Maandelijks archief: december 2017

De geschiedenis van de coffeeshopbond, de BCD

December 1992, afgesloten straten in de Amsterdamse woonwijken, 570 man politie met kogelvrije vesten, getrokken pistolen, laagvliegende helicopters, vast geboeide arrestanten afgevoerd in stadsbussen!

Was dit de werkwijze van de WAR ON DRUGS in de USA? Was dit Italië in de strijd tegen de maffia? Nee, dit was Nederland met, na 20 jaar coffeeshops en 16 jaar softdrugsbeleid haar nieuwe beleid van de aanpak van coffeeshops! En dat dit in de lucht hing had alles te maken met een stroom aan aantijgingen die hier aan vooraf ging als zouden coffeeshops zich schuldig maken aan handel in harddrugs, in wapenhandel, belastingfraude, herbergen van illegalen, enz. En toen zelfs de verslavingszorg waarschuwde voor een vanuit de coffeeshops nieuwe golf aan heroïneverslaafden begon bij politiek en publiek de gedachte te leven als zou het scheidingsbeleid tussen soft- en harddrugs gefaald hebben, zodat coffeeshops net zo goed gesloten konden worden. Het was binnen deze publieke opvatting dat, op initiatief van het Adviesburo Drugs, de bond van coffeeshopeigenaren werd opgericht, de BCD ( Bond van Cannabis Detaillisten).

De bond oogstte meteen succes met dat Amsterdam, in tegenstelling tot menig andere stad afzag van een actief sluitingsbeleid van coffeeshops. In plaats daarvan werd op aandringen van de gemeenteraad een commissie Toekomst Amsterdamse softdrugsbeleid opgericht wat de basis legde van een in de jaren negentig politiek en bestuurlijk stabiel Amsterdams softdrugs- en coffeeshopbeleid. In de periodieke overleggen tussen de BCD en de burgemeester die daarop volgden werd daar praktische invulling aan gegeven met een lange lijst aan grote en kleine dossiers. Het waren deze resultaten waardoor in steeds meer steden coffeeshopbonden werden opgericht, met daarop volgend in 2001, nogmaals op initiatief van het Adviesburo Drugs, de oprichting van een landelijk platform van lokale coffeeshopbonden, het LOC ( Landelijk Overleg Coffeeshopbonden). En dat dat platform net op tijd kwam bleek maar al te gauw bij de start van de regering Balkende met weer opnieuw een aanslag op het softdrugsbeleid van de invoering van de scholenafstand ( met als gevolg een verdere ingrijpende reductie van het aantal coffeeshops in Nederland), een registratieplicht voor bezoekers van coffeeshops, de Wietpas van een verbod voor toeristen van het bezoeken van coffeeshops, het plaatsen van cannabis met 15% THC als harddrug plaatsen op lijst 1 van de Opiumwet. Maar waar begin jaren negentig nauwelijks enig protest klonk tegen de toentertijd omslag in het softdrugsbeleid kwam er nu wel veel protest op gang waardoor veel van bovengenoemde maatregelen uiteindelijk niet ingevoerd zijn.

Het is ontegenzeggelijk de inzet van de bonden geweest waardoor die publieke en politieke protesten op gang zijn gekomen met als laatste resultaat van de eerste politieke stappen richting het legaliseren van de achterdeur van coffeeshops! Het moge duidelijk zijn dat dit de grootste uitdaging is in de geschiedenis van het Nederlandse softdrugsbeleid. Het is aan de coffeeshopbonden de taak van dat die achterdeur zo geregeld wordt van dat aan de wensen van de consument van cannabis voldaan wordt. Het is alleen op die manier waardoor alle voordelen van de legalisering tot zijn recht komt! Al bijna 50 jaar kennis en ervaring binnen de coffeeshopbranche over die wensen van de consument moet daar garant voor staan!!!

 

Legale achterdeur coffeeshops!

