Categoriearchief: Uncategorized

Nieuws uit de smartshopwereld

Beste lezer,
Hierbij een greep aan artikelen uit de jongste nieuwsbrief voor de leden van de VLOS, de belangenvereniging van ondernemers en vrienden van smartproducten. Artikelen die misschien ook voor jullie interessant zijn. Veel leesplezier!


Muscimol incidenten

In de week van 19 oktober werd het VLOS-bestuur door de Jellinek geïnformeerd over een zorgwekkende ontwikkeling: ziekenhuizen in de regio Amsterdam hebben de afgelopen weken meerdere toeristen opgenomen na het consumeren
van de zogenoemde CannaShock-reep.
Deze personen hadden een volledige reep gegeten en daarmee een hoge dosis
muscimol binnengekregen, wat leidde tot ernstige lichamelijke reacties.
Naar aanleiding hiervan heeft de Jellinek de VLOS benaderd, zodat wij onze leden direct
konden informeren en waarschuwen. Eerder hebben wij in nieuwsbrieven en mailberichten al gewezen op de twijfelachtige juridische status van deze producten en het risico voor consumenten. Ook toen al hebben wij afgeraden om deze producten te verkopen.
Toch is recent een groep toeristen in het ziekenhuis beland. Hoe dit heeft kunnen gebeuren, is een vraag die wij als brancheorganisatie nadrukkelijk stellen. Zodra wij op de hoogte waren van de incidenten, is er in de Amsterdamse binnenstad proactief contact gezocht met ondernemers — zowel leden als niet-leden — en zijn er vlak voor het Amsterdam Dance Event waarschuwingsflyers verspreid. Met dank aan de vrijwilligers van AdviesBuroDrugs!
Ook via de VLOS-WhatsAppgroep is direct een waarschuwing uitgegaan. Daarnaast heeft de VLOS contact opgenomen met de producent van CannaShock. Dit leidde tot een uitgebreide discussie, waarbij duidelijk werd dat de producent zich beroept op de vermeende legaliteit van het product. Onze adviseurs en diverse leden hebben echter gewezen op de Opiumwet:
Amanita muscaria staat op Lijst II van de Opiumwet, omdat de paddenstoel van nature
muscimol en iboteenzuur bevat.
Volgens Artikel 3 van de Opiumwet is het verboden om middelen op Lijst II te bereiden,
bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, vervoeren of aanwezig te hebben.
Het extraheren of bewerken van deze stoffen valt hieronder en maakt productie en
verkoop strafbaar. Hoewel muscimol zelf niet letterlijk op de lijst staat, is de wet duidelijk: deze regelgeving omvat paddenstoelen die deze stoffen bevatten — dus ook Amanita muscaria en afgeleide extracten.

Standpunt VLOS
De VLOS blijft ten strengste afraden om producten met muscimol zoals de CannaShock-reep te verkopen, zowel vanuit consumentenveiligheid als wettelijke verantwoordelijkheid. Wij blijven dit actief monitoren en ondernemen waar nodig actie in samenwerking met partners en instanties.
Tot slot
De veiligheid van consumenten en de integriteit van onze branche staan voorop. Blijf alert, blijf goed geïnformeerd — en raadpleeg ons bij twijfel. Heb je signalen, vragen of wil je incidenten melden?
Neem contact op met het VLOS-bestuur via info@vlos.nl.


Naar aanleiding van deze waarschuwingscampagne heeft onze adviseur, August de Loor een opiniestuk geschreven met als titel: De “versnoeping” van drugs.

De waarschuwingscampagne die de VLOS, naar aanleiding van meerdere ziekenhuisopnames als gevolg van het eten van een reep, in samenwerking met de Jellinek heeft uitgevoerd ( zie bovenstaand) is reden om stil te staan bij wat ik als de
”versnoeping” van drugs omschrijf.
Ziekenhuisopnames door het eten van een reep? “Het moet niet gekker worden”, zou mijn overleden vader zeggen om hem dan te moeten uitleggen dat er steeds meer snoepgoed verkocht wordt waar een psychoactieve stof in verwerkt is (in gewone taal dus; Drugs!). En dat allang niet meer beperkt tot de ouderwetse SPACE CAKE in coffeeshops en het latere fenomeen van designerdrugs (aangeprezen als snoepgoed of, in een geval nog gekker als bonsaimest voor het misleiden van Justitie). Met nu de afgelopen jaren een explosie aan repen, stroopwafels, haribosnoepjes, enz, enz.. En dat niet meer verkocht in druggerelateerde settingen zoals coffeeshops of (drugs)websites maar steeds meer mainstream in smart/toeristenshops of andersoortige winkels eindigend op shop.
En wat zou diezelfde ouwe vader hierop zeggen?

  1. Drugs verpakt in snoep? Is dit niet een tegenstelling tussen snoep en “uit je bol gaan”?
    Van mijn gedachtegang; hoe higher het effect, hoe soberder het uiterlijk van de drug zou moeten zijn!
  2. Het enige voordeel van de illegale status van een drug is een, bij de consument portie
    alerte waakzaamheid bij aanschaf en gebruik. In hoeverre kan binnen een legale
    omgeving zoals die van smartshops diezelfde waakzaamheid geborgd worden?
  3. Als de wasmiddelgigant Ariel waarschuwt dat haar fancykleurige producten onpakbaar
    moet zijn voor kinderen, hoe is dit dan bij versnoepte drugs geregeld?

Deze, en andere fundamentele vragen zijn van belang om daar binnen de VLOS antwoorden op te formuleren is mijn advies. Een discussie met een veel hoger doel dan alleen het voorkomen van ziekenhuisopnames of het voorkomen van de aantasting van het imago van smartshops (met het reële gevaar in Amsterdam waar maatregelen in de maak zijn tegen alles wat als laagwaardig toerisme, drugstoerisme of “platte” feestvierders gezien wordt, in deze opvatting dus ook de klantenkring van smartshops!).
Het antwoord vinden op deze fundamentele vragen raakt ook de discussie over de legalisering van drugs! Van hoe die legalisering vorm moet krijgen op de verpakking van de middelen? Op de kwaliteit van de productinformatie? Van hoe te voorkomen van dat het in handen komt van kinderen? Van een keurmerk van de verkooppunten, enz, enz?

Deze discussie behoort in mijn ogen tot het erfgoed van de VLOS! Want is het niet zo dat de smartshopbranche, begin jaren 90 van de vorige eeuw, ontstaan is vanuit het gedachtengoed om XTC (en andere smartdrugs) te legaliseren? Deze discussie wordt al jaren gekaapt door allerlei instanties die niet tot nauwelijks enige roots hebben met de geschiedenis van de smartshop- en smartproducten gemeenschap! Dus VLOS leden, pak deze uitdaging op en ga hiermee aan de slag!
August de Loor
adviseur VLOS


HHC en de nieuwe NPS-wet

Sinds de invoering van de stofgroepenwet (NPS-wet) op 1 juli 2025 krijgen we regelmatig vragen over HHC. Is het nu legaal of niet? En wat betekent dit voor de verkoop in smartshops?
Het korte antwoord: HHC is op dit moment niet expliciet verboden onder de Opiumwet, omdat het van nature in cannabis voorkomt. Dat klinkt misschien positief, maar in de
praktijk verandert er weinig. Voor producten als vapes en edibles is namelijk een officiële marktautorisatie nodig – en die wordt niet afgegeven, omdat HHC een psychoactieve werking heeft. Daarnaast weten we nog steeds heel weinig over de
veiligheid van HHC. En er speelt meer: de VN heeft dit jaar besloten HHC op te nemen in het internationale verdrag voor psychotrope stoffen. Dat betekent dat Nederland verplicht is de stof binnenkort ook in de Opiumwet te zetten. De verwachting is dat HHC vanaf 1 januari 2026 officieel verboden wordt. Ons advies aan de leden is daarom hetzelfde als eerder: verkoop geen HHC-producten.

