
Dat betekent niet alleen het binnen laten van het Paard van Troje in de binnenstad maar ook in de rest van Amsterdam en uiteindelijk het hele land.
De roep dat Amsterdam het ingezetenencriterium (I-criterium) moet invoeren is een al jaren terugkerende discussie.
De bepleiters van het I-criterium gaan er van uit dat daarmee een forse reductie van het aantal toeristen gerealiseerd kan worden en dat, in hun woorden, ook het laagwaardig coffeeshop- toerisme, wat Amsterdam liever kwijt dan rijk is fors zal afnemen en dus ook de overlast. Wat nieuw is dat, naast het bepleiten voor een I-criterium voor de hele stad, de PVDA (PRO) aandringt op een nieuwe variant van het I-criterium maar dan alleen voor de binnenstad.
In een jaren geleden notitie met dezelfde verwijzing naar het Paard van Troje waarschuwde ik al dat door het I-criterium juist de overlast zal toenemen en ondermijnend uitpakt op een van de kerndoelen van het drugsbeleid van het gescheiden houden van softdrugs met die van harddrugs. In deze notitie herhaal ik deze waarschuwing dat ook de nieuwe variant averechts zal uitpakken op wat de voorstanders van het I-criterium denken te bereiken. Kortom, de verwijzing naar het Paard van Troje blijft overeind!
Het I-criterium, een terugblik
“Sinds 2012 is het ingezetenencriterium opgenomen in het (strafrechtelijke) landelijke kader van het Openbaar Ministerie (OM). Dit criterium houdt in dat alleen personen die in een Nederlandse gemeente staan ingeschreven een coffeeshop mogen betreden.” Deze landelijke maatregel ( waar lokale overheden de vrijheid van invoering bij hielden) was gericht op het stoppen vanuit het over de landgrens wippen van het in de Nederlandse grenssteden kopen van cannabis. In de discussie van het in Amsterdam invoeren van het I-criterium wordt niet stil gestaan bij dat deze maatregel nauwelijks vaste voet aan de grond gekregen heeft. Op een aantal grenssteden na, zoals Maastricht, zagen steeds meer steden ervan af of gaven er geen uitvoering aan, lokaal bestuurlijk weggezet als een “dooie letter“ (zonder te beseffen daarmee vooruit te lopen op wat er nog komen zou). En dat nog komen is nu aan de gang. Als gevolg van een onomkeerbaar Europees politiek proces van een geleidelijke decriminalisering/gedogen van cannabis (in met name ons buurland Duitsland) neemt het over de grens wippen voor de aanschaf van cannabis in Nederland meer en meer af. Kortom, waar het I-criterium voor bedoeld was kan aan de “dooie letter” het woord “achterhaald” worden toegevoegd. De vraag is dus: Als het I-criterium nauwelijks heeft gewerkt, hoe zal dit dan uitpakken in Amsterdam, een stad ver weg van de landsgrens, met een totaal andere nationale en internationale aantrekkingskracht en met een andere doelstelling dan waar het I-criterium voor bedoeld is? En tenslotte of die maatregel niet ook voor Amsterdam een achterhaalde maatregel is?
Bezoekers van coffeeshops
Om deze vragen te kunnen antwoorden moet eerst de vraag worden gesteld wie nou de coffeeshops bezoeken? Zijn dit werkelijk die (laagwaardige) toeristen?
Decennialang beroepsmatig bezoeken van coffeeshops in de binnenstad en de omliggende wijken levert een eenduidig beeld op van uiteenlopende groepen van bezoekers, variërend van buurtbewoners (in leeftijd, sociale achtergrond en etniciteit) van bezoekers werkzaam in Amsterdam die in de regio geen coffeeshop hebben (zoals Amstelveen), van tijdelijke buitenlandse werknemers uit de overslagbedrijven, seizoen-werkers, buitenlandse studenten en expats tot een specifieke categorie van bezoekers van niet- ingezetene (kort/lang tijdelijke) buurtbewoners (de zogenaamde “grijstinten ” tussen geregistreerde en niet geregistreerde, een uitvloeisel van de smeltkroes aan nationaliteiten wat zo kenmerkend is voor Amsterdam). Waar de coffeeshops in de wijken zich in onderscheiden met die in de binnenstad is dat zij procentueel meer bezoekers uit de buurt ontvangen. Daarentegen ontvangen de coffeeshops in de binnenstad bezoekers uit de regio tijdens koopavond, weekenduitjes en de binnenstad-uitgaanskwartieren. Een ander verschil met de coffeeshops in de wijken zijn bezoekers uit binnen- en buitenland. Het zijn bezoekers die het hele jaar door op Amsterdam afkomen voor nationaal en Europees voetbal in de Arena, voor popconcerten in Ziggodome, Paradiso en de Melkweg naast evenementen zoals Koningsdag, ADE, Pride, evenals de tientallen beurzen, tentoonstellingen, en al die andere evenementen waar Amsterdam als nationale, Europese en wereldstad prat op gaat. Het stedentoerisme is daar de afgelopen decennia bijgekomen, van low- middle- tot high- budget toeristen, waarbij slechts een deel als uitgesproken “coffeeshoptoerist“ omschreven kan worden. Het overgrote deel bezoekt namelijk ook al het andere wat Amsterdam te bieden heeft.