De regering gaat de komende tijd een onafhankelijke begeleidingscommissie instellen voor het experiment van de legale achterdeur.                                                                                                  Mijn advies is dat Amsterdam hetzelfde doet van het samenstellen van een soortement denktank aangezien de consequenties van die legalisering zeer uiteenlopend zullen zijn zowel in positieve als in negatieve zin, en dan niet alleen specifiek voor het drugsbeleid!                          Hoe meer ik om me heen kijk hoe meer ik overtuig raak dat dit nauwelijks beseft wordt wat op zich al aanleiding is voor het formeren van die Amsterdamse denktank zoals ik dat al eerder het Amsterdamse stadhuis heb geadviseerd ( zie eerdere berichten op de website).

Groet!                                                                                                                                                      August.

P.S.                                                                                                                                                              Hier in Italië is het drugsbeleid nog uit het jaar nul met veel conservatisme vanuit de kerk. Het zijn moedige mensen die hier strijden voor een beleid voor toestaan recreatief cannabisgebruik als de medische toepassing! Ben nu onderweg naar Sicilië waar ook een patiëntengroep bezig is voor medische cannabis a la Bedrocan in Nederland!                                                                           In Rome heb ik de eerste rookruimte voor deze patiënten bezocht. Een armeclubhuisruimte met moedige, mondige mensen. Die hebben veel eerder een lintje verdiend dan ik in Nederland met veel meer mogelijkheden!!

Mijn pelgrimage in Italië!

Ik ben tot 11 januari in Italië voor onder andere werkbezoek en overleg voor een beleid voor het toestaan van zowel het recreatief gebruik van cannabis als het verstrekken van cannabinoiden op medische indicaties! Wat betreft dat laatste is een moedige groep van patiënten in Rome en Sicilië bezig om allerlei ( loodzware) deuren open te krijgen!

Wat ik begrijp is dat de Italiaanse regering maar een zeer beperkte hoeveelheid medische marihuana uit Nederland heeft ingekocht wat al een tijd geleden op is zodat de patiënten “droog” staan, plus dat het medicijn onevenredig duur is! Ik heb toegezegd om het een en ander verder uit te zoeken in Nederland bij Bedrocan! Als iemand daar al meer over weet, laat me weten!!

Voor de rest had ik de eer om de eerste rookruimte in Italië te bezoeken waar de medische marihuana gebruikt mag worden bij het tonen van de registratie! Het zag er nogal primitief uit maar het begin is er!! Uiteindelijk hield ik aan dit bezoek een troosteloos gevoel over van een oerconservatief land alhier waarbij je in velerlei opzicht de invloed van de kerk op de achtergrond voelt!

Dit betekent voor het beleid voor het toestaan van recreatief gebruik van cannabis van dat er nog zeer veel hobbels bevochten moet worden! Daar waar de laagdrempeligheid van de verkoop van alcohol bijna drempelloos is, wordt er rond cannabis alleen maar spastisch gereageerd door pers, publiek en politiek!

Ik stop want ik krijg een glaasje heerlijke citroenlikeur aangeboden en Italianen zijn vrolijke drinkers!!

On 7. Dec 2017, at 01:31, a good friend of my wrote:

Portugal’s policy rests on three pillars: one, that there’s no such thing as a soft or hard drug, only healthy and unhealthy relationships with drugs; two, that an individual’s unhealthy relationship with drugs often conceals frayed relationships with loved ones, with the world around them, and with themselves; and three, that the eradication of all drugs is an impossible goal.

 

https://www.theguardian.com/news/2017/dec/05/portugals-radical-drugs-policy-is-working-why-hasnt-the-world-copied-it?CMP=share_btn_fb

Het Parool van 8 december over 40 jaar MDHG/Junkiebond

Hoe Paul Vugts de eerste twintig jaar van de MDHG

 

De Amsterdamse ‘Junkiebond’ MDHG bestaat veertig jaar. Hoe de pioniers, ook tegen de politieke stroom in, de ene na de andere innovatie bevochten die in vele buitenlanden werd overgenomen. Medeoprichter August de Loor is trots.

 

journalist; Paul Vugts

AMSTERDAM

 

Het ‘opium schuiven’ in de jaren vijftig – in de Chinese opiumkits en gaandeweg ook door Amsterdamse kunstenaars – was tot daar aan toe. De opkomst in de jaren zestig van cannabis en lsd (onder hippies) en speed (onder studenten) wekten nog overzichtelijke zorgen. Hét drugsprobleem dat begin jaren zeventig in Amsterdam explodeerde was de heroïne.