Lobbywerk voor de smartbranche
Het afgelopen jaar heeft August de Loor zich opnieuw ingezet voor de belangen van de
smartbranche. In aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen heeft hij zijn uitgebreide netwerk binnen de politiek benut om aandacht te vragen voor een eerlijker en toekomstbestendig beleid rond smartproducten en smartshops.
Via gesprekken met Kamerleden, oud-beleidsmedewerkers en de wetenschapsbureaus van verschillende partijen heeft August gepleit voor een duurzaam smart-beleid en erkenning van de smartshopbranche. Daarbij ging bijzondere aandacht uit naar het terugdraaien van onzinnige wet- en regelgeving (zoals de Novel Foodwet en de Opium- en Stofgroepenwet) en het stimuleren van wetenschappelijk onderzoek naar smartproducten.
Nu de verkiezingen achter de rug zijn en D66 als grote winnaar uit de bus is gekomen, is er hoop dat deze thema’s meer gehoor vinden in Den Haag. D66 heeft zich in het verleden vaker open getoond voor discussie over modernisering van het drugsbeleid en ruimte voor wetenschappelijk onderbouwde benaderingen — een ontwikkeling die perspectief biedt voor de gehele smartbranche.
Ook aanverwante onderwerpen blijven onderdeel van August’ inzet, zoals een landelijk CBDbeleid, erkenning van microdosing met truffels, de legalisering van recreatief cannabisgebruik, en het pleidooi voor een Nationaal Hennep Gilde.
De VLOS blijft deze ontwikkelingen volgen. Meer informatie over August zijn werk en
standpunten is te vinden op augustdeloor.nl.

Cannabis congres PCN 28 nov Evoluon Eindhoven

Na de succesvolle edities in 2022 en 2024 organiseert het PCN (Platform Cannabisondernemingen Nederland) opnieuw een cannabis congres in het iconische Evoluon in Eindhoven. Op 28 november bespreken specialisten en experts uit binnen- en buitenland actuele thema’s en de uitdagingen en kansen voor de cannabisbranche. Klik op onderstaande foto voor meer informatie en tickets (en dan kan je ook meemaken dat ik deelneem aan het slotdebat over onder andere hoe de legalisering van cannabis gerealiseerd kan worden en hoe de legale coffeeshopbranche er idealiter dan uitziet?).

De daklozen opvang in Amsterdam, een( zeer) kritisch commentaar

De MDHG/junkiebond houd zich al jaren ook bezig met de Amsterdamse daklozenopvang via allerlei overleggen, politieke lobby en meer. Met onderstaand artikel ( voor een deel geplaatst in dagblad Het Parool) treed de voorzitter, Dennis Lahey zich voor even buiten die gangbare overlegstructuren. Lees het artikel en begrijp dat daar voldoende aanleiding voor is. Ik vind in ieder geval van wel!


