Categoriearchief: Amsterdams drugsbeleid

Geïnstitutionaliseerd stigma drug en druggebruik, coffeeshops

In de verhitte discussies over het terugdringen van het massatoerisme in de Amsterdamse binnenstad wordt steeds vaker de beschuldigende vinger naar coffeeshops gewezen al zouden zij een deel van dat toerisme aantrekken. En dat deel wordt dan ook nog weggezet als laagwaardig toerisme of blowtoerisme of drugstoerisme. Publiek, pers, en politiek roepen in koor dat Amsterdam dit toerisme liever kwijt is dan rijk. Het is helaas zo dat zelfs politieke partijen als de SP, nota bene een van de vier linkse politieke partijen die in het kabinet van burgemeesters en wethouders zitten, hierin meegaat.

Zo laat Tiers Bakker, gemeenteraadslid van de SP, zich in de krant uit: “Haal de coffeeshops weg uit de binnenstad en verplaats ze naar de Zuidas, want daar hebben ze al een lange traditie van druggebruik”

Het is de publieke opinie al zou de hele Zuidas stijf staan van de drugs. Maar welke drugs daarmee bedoelt wordt, door diezelfde publieke opinie, is cocaïne. Dit maakt de uitspraak van dhr Bakker des te bizarder door cannabis en cocaïne op een hoop te gooien. Kennelijk is hij niet op de hoogte van dat coffeeshops juist bedoeld zijn voor het scheiden van de verkoop van cannabis met harddrugs, zoals in dit geval cocaïne. Of hij moet in de veronderstelling zijn dat coffeeshops beide middelen verkopen.

Tenslotte wat betreft dat cocaïnegebruik op de Zuidas ligt in werkelijkheid heel anders. Het valt niet te ontkennen dat in die kringen die daar werken cocaïne gebruikt wordt maar dat heeft meer van doen met de ongelooflijke stress en werkdruk waar deze mensen onder gebukt gaan dan dat zij cocaïne recreatief gebruiken.

 

Het Amsterdamse coffeeshopbeleid, een exportproduct als bijdrage voor een toekomstbestendige binnenstad

In de discussie over hoe de Amsterdamse binnenstad toekomstbestendig gemaakt moet worden voor een ieder die er wonen, werken of anderszins verblijven blijft keer op keer de pijlen gericht als zou drug en druggebruik aangepakt moeten worden voor het verbeteren van het leefklimaat. Was dat voorheen vooral die van het heroïneprobleem en later de “pillen” en cocaïne, de laatste jaren zijn het de coffeeshops waar de vinger naar gewezen wordt. Met zijn open brief in dagblad het Parool richt Jan Mosselaar zijn pijlen op de blowtoeristen als zouden die het Amsterdamse Werelderfgoed verkwanselen door met hun auto,s de Amsterdamse grachten in beslag te nemen daar waar hij zijn tuinstoel wilde neerzetten Met onderstaande open brief reageer ik op zijn open brief

Wat te doen aan de verontwaardiging van de binnenstadbewoner Jan Mosselaar? Van zijn verontwaardiging dat Amsterdam; “ opnieuw haar kilometerslange unieke Werelderfgoed verkwanseld aan al die blagen van blowtoeristen die na de Lockdown weer hun bolides lukraak parkeren op de Amsterdamse grachten en dat zij Amsterdam louter als drugsparadijs beschouwen!”

Wat mij betreft een nogal selectieve verontwaardiging want als hij dat Amsterdamse erfgoed zo uniek vindt waarom dan niet de strijd aangaan tegen al die veel langere kilometers aan koopgoten waar voor een extra 1 meter winkelruimte alle antieke voorpuien in de binnenstad zijn gesloopt en duizenden bovenwoningen daaraan zijn opgeofferd!  En hoe de trend te stoppen dat louter uit speculatief oogpunt woningen opgekocht worden tot zelfs die van een ander uniek fenomeen van de Amsterdamse woningcorporaties zodat de binnenstad nog meer alleen beschikbaar is voor de rijken.