Het verhaal is bekend.

De op ‘bruin’ overstappende opiumschuivers, de geflipte hippies en de eerste generatie Surinamers die in de aanloop naar de onafhankelijkheid op goed geluk naar Amsterdam kwam: aan een bonte mix van harddruggebruikers bleef heroïne razendsnel ‘plakken’: ze raakten verslaafd. De sombere jeugdcultuur waarin steeds meer werkloze jongeren zich verloren waanden, hielp niet: ook die groep raakte in de greep. De kop van de Zeedijk werd een nogoarea – al leek het de gebruikers eerst een roze wolk waarbinnen ze zich konden afsluiten van de boze buitenwereld.

Surinamers en Antillianen ‘chineesden’ (rookten) de heroïne, de rest spoot.

“De overheid reageerde zoals de overheid sindsdien altijd op drugs reageert,” fulmineert August de Loor, die al die decennia later zijn energie niet is verloren. “Met het beruchte tweesporenbeleid: enerzijds de gebruikers criminaliseren en opjagen en ze anderzijds als zielige patiënten beschouwen en betuttelen omdat drugsgebruik op zich als een psychische aandoening wordt gezien.”

De Loor was vanaf eind jaren zestig de eerste Amsterdamse straathoekwerker, zoals dat in goed Nederlands heette, en wond zich op. Dat kan hij. Tot hij in de Volkskrant in 1975 een advertentie las waarin ene Johan Riemers, medeoprichter van de PSP, zijn Medisch-sociale Dienst voor Heroïne Gebruikers aankondigde: MDHG. Al snel stond de lettercombinatie voor rondere taal: Maak De Hulp Gewoon. Het pand aan de Binnenkant 46, hartje centrum, werd een bastion voor de junkies, hun naasten en kritische hulpverleners die ruim wilden denken.

“Johan was tegen dat tweesporenbeleid en zocht de derde weg: de gebruikers niet wegstoppen, maar serieus nemen en laagdrempelige hulp bieden. Ik was verkocht. We gingen junkies niet opsluiten in gevangenissen of verre klinieken, maar ín de stad zorg bieden waarin ze serieus werden genomen.”

Dat werd de filosofie waarmee de MDHG – vaak tegen de stroom in – het pionierswerk verrichte dat eerst zorgen baarde, om later toch ook bewondering te oogsten. De Loor: “Zo begon pas deze eeuw het op medische gronden verstrekken van heroïne waarvoor de MDHG al in de jaren zeventig plannen had.”

 

Dokter 10

MDHG steunde tien Amsterdamse huisartsen die heroïnegebruikers methadon verstrekten. De Loor: “Ze zagen kinderen naar de klote gaan die ze achttien, twintig jaar daarvoor nog op de wereld hadden geholpen. De reguliere verslavingszorg wilde de methadonverstrekking in eigen hand houden, centraal, maar de huisartsen dachten anders. Zo lang een gebruiker binding heeft met zijn of haar eigen omgeving, ligt dáár de kracht.”

 

De ‘buurtgerichte aanpak’

In dezelfde filosofie pleitte de MDHG voor wijkposten waar verslaafden terecht konden. “Het duurde helaas tot 1981 voor de gemeente deze visie serieus nam en er drie GGD-poliklinieken kwamen: één in de Jordaan in de Laurierstraat, één in Oost in de Eerste Oosterparkstraat en één in chic Zuid, in de Van Baerlestraat.”

Van die laatste werden de ruiten ingegooid door woedende buurtbewoners. De Loor zag het gebeuren. “Ik dacht eerst: ein-de-lijk wordt ons voorstel uitgevoerd. Maar de GGD opende de wijkposten naar mijn idee stiekem, zonder een appèl te doen op de buurt. We hebben er met de MDHG veel energie in gestoken voor die wijkposten draagvlak te krijgen in de buurten. Dat werkte veel beter.”