Dennis Lahey
Lang voordat ik bij de MDHG ging werken, wist ik eigenlijk helemaal niets over de maatschappelijke opvang in Amsterdam. Maar net als vrijwel alle Amsterdammers wist ik wel waar ik heen kon gaan als ik ooit dakloos zou worden: naar het Leger des Heils op de plek waar de Spuistraat en de Nieuwezijds Voorburgwal samenkomen. Daar had iedereen de daklozen wel eens voor de deur op een slaapplek zien wachten, en als dakloze zou dat het eerste zijn waar ik behoefte aan had. Daar werkten ook mensen die wisten wat je met welke instantie moest regelen en waar je voor welk probleem kon aankloppen. Kortom: precies wat hulpverlening in een notendop is.
Ideaal was het niet, want -los van de onrust op deze slaaplocatie- was er weinig coördinatie tussen alle instellingen, die ieder op een eigen deelgebied werkten. Het had weinig zin om bij de schuldsanering aan te kloppen als je al je geld direct weer in een pijpje stopte, en een nieuw huis behouden is lastig als je ’s nachts vanwege onbehandelde trauma’s met luid gekrijs je demonen probeert te verjagen.
Trajecten
Dus kwamen er trajecten, waarbij dit alles onder regie van de GGD in samenhang moest gebeuren. Wanneer problemen onoplosbaar bleken, waren er speciale woonvoorzieningen; anders wachtte er -als alle problemen waren opgelost- aan het einde een sociale huurwoning. Dat werkte een tijd heel goed, al was het maar omdat dit zogenaamde ‘Plan van Aanpak’ gepaard ging met extra geld vanuit de Rijksoverheid. Iedereen op straat kreeg een persoonlijke aanpak, waarbij rekening werd gehouden met de behoeftes die mensen zelf hadden. Er was een tijd, nog niet zo lang geleden, dat de gewone Amsterdammer zich verwonderd afvroeg waar alle daklozen waren gebleven. Nou, in een traject dus, of al gewoon in een woning.
Suboptimaal
Ondertussen triomfeerde echter de marktwerking in het woonbeleid en nam het aantal sociale huurwoningen drastisch af. Daardoor zaten er wel veel mensen in de maatschappelijke opvang, maar stroomden er steeds minder mensen uit. En omdat er nog steeds -en meer- mensen dakloos werden, stokten al die trajecten op steeds meer onderdelen. Een leiding met een verstopping aan het einde raakt immers langzaam vol. Het werd daarom steeds lastiger om in de juiste voorziening te komen, omdat die plek bezet werd gehouden door mensen die wachtten op een woning. Als je geluk had, wist je hulpverlener een geitenpaadje te vinden en kreeg je een plek die misschien niet optimaal was, maar dat is beter dan niets. Zodat degene voor wie die plek wel ideaal zou zijn geweest, moest hopen dat zijn hulpverlener ook zo’n geitenpaadje wist te regelen. En zo zaten steeds meer mensen op plekken die eigenlijk niet helemaal aansloten bij hun behoeftes. Wel knap van je hulpverlener, want het kost een hoop tijd om je op zo’n suboptimale plek naar binnen te lullen. Het regelen van een plek nam dan ook steeds meer tijd in beslag van hulpverleners, iets wat uiteraard ten koste ging van het daadwerkelijk helpen met je problemen. Ondertussen werd het ook steeds lastiger om met al die wachtlijsten de samenhang tussen alle hulpverlening te waarborgen, terwijl dat toch het belangrijkste uitgangspunt van het systeem was. Dat is nu zodanig uit de hand gelopen, dat plekken voor een omslagwoning (de laatste stap voordat een woning op eigen naam wordt gezet) in veel gevallen onbezet blijven, omdat personen nog niet op alle vlakken ‘gereed’ zouden zijn.
Buiten slapen
Omdat nu ook de doorstroom stokte, werd het steeds drukker bij de instroom. De eerste nachtopvangplekken raakten vol en steeds meer mensen moesten buiten slapen, of alternatieven zoeken met talloze nadelen (denk bijvoorbeeld aan veiligheid). De hulp die in zo’n prachtig trajectplan zou worden gegoten liet daarmee langer en langer op zich wachten. Beide zaken zorgden ervoor dat de problemen van ‘verse dakloze mensen’ in die cruciale eerste periode in een rap tempo groeiden, en zij dus uiteindelijk een veel groter beroep op de hulpverlening moesten doen. Ik heb de afgelopen jaren talloze voorbeelden voorbij zien komen van mensen die er met een bed en wat ondersteuning waarschijnlijk snel weer bovenop waren gekomen, maar na een half jaar op straat al zoveel extra problemen hadden gekregen, dat ook zij uiteindelijk zo’n jarenlang hulpverleningstraject nodig hadden. Los van de onmenselijke consequenties hiervan, verstopte dat de keten alleen nog maar meer.
Wachtlijstbegeleiders
De eerste periode waarin iemand op straat belandt is cruciaal, zo wijzen praktijk en wetenschap al jarenlang uit. Daar valt ook de grootste winst te behalen. En dus kwamen er wachtlijstbegeleiders, die in deze periode alvast zoveel mogelijk in gang probeerden te zetten. Je Ziggo-abonnement stoppen scheelt bijvoorbeeld iedere maand al wat geld als je dakloos bent en je aanmelden bij hulpinstanties weer wat wachttijd. Maar met de overvolle situatie in de keten en het gebrek aan uitstroom kon je er op wachten: er kwam een wachtlijst voor de wachtlijstbegeleiders. Op dit moment zijn er ruim 1.000 mensen in Amsterdam met een beschikking voor de maatschappelijke opvang (BV/BT-keten noemen ze het nu, want iedere term in deze sector moet blijkbaar om de zoveel jaar worden vervangen), maar daarvan krijgt slechts de helft daadwerkelijk wachtlijstbegeleiding, waarvan ook nog eens de helft slechts een ‘Vinger-Aan-De-Pols’-traject (waarschijnlijk om te checken of je überhaupt nog leeft).
Een kapot systeem
Daarmee zijn we op het punt beland dat de hulpverlening dakloze mensen de twee belangrijkste zaken die zij meteen nodig hebben niet meer weet te bieden: geen dak boven het hoofd en geen ondersteuning. En omdat het er niet op lijkt dat de problemen bij de uitstroom binnen afzienbare tijd zijn opgelost (er zijn de komende jaren waarschijnlijk niet ineens veel meer sociale huurwoningen in Amsterdam beschikbaar), is het voorspelbaar dat het aantal mensen dat door het systeem in de steek wordt gelaten alleen maar zal toenemen.
Dan is het niet voldoende om te zeggen dat de keten vol zit; dan is het systeem kapot.
Plakband
Natuurlijk doen heel veel mensen hun best om met plakband het zinkende schip nog enigszins in de vaart te houden. Neem de wachtlijst voor de wachtlijstbegeleiders. Daarvoor hebben de aanbieders een plan bedacht waarbij toch iedereen wachtlijstbegeleiding krijgt, maar waarbij slechts 250 mensen een ‘echte’ wachtlijstbegeleider krijgen. De ruim 800 andere mensen moeten het doen met twee dagen in de week naar een inloophuis gaan, waar ze dan met vragen terecht kunnen. Verder krijgen ze eens per maand een telefoontje met de vraag hoe het met ze gaat, en om te horen op welke plek ze op de wachtlijst staan. “Collectieve wachtlijstbegeleiding” noemen ze dat. Bij zowel buurtteams als organisaties voor cliëntondersteuning is de angst groot dat zij hierdoor nog veel meer aanloop krijgen dan nu al het geval is.
De kosten van dit wachtlijstbegeleidingsidee bedragen overigens 4,5 miljoen euro per jaar, een bedrag waarvoor je volgens mij gemakkelijk een kantoor kunt openen waar je duizend mensen volledige wachtlijstbegeleiding kunt bieden. Zelfs een ploeg outreachende werkers moet daarvan nog te betalen zijn.
En neem het gebrek aan nachtopvang: ook daarvoor zijn plannen gemaakt om het tekort net wat minder nijpend te maken. Deze LDO (laagdrempelige opvang) moet plek bieden aan zo’n 300 mensen. Daar lijkt niet veel op af te dingen, vooral omdat de gelukkigen een eigen kamer met sanitair krijgen en er 24 uur per dag terecht kunnen (wensen die we bij de MDHG al jarenlang verwoorden).
Het betonrot
Bij zowel de wachtlijstbegeleiders als de LDO is de capaciteit echter ruim onvoldoende om aan de vraag te voldoen. En wanneer dat het geval is, wordt het middel ingezet dat voor het betonrot van het hele systeem zorgt: triage aan de voorkant.
Zo kom je voor een echte wachtlijstbegeleider pas in aanmerking bij een crisis (wat dakloosheid volgens mij overigens per definitie altijd is) of bij risicovol onbegrepen gedrag, maar zal het merendeel van de begeleiders alleen in actie komen voor mensen die binnen vier tot zes maanden bij een instelling kunnen worden geplaatst. Aangezien de wachttijden al snel oplopen tot een jaar of twee, moet je het dus heel lang doen met twee keer per week de mogelijkheid om in een inloophuis advies te krijgen, en word je in die tijd eens per maand gebeld om te horen dat het allemaal niet opschiet.
Volgens de plannen verloopt de triage voor de LDO dan weer via ‘geoorloofde verwijzers’, waarbij ‘een uitstroomperspectief aan de achterkant’ een voorwaarde is. Aangezien deze vorm van opvang kortdurend dient te zijn (3 tot 12 maanden), betekent dat dat je hiervoor dus alleen in aanmerking komt wanneer er zicht is op een plek in de reguliere BV/BT-keten, of op de hoofdprijs van een kraslot. Daarmee is de triage van de LDO overigens nog niet voorbij. Afhankelijk van allerhande kenmerken kom je in de LDO-regulier, LDO-uitstroom of LDO-Intensief en krijg je begeleiding van een wachtlijstbegeleider, een ambulant begeleider of begeleiding van de LDO zelf.
Laagdrempelig
Echt laagdrempelig kun je deze opvang dan ook niet noemen, en daarom wordt er druk nagedacht over een andere naam. Echte laagdrempelige opvang dient er namelijk wel te zijn, zo onderstreepte de rechtbank Limburg recentelijk. In een zaak tegen de gemeente Maastricht motiveerde de rechter dat de eiser wel gewoon toegang tot de opvang had moeten krijgen, omdat:
“Het hier gaat om een algemene voorziening die naar haar aard in beginsel voor iedereen vrij toegankelijk dient te zijn, zonder voorafgaand diepgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers. Daarmee heeft de dag- en nachtopvang feitelijk een vangnetfunctie die dient te voorkomen dat daklozen gedwongen op straat overnachten.”
Tja, en dat soort opvang hebben we in Amsterdam niet meer. Dus zijn er nu plannen om voor de LDO, die dus in feite voor de BV/BT-keten is geplaatst, nog een nieuw bouwwerk neer te zetten: de NO (Nachtopvang).
Ook daar is op zichzelf weinig op af te dingen: hoe meer mensen een plek hebben om binnen te slapen, hoe beter. Maar omdat ook dat niet voor iedereen kan gelden, is er weer een triage aan de voorkant.
Omwille van de leesbaarheid van dit stuk (en omdat er nog volop over gediscussieerd wordt), laat ik de criteria even buiten beschouwing. De Limburgse rechter zal er echter niet tevreden mee zijn, want het voorkomt nog steeds niet dat daklozen gedwongen worden op straat te overnachten.
Als burger van de stad ziet u misschien gewoon een mens die geen andere uitweg ziet dan op straat te verblijven; de hulpverlening ziet zelfredzame en niet-zelfredzame daklozen, regiogebonden en niet-regiogebonden daklozen, rechthebbende en niet-rechthebbende EU-burgers, wlz’ers en wmo’ers, LVB’ers en niet-LVB’ers, LHBTQ+’ers en hetero’s, druggebruikers en niet-gebruikers, ex-gedetineerden en niet ex-gedetineerden, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Voor al die verschillen zijn weer verschillende routes, want alle voorzieningen zijn weer speciaal voor verschillende doelgroepen. En om vast te stellen of iemand dan wel echt recht heeft op die voorziening, wil een heel aantal hulpverleners en ambtenaren telkens weer een gesprek voeren om dat vast te stellen. Dat gebeurt niet één keer, maar in heel veel gevallen wel tien tot twintig keer.
“Hertriage”
In veel gevallen heeft trouwens helemaal niemand iets aan zo’n gesprek, want na de triage volgt de wachtlijst. En als je in de tussentijd een jaar op straat hebt moeten zien te overleven, kan je zomaar van niet-gebruiker in gebruiker zijn veranderd, een justitieel traject ingeloodst zijn of is er -heel gek- plotseling sprake van agressie richting de hulpverlening, wat iedere plek onzeker maakt. In al die gevallen moet nieuwe triage uitmaken in welke categorie je dan nu weer bent te plaatsen, en zit je op een plek die al helemaal niet meer past.
Hoe dan wel?
Hoe moet het dan wel? Daar is uiteraard geen eenvoudig antwoord op te geven, omdat we bijvoorbeeld nog steeds liever ieder jaar ruim 100 miljoen dieren in de landbouw laten schijten dan dat we huizen bouwen. Housing First -en dan bij voorkeur het originele idee van iemand direct een huis geven in plaats van de ingewikkelde variant die we hier hanteren- is bewezen de beste methode. Maar dezelfde gedachte kan ook grotendeels worden toegepast op de opvang. Houd op met je triages aan de voorkant, geef iemand gewoon een plek om binnen te slapen en ga met diens problemen aan de slag. Alle tijd die je mensen binnen laat zijn kunnen ze gebruiken om de rust te vinden om hun leven weer op te pakken; alle tijd die je mensen buiten laat doorbrengen verergert de problemen.
Scheiden van zorg en woning
Het merendeel van de triages wordt gehouden omdat we wonen en zorg aan elkaar hebben gekoppeld en iedere plek voor een specifieke doelgroep hebben bestempeld. Pas als mensen daar na ellenlang wachten zijn ondergebracht, gaan we serieus met hun problemen aan de slag en voelen instellingen zich verantwoordelijk. Terwijl: als al die slaapvoorzieningen, opvangplekken of woningen (je zou daar nog best wat woonstappen voor kunnen verzinnen) nou eens geheel onafhankelijk van de zorg komen te staan, dan kun je gewoon met de problemen aan de slag.
Of iemand dan onder de Wet Maatschappelijke Opvang (WMO) of de Wet Langdurige Zorg (WLZ) valt is een probleem dat de overheid maar zelf administratief moet oplossen, want voor de hulpverlening maakt dat niet zo gek veel uit. Het Rijk, het zorgkantoor en de gemeente moeten onderling maar gewoon facturen op en neer sturen, maar val daar de hulpverlening niet mee lastig.
De meeste dakloze mensen zullen een voorziening als nu bij de LDO voor ogen staat for the time being wel prima vinden. Het zou ze juist rust geven als ze niet iedere keer weer moeten verkassen. Laat de hulpverlening hen daar opzoeken, of laat ze vandaar naar de hulpverleners gaan. En misschien is het wel verstandig om iemand met een dubbele diagnose niet direct naast een moeder met kind te plaatsen, maar laten we niet doen alsof we de rest van de stad ook keurig gesorteerd hebben aan de hand van GGD-criteria.
Hulpverlening en bed centraal
De hulpverlening en een bed dienen weer centraal te staan, niet de triage. Je kunt wel roepen dat iemand zelfredzaam is, maar als het de persoon niet lukt om van straat te geraken, heb je mooi de gelegenheid hem daarbij te helpen zolang hij binnen slaapt. Een Zeeuw zonder regiobinding kun je wel zeggen dat ie in Vlissingen moet zijn, maar de kans dat ie overtuigd raakt dat dit de beste optie is, daar de juiste hulp vindt en daar ook daadwerkelijk aankomt, is klein wanneer je dat alleen maar vanachter een balie mededeelt. Maar bovenal: hoe iemand zich tijdens een hulpverleningstraject ontwikkelt, laat zich vaak moeilijk voorspellen. Als iemand bij iedere onverwachtse ontwikkeling weer z’n spullen moet pakken en moet wachten op een plek elders, begint alles iedere keer weer van voren af aan. Dat is niet alleen schadelijk voor de persoon zelf; het is ook niet vol te houden in een keten die al overvol is.
Je zult in plaats van triage aan de voorkant dus veel meer moeten kijken naar waar de persoon op dat moment het beste bij geholpen is. De angst voor een dergelijk systeem is dat iedereen die zich meldt uiteindelijk het volle pakket aan hulpverlening in Amsterdam opeist, maar dat lijkt me niet nodig. Ten eerste zit het merendeel van de mensen helemaal niet te wachten op meer bemoeienis met hun leven, maar willen ze wel geholpen worden met waar ze zelf niet uitkomen. En juist als je goed kijkt naar de behoeftes van personen, kan je ook vaststellen wanneer je iemand met goed fatsoen (en effectief!) naar Vlissingen kunt sturen, of iemand een keuze laat maken uit de opties die zijn gevonden. Daarbij hoef je niet per se op het afwerken van een heel traject in te zetten. De Amsterdammer die na een flinke mentale dip weer rust heeft gevonden, kan misschien wel in Hoofddorp op een studentkamer terecht. Waarschijnlijk dat hij of zij op meer had gehoopt, maar dat zal ie dan toch echt verder zelf moeten zien te regelen. Zoiets moeten we niet vaststellen als iemand zich in zak en as bij de hulpverlening meldt, maar gedurende het herstelproces. Triage verplaatsen we van de voorkant naar een continu proces binnen de hulpverlening: Wat kunnen we voor je doen? Wat is nog redelijk om van de hulpverlening te verwachten en wat kan de persoon zelf? Is het nog redelijk om je een slaapplek te bieden, of zijn er redelijke alternatieven voorhanden?
Sociale huurwoning
Consequentie van dit alles is dat we ook goed moeten kijken naar de belofte dat er voor iedereen op een gegeven moment een sociale huurwoning in Amsterdam met voorrang beschikbaar is. Als de consequentie daarvan is dat we mensen niet eens meer helpen als ze daadwerkelijk op straat slapen, werkt die belofte uiteindelijk tegen de mensen zelf. Zolang de wooncrisis niet minder wordt, zal de focus voor een deel van de groep erop gericht moeten zijn een suboptimale oplossing te vinden. Zoals er ook Amsterdammers van in de dertig nog bij hun ouders wonen bij gebrek aan een eigen huis.
Er zal nog van alles moeten gebeuren om de wooncrisis iets te verlichten, maar de wooncrisis is niet hetzelfde als de crisis in de Amsterdamse hulpverlening. Door die wooncrisis is het wel hoog tijd om de hulpverlening te hervormen, want het huidige systeem is kapot.