De verschraling van zowel het unieke publieke domein van de Amsterdamse binnenstad als de diversiteit aan sociale klasse van haar bewoners gaat terug tot de jaren zestig. Het bizarre is dat sindsdien de publieke als politieke mores overheerst als zou ( betaalde) seks en drugs de binnenstad “naar de kloten helpen”. En als ik mij nu ook tot die mores beperk heb ik de geschiedenis aan mijn zijde van hoe de Amsterdamse heroïne-epidemie uit de jaren 70 en 80 is aangepakt van het stoppen van de toeloop van verslaafden uit de Bijbelbelt en de rest van Europa. Niet met wapengekletter en morele verontwaardiging maar met het landelijk en Europees bepleiten van het Amsterdamse drugsbeleid van laagdrempelige opvang voor verslaafden, van  heroïneverstrekking, spuitomruilprojecten, enz.

En nu voor het, qua gezondheidsrisico en openbare ordebeleid, onvergelijkbare fenomeen van “coffeeshoptoerisme” vergt ook een aanpak op basis van feiten zoals dat Amsterdam de enige ( hoofd)stad in de wereld is met coffeeshops terwijl cannabis wereldwijd, na alcohol het meest populaire genotsmiddel is (in dat licht zou je dan een enorme overlast in Amsterdam mogen verwachten!).

Nu wereldwijd de legalisering van cannabis volop in beweging is, is met geoefend oog te zien van dat de druk aan buitenlandse consumenten op de Amsterdamse coffeeshop aan het afnemen is. Dus Amsterdamse stadhuis; versnel dit proces en promoot wereldwijd de coffeeshop als integraal onderdeel van het legaliseren van cannabis ( n.b. dit is nog een oude toezegging aan de gemeenteraad van wijlen burgemeester Patijn!). Burgemeester Halsema, ga naar Amstelveen en andere buursteden  en bepleit een regionaal coffeeshopbeleid zodat al die bewoners uit de regio niet afhankelijk zijn van de Amsterdamse coffeeshops. Kaart in Den Haag het volstrekt onevenwichtige spreidingsbeleid van coffeeshops aan van dat Amsterdam niet teveel maar de rest van Nederland te weinig coffeeshops heeft (en nog steeds jaarlijks afneemt!).

Toon politieke moed en overtuig Den Haag dat het experiment van het legaliseren van de achterdeur van coffeeshops een gedrocht is en de resultaten te mager en veel  te lang op zich laten wachten!  Sluit een herenakkoord met de belangrijkste toeleveringsbedrijven van het beperken van de verkooppunten van smartproducten en cannabisprullaria.

In plaats van een bekrompen beleid (zoals de invoering ven het I-criterium van dat toeristen de Amsterdamse coffeeshops niet meer in mogen) moet Amsterdam deze weg inslaan om zowel haar eigen drugsbeleid overeind te houden als een bijdrage te leveren in de wereldwijde ontwikkeling naar het legaliseren van cannabis En als dit beleid nou ook dienstig is aan het terugdringen van de grote en kleine drugscriminaliteit en het verbeteren van het Amsterdamse Leefklimaat zijn er alleen maar winnaars!

 

August de Loor

71 jaar geboren en getogen in de binnenstad en 50 jaar straathoekwerker in diezelfde stad

Geïnstitutionaliseerd stigma drug en drugsgebruik, coffeeshops

Hierbij een passage uit een artikel in de Volkskrant van een paar weken geleden naar aanleiding van dat, na de versoepeling van de lockdown-maatregelen, de Amsterdamse binnenstad weer drukker wordt aan dagjesmensen en toeristen.

ZE ZIJN ER WEER; DE BUDGETTOERISTEN DIE UIT PLASTIC BAKJES ETEN OP TRAPPEN VAN DE ALBERT HEIJN ACHTER HET KONINKLIJK PALEIS. BIJ MADAME TUSSAUDS WEER EEN KORTE RIJ, OP DE GRACHTEN VAREN OPNIEUW BEZOEKERS  MET ONTBLOOT BOVENLIJF IN HUURSLOEPJES, IN DE DAMSTRAAT SISSEN COFFEESHOPHOUDERS ALS VANOUDS TEGEN PASSANTEN; ‘HEY GUYS! SMOKE WEED, DRINK BEER!’