Waar de reguliere verslavingszorg toen alleen methadon verstrekte met het oogmerk de porties zo snel mogelijk af te bouwen, wilde de MDHG ‘een vaste onderhoudsdosis’. De Loor: “Extreme verslaving verandert je leven in een nachtleven. Om de zes uur heb je een shot nodig. Met een onderhoudsdosis methadon zonder verplichting af te kicken kan de gebruiker in plaats van zes uur, 24 uur redelijk functioneren. Zo kan die zijn leven proberen te normaliseren en hopelijk daarna helemaal afkicken.”

 

Vroeghulp

“Een verslaafde die in de cel belandde, lieten ze cold turkey afkicken als hij geen recht had op methadon bij de gratie dat hij bij de Jellinek liep. Ik heb de junken in het huis van bewaring aan het Kleine-Gartmanplantsoen nog horen gillen. Vechtend tegen alle opvattingen van politie, justitie, reclassering en verslavingszorg in, kregen wij vroeghulp voor verslaafde arrestanten van de grond. Achteraf bezien was dat een soort voorloper van de rijdende psychiater.”

 

Spuitenruil

MDHG organiseerde op donderdagavonden in het hoofdkwartier aan de Binnenkant het ‘rondje stad’: een overleg van iedereen die vond dat wat te overleggen viel. Met vooraf een kom soep en gratis hulp van een huisarts en een jurist schoven ook de verslaafden aan met verhalen uit de eerste hand over gevangenissen, afkickklinieken, vervuilde dope enzovoort.

De Loor: “Iedereen kon vertellen en inspireren, wat de kiem legde voor nieuwe plannen, zoals de spuitenomruil. De buurt klaagde over spuiten in de zandbak. Eerst gaven we wat junkies geld om die spuiten op te ruimen, maar die werden dan weggegooid.”

Ondertussen kwam de geelzucht op, door gebruik van elkaars vuile naalden.

“Rond 1980 begon de onvolprezen apothekeres Henny Rasker aan de Geldersekade met onze hulp een spuitenruilspreekuur. Wie een gebruikte spuit inleverde, kreeg een nieuwe. Zo bleven de vieze spuiten niet slingeren en hoefden de gebruikers spuiten niet te delen.”

“Toen het goed werkte, verplaatste het project zich naar MDHG. Per week werden duizenden spuiten geruild. We ontwierpen een mooi doosje voor alle attributen: de spuit, een lepel, een watje, ascorbinezuur (voor het spuitklaar maken van bruine heroïne). Een junkie is een individualist. Die houdt zoiets moois voor zichzelf en dat was nou net de bedoeling.”

“Toen aids ook de gebruikers besmette, gaven de Surinaamse en Antilliaanse rokers van heroïne de blanken les over hoe ze door op de juiste manier te roken dezelfde flash konden bereiken als met dat gevaarlijke spuiten. ‘Hé witte man, van roken krijg je geen aids!’ Zo hadden wij al een blauwdruk klaarliggen toen de reguliere hulpverlening het dodelijke gevaar van aids voor gebruikers onderkende.”

Het idee voor het spuitenruilen ging de wereld over. “Waar ook ter wereld zijn er nu plekken waar junkies spuiten kunnen ruilen. Het werkt tegen besmettelijke spuitziektes én zorgt dat de gebruikers in contact blijven met de samenleving.”

 

Dagblad Het Parool van 8 december; 40 jaar MDHG/junkiebond, een interview

Morgen 8 december viert de MDHG haar veertigjarige bestaan met een symposium. Als medeoprichter van deze vereniging ( die vanaf 1975 eigenlijk al 42 jaar bestaat) wordt ik geinterviewd door het Parool

Hieronder alvast een klein stukje uit het artikel wat morgen in deze krant staat! Kortom, koop die krant!

 

 

De Amsterdamse ‘Junkiebond’ MDHG bestaat veertig jaar. Hoe de pioniers, ook tegen de politieke stroom in, de ene na de andere innovatie bevochten die in vele buitenlanden werd overgenomen. Medeoprichter August de Loor is trots.

 

interview; Paul Vugts,  Het Parool

AMSTERDAM

Het ‘opium schuiven’ in de jaren vijftig – in de Chinese opiumkits en gaandeweg ook door Amsterdamse kunstenaars – was tot daar aan toe. De opkomst in de jaren zestig van cannabis en lsd (onder hippies) en speed (onder studenten) wekten nog overzichtelijke zorgen. Hét drugsprobleem dat begin jaren zeventig in Amsterdam explodeerde was de heroïne.