Nationaal Hennep Gilde

Beste lezer
Met gepaste trots kondig ik de oprichting aan van het Nationaal Hennep Gilde. De belangrijkste doelstelling van het gilde is het verbreden van de discussie over het legaliseren van cannabis. Die discussie beperkt zich al decennialang tot alleen de legale verkoop en consumptie van hasj en wiet terwijl de legalisering vele voordelen oplevert zoals innovatie voor al die sectoren die zich met de hennepplant bezig houden. In onderstaande flyer worden daar voorbeelden in genoemd met als politieke vertaling dat deze aansluiten op zowel de hoofdlijnen van de huidige regering als het beteugelen van de klimaatcrisis waar vooral de oppositiepartijen voor pleiten. Kortom, het Gilde kan rekenen op steun van het overgrote deel van de Tweede Kamer.
Het Gilde bevordert niet alleen de innovatie van de hennepteelt in Nederland en haar vele toepassingen maar verhoogt ook het publieke en politieke aanzien van coffeeshops. En dat is hard nodig aangezien de coffeeshop van essentiële waarde is van het succesvol borgen van de legale verkoop en consumptie van hasj en wiet!

August de Loor

HET NATIONAAL HENNEP GILDE

Innoveren door legaliseren

Innoveren door legaliseren

De verschillende sectoren die werken met de hennepplant hebben al decennia te maken met allerlei wettelijke beperkingen. Niet alleen de henneptelers maar ook de industriële hennepsector, de CBD producenten, de medicinale toepassing van cannabis en de coffeeshopbranche ondervinden ernstige hinder van de illegale status van cannabis.

Legalisering van cannabis is de sleutel om al die beperkingen van de toepassingen van hennep weg te nemen. Wat dit allemaal aan innovatie oplevert voor de genoemde sectoren zou DE inspiratiebron moeten zijn voor het politieke debat over legalisering.

De BBB wil innovatie in de landbouw en perspectief voor boeren? Hennepteelt voor bouwmaterialen, de auto-industrie, textiel etc. is het antwoord! Het opheffen van het verbod op het oogsten van henneptoppen? Innovatie van in Nederland geproduceerde CBD! De VVD wil innovatie in de industrie? Zet in op fytoremediatie; hennep om PFAS en ander gif uit de grond te halen. Ziektekosten rijzen de pan uit? Medicinale cannabis kan veel breder worden ingezet en leidt tot besparing. De klimaatcrisis? Het CO2 dossier? Plant meer hennep!