Onder de binnenstad bewoners, lokale politieke partijen en allerlei instellingen tot de dure hotelketens aan toe is tijdens de lockdown van een super stille Amsterdamse binnenstad, een campagne gestart van dat het massatoerisme naar Amsterdam niet meer mag terug komen van met name dat deel van wat zij als laagwaardig toerisme beschouwen. Met dit laatste wordt met een beschuldigende vinger naar de prostitutie op de Wallen en de coffeeshops gewezen al zouden die het zogenaamde laagwaardig toerisme aantrekken. Met bovenstaande passage in het Volkskrant hoe coffeeshopeigenaren als opdringerige personen worden afgeschilderd om toeristen coffeeshops in te lokken krijgt de campagne van de binnenstadbewoners een wel heel makkelijk argument in de schot geworpen.

Maar het is de vraag of dat artikel wel klopt!

ER IS HELEMAAL GEEN COFFEESHOP IN DE DAMSTRAAT PLUS MAG ER AL SINDS EIND NEGENTIGER JAREN GEEN ALCOHOL MEER GESCHONKEN WORDEN IN COFFEESHOPS!!! DAARBOVENOP HEB IK IN MIJN HELE CARRIÈRE NOG NOOIT EEN COFFEESHOPEIGENAAR OP STRAAT GEZIEN DIE OP DEZE MANIER KLANTEN NAAR BINNEN LOKT. IN TEGENDEEL, WAAR COFFEESHOPPERSONEEL OP STRAAT WERKT IS DAT JUIST OM OVERLAST VOOR DE OMGEVING TE VOORKOMEN (EEN SERVICE WAT GROTENDEELS IN OVERLEG PLAATS VINDT MET COLLEGA ONDERNEMERS EN BUURTBEWONERS). EN TENSLOTTE IS ER GEEN SPRAKE VAN ALS ZOUDEN COFFEESHOPS LAAGWAARDIG TOERISME AANTREKKEN ( ZIE DE VELE ARTIKELEN OVER DIT ONDERWERP OP DEZE WEBSITE)

Conclusie: Weer een voorbeeld van geïnstitutionaliseerd stigma van in dit geval ten aanzien van coffeeshops.

Een van de scherpste geesten in het Nederlands drugsbeleid is niet meer! deel 2

Naar aanleiding van de rouwadvertentie voor mijn oud collega Herman Matser  in dagblad Het Parool en de Volkskrant geeft Peter de Waard, senior journalist van de Volkskrant  met onderstaand artikel een ode aan die bijzondere man!

Herman Matser 1952-2020

Hij was een einzelgänger, maar ook de steun en toeverlaat van August de Loor van het roemrijke Adviesburo Drugs in Amsterdam.

Het buro werd in 1986 opgericht – het jaar dat XTC voor het eerst op de markt kwam. Een jaar later kwam Herman Matser in dienst. Hij werd al gauw de XTC-deskundige met het bedenken van een systeem dat gebruikers gewaarschuwd konden worden als er versneden XTC tabletten in omloop waren.