Het verhaal is bekend.

verbod op de verkoop van legale cannabis met een hoog percentage THC

Landelijke dagbladen melden op 4 december het volgende bericht; Meerdere gemeentes die zich opgegeven hebben voor het experiment van legale cannabis stellen dat zij geen verkoop wensen van wat zij als te sterke wiet beschouwen, in vakjargon; cannabis met een hoog percentage THC. Hierbij stellen zij dat zij zich niet verantwoordelijk willen voelen als ook maar een consument door het gebruik van die sterke wiet een Psychose oploopt

Op dit uitgangspunt valt het nodige op aan te merken;

1) deze visie lijkt in een aantal opzichten op die van het voornemen van een van de vorige regeringen om cannabis met een percentage van 15% THC als harddrug op lijst 1 van de Opiumwet te plaatsen. Na een hoorzitting waar zowat elke discipline aan deskundige dit voornemen van tafel veegde komt dit aspect weer in beeld. Het bizarre is dat het toen nog een voornemen was van regeringen met een antipathie tegen cannabis en coffeeshops (zoals Rutte/Opstelten) maar nu afkomstig is van gemeentes die cannabis gelegaliseerd willen hebben

2) Wat in die hoorzitting als een van de belangrijkste argumenten tegen dit voornemen ingebracht werd was dat niet het percentage THC maar het ontbreken van CBD maatgevend is voor de sterkte van cannabis. Zolang er een redelijke hoeveelheid CBD in de wiet zit maakt de hoogte aan percentage THC weinig tot niets uit. Dit inzicht zie ik in de recente berichtgeving vanuit de gemeentes op geen enkele manier terug terwijl je mag verwachten dat die gemeentes zich hebben laten informeren door deskundigen

3) Het oplopen van een psychose ( of andere zeer onaangename verschijnselen zoals desorientatie, “flippen”, enz ) heeft weinig te maken met de sterkte van de cannabis maar veelal met overmatig gebruik; scherper gesteld; een onbalans tussen gebruik en de sociaal/psychische conditie van de consument van dat moment. Kortom; een verstandige consument draait een kleine joint van sterke cannabis en een grote bij zwakke wiet. Ter vergelijking met alcohol drink je geen whisky in een bierglas! Overmaat schaadt of dat nou gebeurt bij zwakke of bij sterke soorten cannabis

4) KIjkend naar 50 jaar trends in gebruik van cannabis zie ik vele overeenkomsten met de trends in het gebruik van alcohol van een grote mate aan diversiteit van niet alleen aan soorten groepen consumenten (in leeftijd, sociale klasse en etniciteit) maar ook aan aanleidingen en motieven van gebruik. Als uitvloeisel van deze ontwikkeling zie je zowel bij alcohol als bij cannabis een grote variateit in het aanbod; bij alcohol aan soorten bier, wijn en  gedestilleerd ( en niet te vergeten de cocktails en andere mixdranken). Diezelfde opdeling van zwakke tot sterke aan soorten alcohol zie je ook terug bij cannabis. Het legaliseren van cannabis loopt op een fiasco uit als door de overheid een norm wordt opgelegd van alleen verkoop van zwakke wiet met als je dat zou vergelijken met alcohol van dat alleen evenementenbier met een laag percentage alcohol verkocht mag worden in cafe, restaurant of supermarkt

5) En om nog even verder bij alcohol te blijven; Als het niet verantwoordelijk voelen voor ook maar een psychose incident bij legale cannabis de norm moet worden verzoek ik alle gemeentes om vrijdag- en zaterdagnacht eens post te vatten aan de randen van de lokale uitgaanskwartieren en later die nacht op de eerstehulpposten van ziekenhuizen om dan door de week de alcohol afkickklinieken te bezoeken en daarna de bankjes in de stad met de lokale alcoholisten. Moet ik dit aspect nog verder toelichten ten opzichte van de norm die ten aanzien van cannabis wordt opgelegd????

6)  Tenslotte;met deze normering ten aanzien van het legaliseren van cannabis   (Oeps, ik moet effe weg, wordt vervolgd!)