Waarom een Nationaal Hennep Gilde?

Het woord gilde straalt kwaliteit, trots en samenwerking uit. Met het Nationaal Hennep Gilde krijgt publiek en politiek inzicht in wat de hennepplant allemaal te bieden heeft. En inzicht wat de legalisering van cannabis allemaal aan innovatie binnen genoemde hennepsectoren mogelijk maakt (met als bonus de aanpak van de CO2 crisis). Het Nationaal Hennep Gilde levert een bijdrage aan het zo snel mogelijk legaliseren van cannabis.

Bij het PCN Cannabis Congres op 13 december 2024 zei initiatiefnemer August de Loor:
‘Het Nationaal Hennep Gilde is een slimme strategie om de polariserende discussie tussen wel of niet legaliseren van cannabis te verbreden naar veel meer politieke doelstellingen, ook van deze regering. En om met de Tweede Kamer een verbond te slaan dat legalisering innovatie bevordert tot de aanpak van het milieuprobleem aan toe.

Steun de campagne ter bestrijding van synthetische cannabis

In 2021 werd de Nederlandse cannabismarkt opgeschrikt doordat er CBD wiet werd aangetroffen behandelt met synthetische cannabinoïden. Een campagne werd opgetuigd door het Adviesburo Drugs en het Cannabinoiden Adviesbureau Nederland (CAN) met hulp van de VLOS en de VOC en de coffeeshopbonden PCN en BCD zorgden voor de nodige financien. Dat liep de afgelopen twee jaar goed. Echter verloopt de financiering moeilijk dit jaar. Daarom bij deze de oproep hoe en waarom je de campagne kunt en zou (financieel) moeten steunen.

Steun de campagne ter bestrijding van synthetische cannabis

Het is alweer meer dan twee jaar geleden van dat er in Nederland gewaarschuwd werd over het rouleren van synthetische cannabis. Daar waar in andere landen in Europa hier al eerder voor gewaarschuwd was moesten we naar aanleiding van een aantal incidenten ook hier aan de slag om deze chemische troep aan te pakken. Onder auspiciën van het Adviesburo Drugs startte een team van deskundigen om niet alleen de liefhebbers van cannabis te waarschuwen maar ook om de producenten en handelaren van deze troep het leven zuur te maken, lees het structureel aanpakken van dit probleem!

Aanvankelijk kon deze aanpak rekenen op financiële steun van de coffeeshopbonden BCD en PCN en afgelopen jaar op alleen de PCN. Na de afgelopen maanden heen en weer gemail is helaas duidelijk geworden dat beide bonden geen verdere financiële steun meer verlenen, met  hun argument dat deze chemische troep al een tijd niet meer bij de achterdeur van coffeeshops opduikt. Dit is mede het resultaat van de campagne die nu echter door dit succes zonder financiële ondersteuning verder moet terwijl er genoeg aanleiding is om de vinger op de pols te houden (zie  bijvoorbeeld de media van de afgelopen tijd van dat deze troep nog steeds de gevangenissen binnen wordt gesmokkeld en recent weer twee verdachte monsters zijn ingeleverd bij het Adviesburo).

Bij deze dan ook de oproep om de campagne financieel te ondersteunen zodat op zijn minst de postbus open kan blijven voor het verzamelen van verdachte monsters, de sneltestsetjes voor het spotten van synthetische cannabis in roulatie kunnen blijven, contacten onderhouden kan worden met coffeeshopeigenaren, met instanties en overheden en het team van deskundigen per omgaande opgeroepen kan worden als daar aanleiding toe is.

Elke financiële steun is welkom en staat het gironummer van Stichting Adviesburo Drugs daarvoor open: NL65 INGB 0004 8121 84, met vermelding: steun campagne.

De distributeur waar coffeeshops, headshops, growshops en smartshops sneltestsetjes kunnen bestellen is Sirius Smartproducts, te bereiken via +31464575800 en e-mailadres info@sirius.nl .  Verdachte samples kunnen opgestuurd worden naar Adviesburo Drugs postbus 14828 1001LH Amsterdam.

Het criterium en straatdealen

 

Het criterium en straatdealen in drugs

In de Volkskrant van 20 juni stond een uitgebreid artikel over hoe de Politie in de Amsterdamse binnenstad het drugsstraatdealen aanpakt. Waarom de Volkskrant juist nu hier aandacht aan besteed zal ongetwijfeld te maken hebben met dat op 30 juni in de gemeenteraad de invoering van het criterium besproken wordt. In mijn ogen gaat de Volkskrant met dit artikel mee in de trend dat zodra het over het criterium gaat de reacties zich haast volledig beperken tot wat dit voor gevolgen zal hebben op het straatdealen ( over al het andere wat het criterium teweeg zal brengen wordt kennelijk over het hoofd gezien).

Maar terug naar het onderwerp straatdealen zijn het de tegenstanders van het criterium die er van alles en nog wat bijslepen hoe erg dat straatdealen zal uitdijen. Van haar kant beweerd de burgemeester het tegenovergestelde plus, van wat er dan nog aan dealen zal overblijven, zij dit wel kan bezweren.

Genoeg aanleiding om hier dieper op in te gaan met als eerste van dat het fenomeen van straatdealen veel complexer is dan algemeen veronderstelt. Die complexheid als uitvloeisel van dat er veel meer et straatdealen beïnvloeden dan alleen een overheidsmaatregel. Echter leert de geschiedenis van dat een overheidsmaatregel wel degelijk een rol speelt van een wijziging in het straatdealen, let wel nooit ten goede lido. mobieletele hiv zeedijaanpak hiv

Geachte redactie van de Volkskrant, geachte journalist van het artikel

Met interesse het artikel gelezen over de praktijken van het straatdealen in de Amsterdamse binnenstad. Het is zonde van dat ik nu pas in beeld kom aangezien ik graag mijn kennis ter beschikking had gesteld voor jullie artikel.

Vanuit verschillende soorten werkzaamheden, beginnend in 1970 als Amsterdamse straathoekwerker heb ik zowat vanaf die tijd alle drugstrends zien opkomen incluis de soorten dealsystemen, incluis bij sommige drugsmarkten de opkomst van de straathandel in de binnenstad. Afhankelijk van allerlei omstandigheden, zoals opkomst of neergang van een bepaald middel, soorten gebruikersgroepen, andere bezoekerspatronen naar de binnenstad, veranderend drugsbeleid in de ons omringende landen incluis die in Nederland, lokaal beleid tegen straatdealen tot zelfs de opkomst van de mobiele telefoon (jaren 90) hadden en hebben nog steeds invloed op de aard en omvang van dat straatdealen in de binnenstad.

Waarom ik hier nogal veel woorden aan besteed is om de complexiteit te benadrukken hoeveel omstandigheden en krachten een rol spelen in zowel het ontstaan van straathandel als welke veranderingen zich vervolgens daar binnen afspelen.

Het is door de discussie over het in Amsterdam invoeren van het criterium dat het straatdealen weer volop in de belangstelling staat. Wat hierbij opvalt is het haast volledig negeren van de complexiteit van dit fenomeen met als bijeffect van dat de voorstanders van het criterium het straatdealen zodanig formuleren van dat zij dat wel beheersbaar kunnen krijgen terwijl de tegenstanders het volstrekt tegenovergestelde beweren ( en hebben die twee meningen  het afgelopen jaar zich ook nog steeds dieper ingegraven). Op zich is dat al zorgelijk ware het niet dat hierdoor ook nauwelijks aandacht op gang is gekomen over wat het criterium aan andere problemen en bijeffecten teweeg zal brengen

Het is dit waar ik mij al tijden in een veelheid aan artikelen mijn zorgen over uit ( zie onderstaande lijst met publicaties) met als meest recent een oproep voor een “pas op de plaats” in de besluitvorming over de invoering van het criterium, lees een oproep om de discussie in de gemeenteraad van 30 juni over de invoering van het criterium ( en andere voorstellen van de Driehoek) tot nader orde uit te stellen.