‘Herman was de intellectueel, in mijn ogen een van de scherpste geesten in het Nederlands drugsbeleid. Ik vanaf 1970 de straathoekwerker voor heroïneverslaafden. Hij mijn tegenpool. Daardoor werkten we zo goed samen’, zegt de Loor.
Een voorbeeld. Op een zondagochtend in 2014 kreeg de Loor een telefoontje van de “bazin” van de Amsterdamse Meldkamer dat een toerist was overleden door een wit poeder dat op straat als cocaïne was aangeprezen. Echter het ziekenhuis had een overdosis heroïne als doodsoorzaak door gegeven. ‘Ik  belde Herman die onmiddellijk reageerde dat hier iets totaal niet klopte! Hoe kan dat nou, straatheroïne is bruin en cocaïne is wit?  “We moeten als een gek uitzoeken of dat poeder fentanyl is, of heroïne gejat bij de GGD, of de witte heroïne uit de Gouden Driehoek die populair is in de hogere gebruikerskringen van Amsterdam en een levensgevaarlijke straatdealer nu als cocaine aan toeristen verkoopt!!” En dat laatste bleek het geval te zijn. Zo konden per omgaande de eerste hulpposten geïnstrueerd worden en een campagne gestart  om toeristen voor dit gevaar te waarschuwen.’ Ruim dertig jaar werkte De Loor met hem samen.
Anita Hoogeboom raakte twintig jaar geleden met hem bevriend. ‘Hij was een soort broer voor mij. Zijn kookkunst was onovertroffen. Voor mijn dochter was hij ook een soort leraar. Ze kon altijd bij hem aankloppen.’ Vijf jaar geleden kreeg hij een ernstige infectieziekte waardoor hij wekenlang op de ic in het ziekenhuis lag. De jaren die hij daarna had, zag hij als een bonus. Twee jaar geleden ging Matser met pensioen. Op 2 juni overleed hij aan een hartstilstand.
Matser werd geboren in Arnhem. Zijn vader was een ondernemer, zijn moeder kwam uit een geprivilegieerd intellectueel nest. Hij was enig kind.
Behalve dat hij hoogbegaafd was, kon hij ook op jonge leeftijd virtuoos op de piano spelen. ‘Op het gymnasium was hij dol op het vak scheikunde. Het lukte hem zelf explosieven te maken. Bij een ontploffing verloor hij echter enkele vingers waardoor zijn muzikale carrière in duigen viel’, zegt zijn nicht Marriette van der Kooij.
Na een studie internationaal recht trok hij naar Pakistan, waar hij zich terugtrok bij een bergvolk. Hier raakte hij geïnteresseerd in het soefisme. Terug in Nederland werd hij de Rik van de Rik & Raldo show van VPRO radio nachtprogramma over wereldmuziek.
August de Loor hoorde dat – ‘ik hield van dat programma als ik weer eens in de nacht aan het werk was in de wereld van heroïneverslaafden’ – en kwam in contact met hem en vroeg hem voor zijn Adviesburo. Van der Kooij noemt haar neef ‘iemand die ontzettend op zichzelf was’. ‘Hij was ook een dwarsligger, een beetje anders. Daarom mocht ik hem graag, hoewel hij weinig contacten onderhield met zijn familie.’
Bij De Loor voelde hij zich in zijn element. Niemand had zoveel kennis en inzicht over al die verschillende drugsmarkten van heroïne tot de nieuwste uitgaansdrugs. Met Matser stond hij aan de wieg van talloze initiatieven van vele Aidspreventieprojecten voor junkies, het dagelijks drugstestspreekuur voor alle soorten druggebruikers, de Safe House Campagne van het testen van XTC op grote evenementen, van drugs EHBO training, van training van personeel van House Parties, coffeeshops, smartshops, enz.
Altijd kon De Loor op de kennis van Matser rekenen die bijna 200 duizend drugstesten zou doen. Daarnaast was hij een vraagbaak voor journalisten als er weer nieuwe drugs op de markt verschenen of de handel zich verplaatste. Hij kon onterechte paniek indammen en alarm slaan als er wel reden was voor zorg. Hiermee redde hij vele levens.

july 2020  Peter de Waard

Podcast: August de Loor gaat los over 65 jaar drugs en drugsbeleid

Onder leiding van onderstaande twee heren, initiatiefnemers van een wel heel bijzondere Podcast word ik ondervraagd over mijn carrière, wat begon eind jaren 60 van de vorige eeuw als straathoekwerker in de Amsterdamse volkswijk de Pijp en de rest kan je horen van meer dan anderhalve uur dwalen door de decennia van wat zich allemaal aan ontwikkelingen hebben afgespeeld binnen de afzonderlijke drugsmarkten en welke projecten en initiatieven ik daarbinnen heb opgezet en welke visie daarachter schuil gaat.  Veel luisterplezier zou ik zeggen!!!

August

Aflevering #22 van ‘High Tea met Derrick & Rens’ als gastheren en interviewers en vooral met hun eigen deskundigheid en gezelligheid!!. Via de website: http://highteapotcast.nl/22-met-drugsexpert-august-de-loor/

Je kunt de aflevering ook via YouTube beluisteren, via deze link: https://youtu.be/JPnCbHaO5aE

 

 

LOCK DOWN Logboek drug en druggebruik nr 6 Coffeeshops, status Apart

In Lock Down logboek nr 4 staat de brief van de voorzitter van de Amsterdamse coffeeshopbond ( BCD) aan de minister van Zorg met een pleidooi van dat coffeeshops eerder dan de door de regering geplande datum van 1 September hun horecafunctie weer kunnen starten. Op 10 juni heeft de minister geantwoord met dat de regering geenszins van plan is om dit te honoreren en dat zonder ook maar een enkel motief.