Het overzicht maakt duidelijk hoe divers coffeeshops aan bezoekers ontvangen. Het is een indicatie over de mate waarin coffeeshops geïntegreerd zijn in de samenleving. In de woonwijken is deze integratie van coffeeshops te vergelijken met die van het buurtcafé en in het centrum met het nationaal en internationaal karakter van de daar natte horeca. Daarnaast maakt het overzicht de samenhang duidelijk tussen wie de coffeeshops bezoeken met wat er zich in Amsterdam afspeelt, voordoet en aangeboden wordt. Kortom, wat Amsterdam Amsterdam maakt.
Het is deze plaats en functie van de coffeeshops in Amsterdam wat door de voorstanders van het I-criterium in werkelijk elk opzicht over het hoofd gezien wordt. Zodoende ontbreekt het hen ook aan enig besef over wat het I-criterium teweeg zal brengen. Uiteenlopend van tot het in de kern aantasten van de functie van coffeeshops, van het ondermijnen van het scheidingsbeleid tussen soft- en harddrugs, van een toename van blowen in de publieke ruimte, van het uitdijen en verharden van het straatdealcircuit en van het creëren van, Amsterdam onwaardige, bizarre situaties in vooral de binnenstad. En dit alles bij elkaar opgeteld leidt dit alleen maar tot meer (en nieuwe vormen van) overlast, lees precies het tegenovergestelde wat de voorstanders met het I-criterium denken te realiseren.
Een BIZARRE binnenstad
Met de invoering van het I-criterium ontstaat een voor de Amsterdamse binnenstad ongekende nooit eerder vertoonde maar vooral BIZARRE situatie! BIZAR dat al die bovenbeschreven uiteenlopende categorieën van niet-ingeschrevene bezoekers overal in de binnenstad welkom zijn, behalve in een gelegenheid! En dan hebben we het niet over een marginale gelegenheid, met marginale openingstijden voor een marginale doelgroep! Nee, het gaat om een, met andere horeca te vergelijken gelegenheid; de coffeeshop. En wat dit extra BIZAR maakt is dat al die coffeeshops in de binnenstad niet dichtgetimmerd zijn, de voorpui geen donker gat! Niets van dat al. De deuren staan wagenwijd open, verlichting aan, bezoekers binnen maar voor al die bovenbeschreven honderdduizenden buitenlandse bezoekers van ADE tot stedentoerist is dit; VERBODEN toegang! “Het spek op de kat binden”, en: “ De aanlokkelijkheid van de verboden vrucht”, zijn spreuken die hierop van toepassing zijn! En tenslotte; verplaatst je eens in wat zich in de binnenstad kan voordoen: Waar de avond ervoor nog samen internationaal gedanst is in ZIGGODOME, of beide supportersgroepen samen juichen tijdens Nederland/België, de dag later in diezelfde stad elk wederzijds contact in de coffeeshop uit den boze is! Het is deze selectieve ongastvrijheid wat zowel bij de ingezetenen als de niet-ingezetenen van Amsterdam, zacht uitgedrukt, de wenkbrauwen zal doen fronzen. Dit alles is wat Amsterdam met haar binnenstad over zichzelf afroept.
Overlast in de binnenstad, overlast in de woonwijken
Door de invoering van het I-criterium zal de overlast eerder toe- dan afnemen dan wat de voorstanders van deze maatregel beloven (EN zal die overlast zich ook niet meer beperken tot de binnenstad maar tot ver in de woonwijken uitdijen).
