.

Open brief aan de burgemeester van Amsterdam

Geachte burgemeester, beste Femke,

Hieronder de kernpunten van mijn speech van vorige week, 22 oktober voor de Amsterdamse gemeenteraad bij het agendapunt over het I-criterium en mijn pleidooi om daar vanaf te zien.

Wat betreft punt 7 van mijn speech is dit een serieus aanbod met als kanttekening van dat ik zowel als binnenstadbewoner en als drugsdeskundige deuren open krijg die voor anderen gesloten blijven. Het is achter die deuren waar veel suggesties liggen voor het in goede banen leiden van de toestroom aan bezoekers naar onze stad EN hoe de leefbaarheid van de binnenstad verbeterd kan worden zonder dat dit de gastvrijheid van onze stad aantast. Kortom, als jij van jouw kant de deuren opent, dan valt er veel winst te halen! Over hoe dat georganiseerd moet worden is voor nader overleg.

Met vriendelijke groet!

August de Loor

 

Geachte leden van de Raad,

  1. “Massatoerisme”, “laagwaardig toerisme”, “drugstoerisme” Zolang zulke vage, lees containerbegrippen gebezigd worden kan je een beetje doordacht beleid over het verbeteren van het leefklimaat in de Amsterdamse binnenstad wel vergeten.
  2. En nu ik het toch over drugstoerisme heb: In de jaren 70 en 80 werden buitenlandse heroïne junkies als drugstoeristen omschreven. Anno 2020 zijn het bezoekers die in een coffeeshop een jointje roken die nu als drugstoeristen omschreven worden. Kortom, daar waar het Amsterdamse drugsprobleem is afgenomen is de intolerantie toegenomen!
  3. “Amsterdam drugshoofdstad van de wereld”,  “Amsterdam faciliteert de drugshandel”, “Wat betreft drugs kan en mag alles in Amsterdam”! Zolang we onze stad op een dergelijke volstrekt belachelijke manier zo wegzetten is elk voorstel die daar uit voortkomt even belachelijk ( voor meer uitleg, zie P.s.)
  4. En het I- criterium is zo’n voorbeeld van een ondoordacht beleid. De verwijzing van Tops/Tromp, raadsleden van de VVD, CU en menig ander belangrijk persoon/instantie als zou dit criterium succesvol in Maastricht uitpakken is een gotspe ( in moderne taal; fake news) A) Het overgrote deel aan zuidelijke steden hebben het criterium al tijden geleden opgedoekt, met als bijeffect van dat Maastricht kan pochen dat het criterium bij haar wel werkt  B) van dat er veel meer negatieve bijeffecten aan het criterium kleven als algemeen verondersteld wordt plus dat dit criterium al jaren een verkeerd signaal is naar een Europees softdrugs- en coffeeshopbeleid! En tenslotte is Maastricht in zowat al haar facetten van toerisme, ligging als samenstelling aan bevolkingsgroepen op geen enkele manier te vergelijken met Amsterdam.
  5. Het pleidooi op het invoeren van het criterium veronderstelt van dat er in Amsterdam sprake is van een strikte scheiding tussen ingezetenen en niet-ingezetenen. De dagelijkse Amsterdamse werkelijkheid is veel complexer aan menig overlap tussen beide categorieën. Ik raad een ieder aan om eens coffeeshops te bezoeken waar in het algemeen dezelfde diversiteit aan hele, halve, als niet ingezetenen aan bezoekers te vinden zijn als in cafés en dan vooral rond (inter)nationale festiviteiten als Koningsdag, Gay Pride, RAI congressen, ADE, volle Johan Cruyff Arena’s, SAIL, enz. Hoe kan je binnen een dergelijke complexiteit van onze stad met een uitgebreid aanbod aan publieke voorzieningen EEN voorziening uitzonderen waar een deel van mensen niet mag komen? Dat ruikt toch naar iets wat we niet willen ruiken!?
  6. En ook in praktische opzicht is het criterium een gotspe waarvan ik ervan uitga dat U dit middels meerdere notities van mijn hand al weet van hebt ( zie website; augustdeloor.nl)
  7. De toekomst van de Amsterdamse binnenstad verdient een genuanceerde aanpak. Met  mijn 71 jaar wonen en werken in die binnenstad plus 50 jaar werkzaam voor het Amsterdamse drugsbeleid wil ik daar mijn bijdrage bij leveren. Maar dat heeft alleen maar zin als dat vermaledijde criterium van tafel is!

Met vriendelijk groet en wijsheid in Uw raadswerk!

 August de Loor

Ps) wat betreft aard en omvang van het Amsterdamse drugsprobleem gaan bijna alle hoofdsteden in Europa ons voor om over een groot aantal grote steden in de USA, Afrika, Zuid Amerika en Azië maar te zwijgen. Waar Amsterdam zich in onderscheidt is dat een groot deel van het drug en druggebruik zich openlijk manifesteert zoals gebruikersruimtes voor junkies, heroïneverstrekking, spuitenruilprojecten, drugstestspreekuren, smartshops en ten aanzien van dit dossier; coffeeshops. Het was burgemeester Schelto Patijn die er steeds op wees van dat die zichtbaarheid een uitvloeisel is van het gedoogbeleid waarbij het maatschappelijk zichtbaar houden van een complex fenomeen het beste instrument is voor politiek/bestuurlijke bijsturing. De tragiek is dat die zichtbaarheid de beeldvorming voed als zou in Amsterdam maar alles mogen en kunnen met het slappe-de-andere-kant-opkijkende-stadhuis als politiek schuldige! En die beeldvorming beperkt zich niet tot de kooplui op de Albert Cuyp en andere onderbuiknivo,s in onze stad. Menig vooraanstaande persoonlijkheid laten zich al decennialang in die zin uit ( herinner de stuitende afscheidswoorden van interim burgemeester van Aartsen over het politieke klimaat van het  stadhuis ten aanzien van het Amsterdamse drugsbeleid). Je zou dan verwachten dat een Hoogleraar Bestuurskunde ( de heer Tops) en een senior journalist van de Volkskrant ( de heer Tromp) definitief zouden afrekenen met die beeldvorming. Het omgekeerde is gebeurd met als opmerkelijk gegeven dat tot op de dag van vandaag alle deuren van de lokale en landelijke kranten, radio en tv voor deze onderzoekers open staan. Het gevolg laat zich raden van dat op al deze beeldvorming over onze stad de roep voor een hard optreden steeds luider wordt ( tot zelfs twee progressieve dominees die in het Parool opriepen van dat Amsterdam een voorbeeld moet nemen aan Singapore waar druggebruikers de doodstraf riskeren. Op mijn reactie dat dit laatste ook van toepassing is op homo,s kwam geen reactie!). De roep voor het invoeren van het I-criterium is een logisch vervolg van die beeldvorming!