Klik hier om de brief in te zien

Hierbij mijn commentaar op deze brief, een commentaar deels afkomstig uit mijn reactie aan het bestuur van de BCD hoe zij op de brief van de minister zouden moeten reageren.

De brief van de minister als antwoord op die van de BCD brief beschrijft in feite alleen maar de reguliere procedures en aanleidingen waarop de maatregelen van de Lock Down versoepeld worden. Het is een beschrijving die de laatste maanden tot de standaard uitleg van de voorlichtingsafdeling van de regering gerekend kan worden. Het is zodoende ronduit beledigend hoe de minister zich zo nietszeggend tot de coffeeshopbranche richt ( n.b. en dan nog ook een minister van de PvdA!)

De minister geeft geen enkele toelichting waarom de horecafunctie van de coffeeshops pas weer open mag per 1 september en wat de aanleiding is om coffeeshops anders te behandelen dan de reguliere horecagelegenheden.

Met als reden van; “ik zie geen aanleiding om extra openingen toe te staan” sluit hij zijn brief af waarmee hij in feite de coffeeshopbranche als een volstrekt geïsoleerd fenomeen wegzet terwijl hij eerder in zijn brief tot twee keer toe de coffeeshops een horecafunctie toedicht, wat hem de “plicht” geeft om toe te lichten waarom hij de coffeeshops niet overeenkomstig behandeld als cafés, restaurants die al op 1 juni open mochten.

Maar het antwoord van de minister is ook in een ander opzicht verbijsterend. Zonder volledig inzicht in de correspondentie van bijvoorbeeld de sportscholen, wellness centra, de kermisexploitanten overstijgen de argumenten van de coffeeshopbranche voor het versoepelen van de Lock Down maatregelen voor haar sector verre haar eigen directe commerciële belang. De argumenten die de BCD de minister aanreikt betreffen zowel de (hoofd)doelstellingen van het Nederlandse drugsbeleid, jeugddrugspreventiebeleid als het openbare ordebeleid. Als de minister wel bovengenoemde sectoren uitnodigt voor overleg en de coffeeshopbranche volstrekt negeert is dit niet alleen nadelig voor het desbetreffende onderwerp maar ook uitermate verontrustend  hoe het Nederlandse softdrugs- en coffeeshopbeleid zich verder zal ontwikkelen onder een regering als deze. En dat die zorg zeer reëel is moge duidelijk zijn dat Premier Rutte bij de persconferentie op 6 mei over de versoepeling van de Lock Down maatregelen de coffeeshopbranche zelfs geen ENKELE keer genoemd heeft.

Even zorgelijk is dat ook de media, de verantwoordelijke instanties voor het Nederlandse drugsbeleid dit zonder enige reactie laten passeren, een indicatie in hoeverre de coffeeshopbranche nog op politiek/bestuurlijk/maatschappelijk draagvlak kan rekenen.

geïnstitutionaliseerd racisme en geïnstitutionaliseerd stigma

 

geïnstitutionaliseerd racisme en geïnstitutionaliseerd stigma

Dat eerste begrip begint, overgewaaid uit de USA, na jarenlange aarzeling eindelijk meer vaste voet aan de grond te krijgen in Nederland bij pers, publiek en politiek! Nu nog dat van geïnstitutionaliseerd stigma over zowat alles wat met drug en druggebruik te maken heeft ( ik zit nu precies 50 jaar in dit vak met als bizarre constatering van dat dat stigma over drugs sindsdien alleen maar toegenomen is, terwijl nota bene de extremiteit van dit fenomeen de afgelopen decennia afgenomen is, zoals dat de heroïnegolf aan junkies tussen 1973 en 1985 allang achter ons ligt.

Voorbeelden te over over dit hardnekkig stigma zoals de recente Veiligheidsmonitor 2020 enquête van het onderzoeksbureau van de gemeente Amsterdam met vragen voor de bewoners in Amsterdam en naburige steden van wat zij als meeste overlast ervaren in de directe omgeving met in het rijtje voorbeelden zoals hondenpoep de volgende omschrijving van; Drugsgebruik of drugshandel, bijvoorbeeld op straat of in coffeeshops?