Met bijgevoegde tekst hoop ik de Amsterdamse bestuurders zover te krijgen om hiervoor te kiezen.

Hopende U voldoende over dit onderwerp geïnformeerd te hebben

 

Hoogachtend

August de Loor

Adviesburo Drugs  0622250820

Het CRITERIUM, een pleidooi voor een “Pas op de Plaats!”

Op 30 juni vind  in een commissie vergadering van de Amsterdamse Gemeenteraad een discussie plaats over de invoering van het criterium, lees van dat het voor toeristen, lees niet-ingezetenen, verboden wordt om in Amsterdam coffeeshops te bezoeken. Bij deze mijn oproep van een brede steun om dit  plan van burgemeester Halsema, lees de Amsterdamse Driehoek van tafel te krijgen!

Als je ziet hoe die Driehoek zich het afgelopen anderhalf jaar heeft “ingegraven “ om dit criterium ( en andere bizarre voorstellen) er door te krijgen is mijn inschatting van dat dit hen ook nog gaat lukken. Dit is mede een uitvloeisel van dat de bezwaren tegen het criterium zich haast volledig beperkt tot het wijzen op het gevaar van een toename van de straathandel. Maar omdat de onderbouwing voor dat gevaar haast volledig ontbreekt (deels als gevolg van het gebrek aan dieptekennis over dit complexe fenomeen) plus dat er hoegenaamd geen aandacht besteedt wordt van dat het criterium voor een reeks andere negatieve gevolgen zal zorgen zit de Driehoek op rozen ( bijvoorbeeld; de Driehoek heeft al uitgebreid allerlei veronderstelde straaldealellende als gevolg van het criterium onderuit gehaald, let wel ook bij de Driehoek niet geremd door kennis van zaken over straathandel maar hun argumenten komen overtuigend over met een burgemeester, gepokt en gemaasd hoe slim politiek te manoeuvreren ten opzichte van een nog onervaren, pas geïnstalleerde gemeenteraad).

Kortom, het staat er niet best voor dus is iedere oppositie tegen het criterium meer dan welkom!

En wie dan ook daar nog munitie bij nodig heeft, onderstaand kan er geput worden uit een zo langzamerhand omvangrijk lijstje aan artikelen over dat rare criterium uit deze zelfde website!

Maar allereerst bied ik je mijn laatste schrijven aan burgemeester Halsema aan waar ik haar oproep om een “pas op de plaats “ te maken in de besluitvorming over het criterium.

In mijn ogen is dat de beste manier om de oplopende polarisatie tussen de voor- en tegenstanders over het criterium te doorbreken en de mogelijkheid biedt van dat een adviescie aan de slag kan gaan. En op welke thema,s die cie aan de slag moet doe ik ook een voorstel over. Dus lees mijn oproep voor de “pas op de plaats “en doe mee zou ik zeggen!!!

Groet!  August

 

Aan burgemeester Halsema

Hierbij mijn inhoudelijke en politiek/bestuurlijk argumenten voor een “pas op de Plaats”!

!) Polarisatie, Sinds de eerste gedachtes om het criterium in Amsterdam in te voeren is er een polarisatie tussen voor- en tegenstanders op gang gekomen met sindsdien in beide kampen een opeenstapeling aan “gelijk- willen-krijgen” argumenten die, in mijn visie, steeds verder afstaan van de realiteit.

Een  voorbeeld van de kant van de voorstanders is recent een uitspraak van een wethouder ( sorry, naam vergeten) die stelde dat door het criterium cannabis uit beeld  raakt voor toeristen. “ Wat je niet ziet bestaat niet!” is hierbij zijn stelling. Met deze uitspraak ziet hij echter over het hoofd dat, ondanks het criterium, cannabis volop in beeld blijft; en wel binnen de coffeeshop de gezelligheid tussen de cannabisconsumenten waarbij een deel van de passerende toerist iedere keer weer geconfronteerd wordt met dat ie daar niet welkom bij is! En de ervaring leert dat “FORBIDDEN FRUIT zeer aanstekelijk werkt.

En dergelijke onwelkome confrontaties wordt een jaar rond fenomeen in Amsterdam van, naast het reguliere stedentoerisme, AJAX in de Europacup, het Nederlands elftal in de Arena , 250.000 buitenlandse ADE bezoekers, HF, Gay Pride, Beurzen, popfestivals waarbij bij al die andere internationale evenementen alle deuren aan publieke voorzieningen wagenwijd open staan maar die ene open deur van coffeeshops voor al die buitenlandse bezoekers gesloten blijft!

Dus beste wethouder; “Cannabis onzichtbaar door het criterium? Om de dooie dood niet! Cannabis blijft hartstikke zichtbaar maar wel op een uiterst bizarre  manier” ( met voor de fijn slijpers onder ons van dat met het criterium een min of meer vergelijkbare schizofrene situatie aan de voordeur gecreëerd wordt als waar de achterdeur van coffeeshops al 50 jaar mee worstelt van; “iets MAG maar het MAG ook weer niet!”. Met hierbij benadrukt dat die schizofrenie bij de achterdeur slechts alleen de koopwaar betreft maar bij de voordeur het om mensen gaat, een veel grilliger fenomeen met zeer ongewisse gevolgen dan waar zowat iedereen het alleen over heeft dan een toename van de straathandel).

Een voorbeeld van de polarisatie van de kant van de tegenstanders is de stellige overtuiging als zou met het criterium weer het aloude extreme straatdealen losbarsten zoals ten tijde van de heroïne-epidemie in de jaren 70/80. Dit scenario slaat nergens op en leidt de aandacht af van, als ik het tot het dealen beperk, de opkomst van nieuwe dealsystemen , incluis wat er zich aan confrontaties tussen de verschillende dealnetwerken zal losbarsten ( wat ik omschrijf als de profi,s tegen de opportunisten).

Maar ook andere argumenten dan de polarisatie is aanleiding voor een “pas op de plaats”, zoals;

2) Een ongewisse periode;

  1. a)     Ik denk hierbij aan de stormachtige wereldwijde ontwikkelingen in de legalisering van cannabis met als rechtstreeks gevolg van dat de 50 jaar unieke positie van Amsterdam als enige (wereld)stad waar in het publieke domein zowel cannabis gekocht als geconsumeerd kan worden snel aan het “verdampen “is. Kortom, het internationale cannabisimago wat aan Amsterdam kleeft zal via een “natuurlijk” proces verdwijnen, met in het verlengde een afname aan toeloop op de Amsterdamse coffeeshops ( zoals ik al eerder berichtte komt de afname aan drukte van buitenlandse bezoekers naar de coffeeshops al langzaam op gang). In het licht van deze ontwikkelingen kan gesteld worden van dat het criterium een achterhaald instrument nu zelfs ons buurland Duitsland in vergevorderd stadium is om cannabis te legaliseren ( met nu al in vele Duitse steden gedoogde vormen in aanschaf en consumptie van cannabis wat zich ook in andere Europese landen zich afspeelt om nog maar te zwijgen van het fenomeen van aanschaf van cannabis via internet met als opmerkelijk aspect van dat het wiet betreft wat zowat ieder Europees land zelf weet te produceren dus ook in die zin de rol van Nederland zienderogen afneemt)
  2. b)     En om bij het onderwerp legalisering te blijven is die ook in Nederland in ontwikkeling met zowel tijdens de experimentfase als de uiteindelijke vorm een periode van nogal wat ongewisheid voor de coffeeshopbranche, ook die van de Amsterdamse. Dan is het niet zo handig om in die periode ook nog met zoiets ongewis te starten als een criterium. Alleen al dat de Burgemeester deze maatregel als een Paardenmiddel omschrijft, dus zelf ook van de impact hiervan doordrongen is, zou dit alleen  aanleiding moeten zijn voor een “pas op de plaats”.
  3. c)     En wat te denken van de door de Gemeenteraad al goedgekeurde maatregelen tegen de raamprostitutie in en rond de Wallen, maatregelen met ongetwijfeld een enorme afname aan toeloop van toeristen en dagjesmensen in dat gebied. In zowat elke publicatie, onderzoek of pleidooi voor het criterium wordt naar de drukte op de Wallen gewezen. Dan is het toch volstrekt logisch om eerst de resultaten van het nieuwe prostitutiebeleid af te wachten met daarna de vraag of het criterium dan nog wel überhaupt nodig is? Die vraag stellen benadruk ik omdat de reikwijdte van het criterium ruimschoots de Wallen, ja zelfs de hele ( toeristen) binnenstad overstijgt van ook een verbod voor de toegang voor niet-ingezetenen in de coffeeshops in de 19de -eeuwse woonwijken, Nieuw West Amsterdam Zuid Oost, enz. En laten daar nou veel niet-ingezetenen de coffeeshops frequenteren.  Het wordt daar in die woonwijken een  dagelijkse ritueel van dat iedere coffeeshopbezoeker zich iedere keer moet identificeren om dan uiteindelijk de niet-ingezetene daar uit te filteren terwijl al die rompslomp niets, maar dan ook niets van doen heeft met wat de Driehoek beoogd met het criterium. Het zal in die wijken alleen maar tot irritatie leiden met een drempelverhogend effect voor de plaatselijke coffeeshop ( een vergelijkbaar proces als dergelijke legitimatie ingevoerd zou worden voor het bezoeken van het lokale cafe!).