Voor de deur van de binnenstadcoffeeshops ontstaat een overlast van tandenknarsende wachtenden die niet naar binnen mogen, van woedende niet- geregistreerde (tijdelijke) Amsterdammers die niet meer welkom zijn in hun favoriete coffeeshop, van al diegenen die alsnog proberen binnen te komen, tot tenslotte al die sores aan de voordeur aan persoonscontrole wat het I-criterium nou eenmaal opeist.
Voor de deur van de coffeeshops in de woonwijken ontstaat overlast door al die toeloop van geïrriteerde groepen die de toegang tot de binnenstadcoffeeshops geweigerd waren. Met vervolgens ook irritatie onder de vaste klanten van de wijkcoffeeshop die zich door die morrende rij naar binnen moeten zien te wurmen. Op een paar aan de rand van de stad na (middel)grote verkooppunten zitten de buurtcoffeeshops niet te wachten op deze (kunstmatige) toestroom van klanten. Het zorgt voor spanningen onder het personeel, die met tegenzin werk moeten uitvoeren en ook nog voor een klantenkring waar zij geen affiniteit mee hebben. Dit alles kan ertoe leiden dat een deel van de coffeeshopeigenaren doet besluiten de buurt/ontmoetingsfunctie op te doeken om zich louter te beperken tot de verkoop van cannabis Maar die koerswijziging zal niets afdoen aan de rij wachtenden. Die zal eerder toe- dan afnemen. (N.B. Het is al jaren een trend dat steeds meer eigenaren de ontmoetingsfunctie van hun coffeeshop sluiten. Meerdere oorzaken, zoals een te strikte controle op de gedoogcriteria liggen hieraan ten grondslag. Deze trend waardoor de coffeeshops tot louter verkoopbalies gereduceerd worden is vanuit de doelstellingen van het drugsbeleid zeer ongewenst wat door I-criterium alleen maar zal toenemen ). Dit alles is wat de woonwijken te wachten staat aan drukte en overlast. Het roept de vraag op hoe de coffeeshopeigenaren hierop moeten reageren? Naar de buurtbewoners, de buurtkaders, de collega-ondernemers in de straat en al die anderen waar jarenlang goede contacten mee zijn opgebouwd? Op hoeveel begrip kan een eigenaar rekenen voor een situatie waar hij of zij niet om gevraagd heeft? En hoe valt het te voorkomen dat de schuld bij de coffeeshops gelegd wordt met de oproep dat ze “motten oprotten”!
In een van mijn meest recente rondgang langs de coffeeshops in de binnenstad en de wijken gaf een coffeeshopeigenaar dit treffend weer; “Stel dat zo een criterium op cafés losgelaten zou worden, dan zou dagelijks de Telegraaf vol staan en het stadhuis te klein zijn!”
Toename blowen in de publieke ruimtes van de stad
Wat het I-criterium ook in de hand zal werken is een toename van het blowen in de publieke ruimtes. In eerste instantie in de binnenstad. Want na de aanschaf van cannabis in de woonwijken maken al die uiteenlopende internationale bezoekersgroepen onmiddellijk rechtsomkeer. De aantrekkingskracht van wat Amsterdam allemaal te bieden heeft ligt namelijk niet in de woonwijken maar hoofdzakelijk in de binnenstad. Maar daar zijn de coffeeshops voor hen gesloten met dus alle kans dat een deel van hen gaat blowen op pleinen, in steegjes, cafés, hotelkamer en andere plekken in de binnenstad ( het nu huidige, behoorlijk succesvolle blowverbod in de binnenstad kan de burgemeester dan op haar buik schrijven). Daarnaast is er ook een toename van blowen, verspreid over de stad op pleinen en in parken te verwachten met alle overlast en irritatie van dien. Al dit publiekelijk blowen bij elkaar opgeteld wat vervolgens jongeren op diezelfde pleinen en parken nieuwsgierig maken waar die wietdampen nou vandaan komen (een ernstige aantasting van het drugspreventiebeleid). Een toename van het blowen in de publieke ruimte staat ook haaks op de roep uit de samenleving in het terugdringen van plat consumptiegedrag in de publieke ruimte in fastfood, alcohol, enz. Niet een I-criterium maar een fijnmazig netwerk aan coffeeshops over de stad met gastvrije ontmoetingsruimtes voor de consument zou voor wat betreft het tegengaan van blowen op straat een pragmatisch antwoord zijn.