Op deze omschrijving over overlast door coffeeshops is een spervuur aan commentaar te leveren zoals dat de opstellers van deze monitor kennelijk geen onderscheid maken tussen de   praktijken van straatdealers in de verkoop van harddrugs ( met vaak tot intimidatie en geweld aan toe met alle overlast voor de directe omgeving) met die van de legale verkoop en consumptie van cannabis in coffeeshops en dat laatste de dagelijkse praktische, succesvolle uitvoering is van een van de belangrijkste doelstellingen van het Nederlandse drugsbeleid van de scheiding tussen de markten van die van softdrugs met die van harddrugs. Kortom daar waar de coffeeshops onder andere bedoeld zijn als wapen tegen straathandel wordt dat in deze enquête op een hoop gegooid!

Daarnaast valt in de enquête op dat waar bij alle andere voorbeelden die de bewoners mogen aanvinken een directe verwijzing wordt gegeven naar vormen van overlast dit bij drugsgebruik en drugshandel ontbreekt. Kortom, kennelijk wordt door het onderzoeksbureau per definitie drugsgebruik al als overlast beschouwd. Met daar bovenop nog dat drugsgebruik en drugshandel van wat zich binnen de coffeeshop afspeelt ( dus zich per definitie onttrekt aan de directe waarneming van de buurtbewoner) dit door de onderzoekers toch als (straat)overlast beschouwd wordt, BIZAR!

Dit alles krijgt een nog meer macaber karakter van dat de vraag aangaande de eventuele overlast van cafés “weggestopt” is in; hinder van horecagelegenheden zoals cafés, restaurants of snackbars, terwijl het toch duidelijk moet zijn dat van cafés  specifieke vormen van overlast uitgaan. Daarbij wordt er hier ten opzichte van coffeeshops duidelijk met twee maten gemeten. Daar cafés in velerlei opzichten dezelfde functies hebben als coffeeshops worden in de overlastenquête cafés gerangschikt onder snackbars en coffeeshops onder straatdealers

En zo valt er op deze enquête nog veel meer aan te merken aan suggestieve vraagstelling met het risico van dat coffeeshops als meest overlast gevend uit de enquête naar voren komt in zelfs de steden rond Amsterdam zonder coffeeshops. Want als elke nuance ontbreekt en coffeeshops en straatdrugshandel op een hoop gegooid wordt met daarbij dat er geen onderscheidt gemaakt wordt tussen soft- en harddrugs is de toedichting van dat hier sprake is van geïnstitutionaliseerd stigma op zijn plaats. En dan is het voor de buurtbewoner die moet kiezen tussen hondenpoep of drugsgebruik en drugshandel, bijvoorbeeld op straat of in coffeeshops haast een belediging om die hondenpoep aan te vinken ( zelfs voor die bewoners die honden haten!)

En dan te weten dat het onderzoeksbureau die deze enquête heeft opgesteld ook het onderzoek heeft uitgevoerd naar de toeristenpatronen in de Amsterdamse binnenstad waarbij zij wetenschappelijk hebben aangetoond van dat het laagwaardig deel van dit toerisme afkomt op de coffeeshops in de stad met als bijeffect van een alom oproep uit de samenleving, belangengroepen Amsterdamse binnenstad en wetenschappers zoals Hoogleraar Tromp van dat Amsterdam het I-criterium moet invoeren van dat het toeristen verboden wordt om nog coffeeshops te bezoeken.

Ach ja, als je als onderzoeksbureau van het Amsterdamse stadhuis geen onderscheid maakt tussen coffeeshops en straatdealers dan kan het zelfs zover gaan van dat dit tot de oproep leidt van dat het alle Amsterdammers verboden wordt om die LEVENSGEVAARLIJKE Amsterdamse binnenstad te bezoeken.

EEN ODE AAN HERMAN VAN VRIEND/COLLEGA DRUGSTESTER

BIJ HET DE LAATSTE EER BEWIJZEN VAN HERMAN HEEFT ZIJN VRIEND/COLLEGA MEDEWERKER SAFE HOUSE CAMPAGNE, ADVIESBURO DRUGS ONDERSTAANDE  WOORDEN GESPROKEN

Herman,

Een reis, een leven, Duizenden kilometers van Amsterdam naar Karachi Van Rotterdam naar Utrecht Meer dan 40 jaar vriendschap

Urenlange klanken op banden, cassettes en CD’s Solina String, Korg Trinitron acht en halve vinger en echo’s tot ver in Australië.