En tenslotte nog een politiek/bestuurlijk argument; Het prille Coalitieakkoord.

Het is pas een aantal weken van dat het coalitieakkoord van start is binnen de nieuwe politieke verhoudingen tussen de gemeenteraad en het college van B&W. Als je kijkt naar dat deel van het akkoord over de toekomst van het Amsterdamse drugsbeleid en je legt die naast de brief van de Driehoek aan de raad zit daar nogal wat verschil in visie en inhoud tussen. Kortom, zowel de Driehoek als de raad zouden er verstandig aan doen om in deze nog  prille fase van de nieuwe politieke/bestuurlijke verhoudingen eerst met elkaar in algemene zin van gedachte wisselen over het te voeren drugsbeleid. Het nu meteen besluiten nemen over Paardenmiddelen, zoals het criterium is een reëel risico van dat dit de nog  prille onderlinge politieke verhoudingen tussen raad en Driehoek kan verstoren om nog maar te zwijgen of de raad al in een zo vroeg stadium bij machte is om hier een weloverwogen oordeel over te geven.

Adviescommissie

Tot zover een aantal argumenten om het raadsoverleg over de brief van de Driehoek tot nader order uit te stellen. Dit biedt de gelegenheid om een team van deskundigen aan te stellen die de voorstellen in de brief van de Driehoek op zijn merites beoordelen. De brief goed bestuderend ontbreekt het niet aan de juiste intenties maar lopen de analyses in menig opzicht mank tot soms volstrekt verkeerd met  logischerwijs ook voor de  voorstellen. En om de Driehoek daar in tegemoet te komen zou ik  voor een andere formulering van de brief kiezen zoals bijvoorbeeld

  1. Of, en zo ja hoe de Amsterdamse coffeeshopbranche nog bijgestuurd moet worden in de overgangsfase  naar de legalisering van cannabis in het algemeen als die in Nederland in het bijzonder,
  2. Hoe Amsterdam nog haar invloed kan aanwenden op de uiteindelijke uitvoering van die legalisering in Nederland (hoe nu het experiment voor die legalisering vorm krijgt is slecht voor de branche in het algemeen en voor Amsterdam in het bijzonder)
  3. En dat beide doelstellingen uiteindelijk ook een bijdrage leveren voor het verhogen van het algemene leef- en werkklimaat in Amsterdam, incluis die van de binnenstad wat betreft de drukte op het publieke domein door het (massa) toerisme,

geachte burgemeester, in de hoop u overtuigd te hebben teken ik met hoogachting

August de Loor

https://augustdeloor.nl/in-plaats-van-het-i-criterium-maatwerk/

https://augustdeloor.nl/reactie-op-i-criterium-door-69-jarige-binnenstadbewoonster/

https://augustdeloor.nl/open-brief-uit-duitsland-over-i-criterium/

https://augustdeloor.nl/het-i-criterium-het-paard-van-troje-en-niet-alleen-voor-de-amsterdamse-binnenstad/

https://augustdeloor.nl/stand-van-zaken-van-het-nederlandse-en-amsterdamse-softdrugs-en-coffeeshopbeleid/

https://augustdeloor.nl/expert-meeting-over-het-in-amsterdam-invoeren-van-het-i-criterium/

https://augustdeloor.nl/de-bereidheid-van-bezoekers-van-coffeeshops-om-zich-te-laten-registreren/

https://augustdeloor.nl/coffeeshops-ondermijnen-de-bovenwereld-het-nieuwe-mantra-van-de-amsterdamse-driehoek/

https://augustdeloor.nl/burgemeester-halsema-en-haar-coffeeshopbeleid-terugdringen-massatoerisme-enz/

https://augustdeloor.nl/als-een-olifant-door-de-porceleinkast-het-ontdruggen-van-de-amsterdamse-binnestad/

https://augustdeloor.nl/mijn-speech-over-het-i-criterium-voor-de-amsterdamse-raadsleden-op-22-oktober-2020/

https://augustdeloor.nl/amsterdam-wil-meer-doen-om-toeristen-te-weren/

https://augustdeloor.nl/het-amsterdamse-coffeeshopbeleid-een-exportproduct-als-bijdrage-voor-een-toekomstbestendige-binnenstad/

https://augustdeloor.nl/onderzoek-naar-de-bezoekerspatronen-in-11-coffeeshops-in-de-amsterdamse-binnenstad/

https://augustdeloor.nl/de-drugscriminelen-hebben-vrij-spel-in-amsterdam/

https://augustdeloor.nl/onderzoek-naar-de-overlast-van-coffeeshops-in-de-amsterdamse-binnenstad/

Wat de cannabisplant aan innovatie oplevert

NL: New hemp drying and storage systems

After providing drying applications for medical and recreational cannabis, Cannabis-drying.com is expanding their portfolio with drying and storage systems for industrial-scale hemp. “Over the years, the hemp industry has been growing because of the popularity of CBD products. Therefore, we wanted to create a solution specifically designed for this product. We have 45 years of experience drying and storing a variety of agricultural products all over the world. In cooperation with industry experts, we used the combined expertise to develop a drying and storage system for hemp.”

How does it work?
The Hemp will be stored in boxes directly after harvest, in which it can stay until processing,  which results in a logistical advantage. Similar to its cannabis applications, Cannabis-drying.com will use a vertical airflow which runs through the hemp. The temperature and humidity controlled air flowing through and along each hemp plant results in an evenly dried end-product. By minimizing the risk of wet spots, the activation of mold and bacteria is prevented.

“As a producer of cannabis or hemp, you are constantly striving for the best quality product, grown and processed at the lowest cost with an easy-to-manage process. Without a doubt, a smooth continuity of your process is high on your priority list. Deploying one of our systems helps you to achieve this. Our systems include 100% controlled ABC-processor, vertical drying, immediately after it is placed in one of our products. This minimizes any bacteria, mold, mildew, viruses, or pests from affecting the harvest immediately. Overall, this results in a far better end product compared to using traditional drying systems.”

The growing hemp market
In order to develop their new product, Cannabis-drying.com has joined the Cannabinoid Association of the Netherlands (CAN). CAN is an initiative of drug policy advisor August de Loor, and endorses the importance of developing legislation and quality standards for CBD products. The association wants to ensure that the consumer can buy CBD-Products with correct labels that state what is actually in the product and that the product meets all the requirements of laws and regulations. The network of CAN consists out of 31 partners which are all active in the CBD industry, ranging from laboratories, extraction and manufacturing companies, product stores, seed companies, and consultancies.