Het straatdealcircuit dijt uit over de stad
Wat het I-criterium in eerste instantie zal veroorzaken is de opkomst van een informeel verkoopcircuit in de nabijheid van de binnenstadcoffeeshops; van bezoekers die cannabis inkopen voor bevriende relaties tot doorverkoop aan de verderop in de straat wachtenden die niet meer welkom zijn in de coffeeshop. En bij dat laatste staat sowieso al het huidige doorgewinterde straatdealcircuit in de binnenstad klaar en zal zeker in omvang groeien (dit door het I-criterium gecreëerde schaarste-principe en dat ook nog voor een makkelijk herkenbare klantenkring van allereerst de die voor-de-dichte-coffeeshopdeur wachtenden ). Daar waar nu het straatdealen zich hoofdzakelijk beperkt tot de binnenstad zal door het I-criterium ook een fijnmazig grootstedelijk dealernetwerk ontstaan. Het wordt een netwerk in en rond de toeristen hotels tot ver buiten het centrum (dit fenomeen dook al eerder op bij de vorige poging om het I-criterium in Amsterdam ingevoerd te krijgen. Waar de internationale media deed voorkomen dat toeristen niet meer welkom waren in de Amsterdamse coffeeshops herhaalde het dealernetwerk dit met volle overtuiging, tot zelfs hondsbrutale dealers vanuit de hotellobby’s).
Dit grootstedelijk netwerk is op zich al een zorgelijk vooruitzicht en helemaal als dit zich gaat vermengen met de recente ontwikkelingen van openlijk gebruik en handel van basecoke en andere harddrugs in parken en pleinen verspreid over de stad. En dit zal een forse knauw betekenen in een van de kerndoelstellingen van het Nederlandse drugsbeleid van het gescheiden houden van de softdrugsmarkt met die van de harddrugs. (N.B. een knauw als gevolg van een maatregel tegen coffeeshops, terwijl diezelfde coffeeshops van essentiële belang zijn in het gescheiden houden van de drugsmarkten. Hoe macaber kan het zijn?).
Naast het ontstaan van een grootstedelijk dealernetwerk zijn er nog andere dealsystemen denkbaar die zich specifiek zullen richten op de groepen waar de coffeeshops voor gesloten zijn. Te denken valt aan valse registratieformulieren, van het aan buitenlandse vrienden “informeel” leveren van cannabis tot welkompakketjes in de verhuurkamers voor toeristen. En wat te denken van het risico van het bijverdienen door foute taxichauffeurs, de apps en 06 lijnen hoe je als toerist in Amsterdam aan cannabis kan komen met de al tijden zeer zorgwekkende trend van steeds meer drugwebsites waar alles aan (hard) drugs te koop is plus anabolen, illegale Viagra tot onduidelijke designerdrugs en nepmedicijnen aan toe. (De eigenaren van drugswebsite FUNCAPES die nu jarenlange celstraf boven het hoofd hangen is daarbij het topje van de ijsberg!)
Verharding van het straatdealcircuit
Naast het risico van het verspreiden van het straatdealcircuit over de stad is er nog een ander risico van een verharding van datzelfde circuit. En daarmee kom ik op een van mijn meest bezorgde analyses. Het was tijdens de Coronacrisis wat een stijging van het maatschappelijk isolement onder jongeren teweegbracht met daaraan gekoppeld het ontstaan van (sub)counterculturen onder een deel van hen. Deze ontwikkeling heeft zich de afgelopen jaren doorgezet met het risico dat een desperaat deel van deze jongeren in de drugshandel stapt. Deze instap is ten aanzien van cannabis om twee redenen laagdrempelig. Ten eerste door het I-criterium zelf; het verkopen van cannabis aan toeristen zal door deze jongeren opgevat worden als een legitiem onderdeel van hun (sub)countercultuur. ( met als oneliner: “Het onrecht rechtzetten van dat ook toeristen recht hebben op een vette joint!!). En ten tweede het makkelijk kunnen verkrijgen van een (straat) dealer voorraad cannabis via netwerken met kleinschalige telers ( homegrow) en het momenteel ruime aanbod van (gesmokkelde) legale cannabis uit Amerika en Canada. Deze nieuwe instroom van grotendeels nog onervaren dealers zal ongetwijfeld tot spanningen leiden met de “gestaalde” al bestaande doorgewinterde kaders van straatdealers, met alle risico’s van dien. Van alle, met Amsterdam te vergelijken steden in de wereld, is Amsterdam redelijk gevrijwaard gebleven van extreem hard/onderling geweld tussen de verschillende straatdealcircuits.