Acterend in vele hoorspelen als dominee, Freek, Raldo of Harm Rul achter de camera in het Kralingense bos, of ver weg bij een heilig graf in Pakistan

Ina Boudierbakker, Noppenstraat, Heemraadssingel, Hooggraven Herinneringen Camel na camel , als een blow door de tijd.

Op zoek naar mysterieuze alkaloïden in exotische planten En sneltesten op drugs belandden we in Amsterdam Jij eerst, ik wat later, bij August de Loor Honderden party’s, vele decibels, Safe House Campagne, Dagelijks drugstestspreekuur, 190.000 drugstesten

Muzikant, Filosoof, inspirator

Herman,

vriend Vaarwel

Abel Arkenbout

Herman, een van de scherpste geesten van het Nederlandse drugsbeleid is niet meer

Herman was niet alleen mijn linker- en rechterhand in het bedenken van nieuwe projecten maar ook dat het Adviesburo het meest laagdrempelige spreekuur had voor gebruikers van welke soort drugs dan ook, van maandagmorgen 10 uur tot vrijdagmiddag 5 uur met tussen 1987 en 1999 haast elk weekend het, in het kader van de SAFE HOUSE CAMPAGNE ( Safe Use, Safe Drive en Safe seks) testen van XTC op House Parties ( van 3000 tot meer dan 100.000 bezoekers) overal en nergens in het land ( met dat nog recent is berekend dat tot het stoppen van het drugstestspreekuur op 1 januari 2016 meer dan 190.000 drugstesten zijn uitgevoerd).

En als je daarbij al die andere projecten, gericht op de andere drugsmarkten dan die van uitgaansdrugs, erbij optelt is het het meest opmerkelijke van dat hij zich vanaf 1987 geen dag ziek heeft gemeld met nog belangrijker van dat alles met een open geest benaderd werd en nog belangrijker dat hij en ik ongenadig veel gelachen hebben over wat er allemaal op ons afkwam, een soort lachen wat elk dossier een extra dimensie gaf!!

 

Beste Herman, je hebt geen idee voor wat je voor mij en de samenleving betekend heeft

Mijn diepe, oprechte dank daarvoor met als we weer eens tegenover zoveel misvattingen, vooroordelen, foute projecten, vrijblijvendheid, oppervlakkigheid aanliepen jij altijd predikte; “ze weten niet wat ze niet weten dus ook hun nieuwsgierigheid om het wel te weten te komen!”

 

Je gabber!   August

 

Lock Down Logboek drug en druggebruik nr 4 coffeeshopbeleid

Afgelopen week is een dringende oproep gedaan door de Amsterdamse bond van coffeeshopeigenaren (BCD) van dat coffeeshops per 1 juni weer klanten mogen toelaten voor het consumeren van cannabis. Het is nu zo van dat dit pas na de zomer op 1 september mag. Hieronder de brief met de argumenten voor die oproep.

Minister voor Medische Zorg
Geachte heer Van Rijn,

ln uw hoedanigheid als minister voor Medische Zorg bent u verantwoordelijk voor het onderwerp drugs (cannabis) en voor het coffeeshopbeleid. Daarom schrijf ik u deze brief.
ln het besef dat de regering keer op keer een uiterste inspanning moet plegen om de juiste keuzes te maken in het beteugelen van het Coronavirus wil ik u graag wijzen op het volgende. Op 6 mei heeft het kabinet aangegeven dat per 1 juni bioscopen, restaurants, cafés en culturele instellingen (zoals concertzalen en theaters) weer open mogen, inclusief de horecafunctie.
Aangezien de coffeeshops, die allemaal beschikken over een exploitatievergunning voor de horeca, zowel wat betreft de wetgeving als het dagelijks functioneren te vergelijken zijn met de hierboven genoemde bedrijven en instellingen, heeft het mij zeer verbaasd dat zij ontbreken in dit rijtje.

Opvallend genoeg zijn coffeeshops gerangschikt onder casino’s, fitnessclubs, sauna’s, wellness centra en sekswerkers, met als gevolg dat de coffeeshops, wat de horecafunctie betreft, pas weer open mogen vanaf 1 september.