Cannabidiol (CBD) follows a different path in regulation and legalization because it is a non-psychoactive cannabinoid. Therefore, CBD products are available through mainstream channels. Cannabis intended for CBD products is referred to as hemp as it cannot contain more than 0.3% of the most psychoactive cannabinoid Tetrahydrocannabinol (THC). The increasing popularity of CBD has created a new industry that provides CBD products in recent years. However, proper regulation and quality control for consumers is lacking. CAN aims to change that. Last year, they presented the first official quality mark for CBD products in Europe. The aim of the quality mark is to achieve a quality standard for the production and sale of products containing CBD and/or other cannabinoids and terpenes of natural origin. In addition, the consultancy wants to create a legal basis for these products and promote expertise throughout the value chain. CAN also wants CBD products to meet an industry standard, based on EU guidelines for dietary supplements.

For more information:
Cannabis-drying.com
www.cannabis-drying.com

Herdenkingsmonument Tweede Wereldoorlog Genocide tegen Joden, Sinti en Roma

Na jaren van gesteggel heeft Amsterdam dan eindelijk haar herdenkingsmonument met meer dan 100.000 bakstenen met al die namen van Nederlandse Joden, Sinti en Roma die in de Tweede wereldoorlog vermoordt zijn louter en alleen vanwege hun afkomst. Genoeg aanleiding om het monument te bezoeken, er volledig in op te gaan met alle zintuigen aan zien, voelen en ruiken, tot in de haarvaten van elke baksteen! En om daarna dichtbij verder door te lopen in de voormalige Amsterdamse Jodenwijk met haar kloppend hart van het Johannes Daniel Meyerplein in de schaduw van de Portugese synagoge met uiteindelijk het schrijven van een open brief richting de Volkskrant ( helaas niet geplaatst)

Het herdenkingsmonument! Eindelijk! Eindelijk een zeer intense manier om de gruwelijkheden van de Tweede Wereldoorlog te herdenken. Met je vingertoppen de stenen aanraken van al die namen van die vermoord zijn op zoek naar de Joodse buren van mijn vaders smederij in de Amsterdamse binnenstad. Maar, oh wat jammer van de krapte waar het monument staat, van het niet van een afstand kunnen beschouwen van wat het monument symboliseert, van geen visuele overgang tussen de dagelijkse beslommeringen en wat het binnenste van het monument ons wil leren. Nog geen 100 meter verder op het meest memorabele plein van diezelfde oorlogstragiek was daar alle ruimte voor! Dit EN Joodse EN verzetsplein van onze stad staat er verpieterd bij met aftandse klimrekken, onkruid tussen het grind, hondendrollen en ondefinieerbare bouwsels van de metro. Wat is er in hemelsnaam mis gegaan dat dit plein er nog zo bijstaat?

 

August de Loor bewoner binnenstad

SYMPOSIUM; PLEIDOOI VOOR HET LEGALISEREN VAN DRUGS

De Stichting Drugsbeleid bestaat dit jaar 25 jaar. Wij zouden liever op onze lauweren rusten, maar de jammerlijke staat van het Nederlandse drugsbeleid verhindert dat. Daarom organiseren wij een symposium. Het vindt plaats op vrijdag 1 oktober a.s. in de Amsterdam Toren aan het IJ, aanvang 14.00 uur met inloop vanaf 13.30 uur.  Wij nodigen U daartoe van harte uit. Het aantal zitplaatsen is beperkt, dus meldt U snel aan (zie onder). Er zijn geen kosten aan verbonden.

Motto van het symposium is: “Drugsprobleem: oorsprong en oplossing”.

De producent van drugs, de verkoper en de gebruiker van drugs zijn blij met elkaar en berokkenen geen schade aan derden. Geen delict dus, hooguit een gezondheidsprobleem. Nu komt de overheid tussenbeide en zegt als het ware: “drugs zijn schadelijk voor de gezondheid, wij willen niet dat ze gebruikt worden. Wij achten onze volwassen burgers te dom of te slap om er af te blijven, daarom gaan we het ze onmogelijk maken om er aan te komen”.

Die strategie is mislukt, drugs zijn overal te koop, soms kun je ze zelfs 24/7 laten bezorgen. Het ontbreken van kwaliteitscontrole schept extra risico’s. Daarnaast heeft het criminaliseren van deze gezondheidskwestie geleid tot een steeds machtiger en grimmigere criminaliteit. Die groeit onze samenleving boven het hoofd. Weer miljoenen erbij voor de bestrijding biedt niemand meer echte hoop. Dat is hozen met de kraan open.

 Oplossing: een nieuwe strategie. Een die drugs toelaat maar nu met écht effectieve drempels voor de beschikbaarheid. Die drugs bevrijdt van de aantrekkingskracht van het verbodene. Die zorgt voor zindelijke productie zonder afvaldumpingen. Die daarmee de drugscriminaliteit in zijn kern aantast. De binnenlandse illegale markt valt weg, en er komt capaciteit vrij om doorvoer en export effectiever te bestrijden.

Ondanks de huidige overdadige aanschafmogelijkheden blijkt de grote meerderheid van gebruikers op een beheerste manier met drugs om te gaan. Onze coffeeshops, de legale verstrekking van heroïne en andere verzachtende maatregelen hebben niet geleid tot meer gebruik en verslaving dan in vergelijkbare landen.

Voor xtc hebben wij een model voor productie, verkoop en aanschaf uitgewerkt. Hetzelfde model kan gaan gelden voor amfetamine en cocaïne. Samen met een alomvattende regeling van cannabis zal dan het overgrote deel van de drugs onder controle zijn gebracht. Wat overblijft is een gezondheidsvraagstuk van goed beheersbare omvang.


PROGRAMMA SYMPOSIUM

13.30 zaal open

14.00 WELKOMSTWOORD door DAGVOORZITTER FLEUR WOUDSTRA, bestuurslid SDB
RAIMOND DUFOUR, voorzitter SDB 25 JAAR SDB – hoe brengen we het drugsprobleem terug tot de kern: een gezondheidsvraagstuk van goed beheersbare omvang.

14.10 WILLEM BACKER, strafrechtadvocaat te Rotterdam; de politie is de helft van haar tijd bezig met drugscriminaliteit, en schiet daarom steeds meer tekort in het bijstaan van de burger bij andere delicten. Opsporingsmethoden uit de bestrijding van zware georganiseerde drugscriminaliteit sluipen die van lichte delicten binnen.

14.20 MARTINUS STOLLENGA, secretaris SDB, verslavingszorg, cliëntenbeweging
De Drugswinkel, het model waarin productie, transport, verkoop en aankoop van XTC
gereguleerd worden toegestaan.

14.30 WIM VAN DALEN, directeur van STAP, het Nederlands Instituut voor alcoholbeleid
Wanneer winst de overhand krijgt, over de problemen die ontstaan wanneer productie en
handel van een riskant roesmiddel als alcohol worden overgelaten aan op winst gerichte
bedrijven.

14.45 – 15.15 – pauze

15.15 AUGUST DE LOOR, Adviesburo Drugs; essentieel voor een succesvolle regulering van drugs is inbedding vanuit de belevingswereld van gebruikers. Ervaringen uit de afgelopen jaren en vooruitblik.

15.25 discussie met zaal en sprekers, onder leiding van FLEUR WOUDSTRA,

16.00 – 16.45 napraten met borrel en hapjes

De Stichting Drugsbeleid (opgericht 1996) zet zich in voor een drugsbeleid met minder gezondheidsrisico’s en minder criminaliteit. Het bestuur bestaat uit onafhankelijke deskundigen. In de Raad van Advies hebben oud-ministers en prominente personen uit medische en juridische kring zitting. Website: www.drugsbeleid.nl

Adres Symposium;
Amsterdam Toren, Overhoeksplein 3, 1031 KS Amsterdam.
U kunt het Symposium ook digitaal volgen. Let wel, inspreken en mee discussiëren is dan beperkt mogelijk. Meld u zich daarvoor aan per mail bij stollenga@home.nl en dan wordt u de link toegestuurd.