Zonder paniek te zaaien moet alles in het werk gesteld worden om die geweldsspiraal voor Amsterdam te voorkomen!
Paard van Troje
Alles bij elkaar opgeteld maakt duidelijk dat, ongeacht welk I-criterium, dit voor een reeks van essentieel Amsterdamse beleidsonderwerpen averechts zal uitpakken. Met daarbij, dat door het I-criterium niet de overlast zal af- maar toenemen en dat over de hele stad.
Het verwijzen naar de geschiedenis van het Paard van Troje is dan ook terecht. Niet alleen voor de binnenstad maar ook voor de rest van Amsterdam. Het risico van het invoeren van I-criterium in Amsterdam is dat, alleen al uit angst voor het waterbedeffect, de rest van Nederland zal volgen. Dit betekent dat waar de nadelen van het I-criterium in het overgrote deel van de grenssteden al jaren onderkend wordt dit via Amsterdam weer ontkend wordt. En hiermee herhaalt zich de geschiedenis van Amsterdam als pioniersstad van het Nederlandse drugsbeleid, maar dan nu in omgekeerde negatieve volgorde. Om met dit laatste toch positief te eindigen zou Amsterdam er goed aan doen om die negatieve volgorde ten goede te keren. Het is een oproep om het I-criterium vaarwel te zeggen als een museumstuk en in te spelen op de wereldwijde- niet- meer-te-stoppen-legalisering van cannabis. Hierbij kan Amsterdam het voortouw in nemen met het, in deze notitie al eerdere oproep, realiseren van een over de stad verspreid netwerk van coffeeshops ( en slim daarbij de regio zoals Amstelveen in mee te nemen, ergo minder druk op de eigen coffeeshops). Met een dergelijk fijnmazig netwerk van coffeeshops (in feite het oude model van café/slijterij maar dan voor cannabis) is Amsterdam goed voorbereid als over een paar jaar het experiment van het reguleren van de achterdeur van coffeeshops daadwerkelijk overgaat tot de legalisering van cannabis in Nederland (een dergelijk voortouw is des te belangrijk aangezien het in het experiment ontbreekt aan politieke en bestuurlijke aandacht hoe het coffeeshopbeleid eruit moet zien als die legalisering van de achterdeur gerealiseerd is). En ook internationaal kan Amsterdam een voortrekkersrol spelen. Waar, al boven beschreven, in de menig Europees land het gebruik van cannabis steeds meer gedoogd/gedecriminaliseerd wordt, vind wereldwijd in steeds meer toonaangevende landen de volgende stap plaats van het volledig legaliseren van cannabis. Opmerkelijk hierbij dat in die landen te weinig het nut van coffeeshops ingezien wordt. Amsterdam, gepokt en gemaasd met meer dan 50 jaar ervaring, kan een voortrekkersrol spelen in het internationaal overtuigen dat de coffeeshop een onmisbare rol vervuld in het in goede banen leiden van de legalisering van cannabis. En dat niet alleen vanuit de gezondheidsoptiek van de consument maar ook vanuit het belang van de samenleving als geheel.
Amsterdam, 22 april 2026
August de Loor Directeur Stichting Adviesburo Drugs (met werkervaring vanaf 1968)
Kerkstraat 260hs 1017 HA AMSTERDAM info@adviesburodrugs,nl
website: augustdeloor.nl
Rapport: Over Last in de binnenstad van Amsterdam, een analyse over de vele problemen in de binnenstad en een uitleg over hoe het harddrugsprobleem op te lossen. 1987 Stichting Adviesburo Drugs,
Rapport: Coffeeshops en hun bezoekers, onderzoek naar de sociale functie van 115 Amsterdamse coffeeshops. 1996 Stichting Adviesburo drugs,
Rapport: Onderzoek naar de bezoekerspatronen in 11 Amsterdamse binnenstadcoffeeshops. 2021 Stichting Adviesburo Drugs.