Op 16 maart kwam het kabinet binnen 24 uur tot het inzicht dat het beter was alle coffeeshops geopend te houden als borging voor het continueren van het beleid rond de scheiding der markten, door het afhalen van cannabis alsnog toe te staan. ln dat kader wil ik graag benadrukken dat ook de horecafunctie van coffeeshops (het binnen een sociaal controleerbare omgeving consumeren van softdrugs) een essentieel onderdeel is van de scheiding der markten en een belangrijke rol kan spelen bij het beperken van de nadelige gevolgen van de lockdown.

Set en setting zijn van invloed op het gebruik van genotmiddelen, met als risico dat wanneer de setting wegvalt (zoals bijvoorbeeld het café bij alcohol en de coffeeshop bij cannabis)  problematisch gebruik toeneemt. Dit geldt des te meer, nu de coffeeshops al maanden gesloten zijn. De ontwrichting van de sociale en economische verbanden en de toename van stress die gepaard gaat met de lockdown kan worden tegengegaan door een terugkeer naar de normale situatie. Het weer kunnen consumeren van cannabis in de vertrouwde setting van de favoriete coffeeshop levert een belangrijke bijdrage aan het reduceren van stress. Dit wordt bevestigd door onderzoek van het Trimbos-instituut van eind april

Bovendien is de zomer in aantocht. Met alle extra vrije tijdsbesteding in de publieke ruimte zal het openen van de coffeeshops per 1 juni zorgen voor minder blowen in openbare parken en pleinen, met als gevolg minder risico op meeroken door minderjarigen, minder risico op straatdealers die allerhande andere drugs aanprijzen en minder overlast voor al die andere mensen die van dezelfde publieke ruimte gebruik willen maken.

Ook wat betreft de private ruimte is er voldoende aanleiding om de horecafunctie van de coffeeshops weer zo snel mogelijk toe te staan. Waar de laatste gegevens wijzen op een toename van huiselijk geweld en burenoverlast onder invloed van alcohol, is het bij cannabis vooral de ergernis van wietdampen op de overloop van huizen of flats. Het hardnekkige stigma rond het gebruik van cannabis leidt ertoe dat dit afbreuk doet aan de sociale cohesie in de buurt, ondanks de beperkte mate van overlast.
Kortom, het zo snel mogelijk toestaan van de horecafunctie van coffeeshops leidt tot minder consumptie ven cannabis, zowel in de publieke als in de private ruimte. Dit is geheel in lijn met het drugsbeleid van de regering, dat er immers op gericht is het drugsgebruik onder jongeren zoveel mogelijk terug te dringen. Met al die puberende, niet schoolgaande jongeren die nog maanden thuis zitten of in het park, komt het J criterium (18+) van de gedoogcriteria van het coffeeshopbeleid zeer goed van pas.

Mocht u er nog aan twijfelen of de coffeeshopbranche in staat is de heropening per l juni 2020 naar behoren uit te kunnen voeren, dan wil ik u graag wijzen op de ervaringen van 16 maart 2020. Binnen 24 uur waren alle coffeeshops in Nederland weer open en “Coronaproof” voor zowel personeel als klanten.

Op grond van het bovenstaande verzoek ik u om binnen enkele dagen duidelijkheid te verschaffen waarom het kabinet coffeeshops heeft gerangschikt onder sauna’s, fitnessclubs en sekswerkers en aan te geven wat de argumenten en beweegredenen zijn geweest om coffeeshops niet per l juni te openen, net als andere, reguliere horecagelegenheden, maar pas per 1 september.

Verder is mij opgevallen dat het kabinet de afgelopen weken regelmatig overleg heeft gevoerd met vertegenwoordigers van allerlei sectoren. Het op deze wijze afstemmen van beleid is goed voor het bestrijden van het Coronavirus en voor het creëren van draagvlak binnen de afzonderlijke sectoren. Helaas moet ik constateren dat er geen overleg heeft plaatsgevonden met de coffeeshopsector, terwijl dit wel verwacht had mogen worden, zeker na de recente ervaringen rond het sluiten van de coffeeshops en de gevolgen van dat besluit. Bij deze dring ik er dan ook met klem op aan om vanaf nu de coffeeshopsector te betrekken bij het opstellen van nieuw beleid, zeker in deze voor een ieder onzekere tijden.

Namens de Bond van Cannabis Detaillisten (BCD)

Simone van Breda Voorzitter